Bij deze reportage
Uit de shop
Hoe kon een slaperig eilandje uitgroeien tot een welvarende stadstaat?
Als je een Singaporees van zijn geliefde vissenkopcurry wilt laten opkijken, of een getergde taxichauffeur plotseling op de rem wil laten trappen – vertel hem dan maar eens dat je de ‘minister-mentor’, Lee Kuan Yew, gaat interviewen en je graag wilt weten wat je hem moet vragen. De MM? Hè? Ga je naar de MM? Echt waar? LKY, zoals hij in het op acroniemen verzotte Singapore wordt genoemd, is meer dan een ‘vader des vaderlands’. Hij is de ontwerper van de staat en lijkt deze met wetenschappelijke precisie te hebben samengesteld uit afgemeten uit afgemeten porties van de Politeia van Plato, anglofiel elitarisme, onwrikbaar economisch pragmatisme en ouderwets gewelddadige onderdrukking. Singapore wordt wel het Zwitserland van Zuidoost-Azië genoemd. Het eiland op het zuidelijkste puntje van het Maleisisch Schiereiland werd in 1963 onafhankelijk van Groot-Brittannië, om in één generatie van een door malaria geplaagd moerasgebied te veranderen in een uitermate efficiënte samenleving. De 3,7 miljoen inwoners hebben per hoofd een hoger inkomen dan die in de meeste Europese landen, en het onderwijs en de gezondheidszorg steken die van het Westen naar de kroon. De overheid is vrij van corruptie, 90 procent van de huishoudens bezit een eigen huis, de belastingen zijn relatief laag, de straten zijn schoon, en daklozen of sloppenwijken zijn er niet te zien. De werkloosheid is met 3 procent laag, en het land kent een aanzienlijke financiële reserve dankzij een door de overheid opgelegd spaarplan.
mister-mentor, Lee Kuan Yew, interview, Singapore, Mark Jacabson, David McLain,
mister-mentor, Lee Kuan Yew, interview, Singapore, Mark Jacabson, David McLain,
Lees het volledige artikel
National Geographic magazine Editie Januari 2010
€ 4,70 Bestel in webshop ›




