Zodra het kwik een paar graden onder nul kruipt, trekken de Nederlanders de schaatsen uit het vet.
Het schaatsen lijkt een onlosmakelijk onderdeel van de Nederlandse identiteit en op professioneel niveau behoren Nederlandse schaatsers al sinds jaar en dag tot de absolute top. De geschiedenis van de sport ligt dan ook voor een groot deel op Nederlandse bodem.
De schaats werden zeker meer dan drieduizend jaar geleden uitgevonden. Exemplaren van schaatsen uit die tijd, gemaakt van dierenbotten, zijn voornamelijk aangetroffen in Nederland, Zweden en Noorwegen. Het vele water in deze landen maakte het voor mensen noodzakelijk om een effectieve manier te vinden om zich over ijs te verplaatsen.
Hoewel de oudste exemplaren zijn gevonden in Scandinavische landen, heeft de schaats zich vooral in Nederland ontwikkeld. Dit heeft waarschijnlijk met het Nederlandse landschap te maken: het uitgebreide netwerk van ondiepe sloten en kanalen bevroor snel in de koude winters van de Late Middeleeuwen, waardoor schaatsen niet alleen een snelle, maar ook een goedkope manier was om te reizen tussen de verschillende dorpen. De ijzers waren immers veel minder duur dan paarden. Historici stellen dat tot de uitvinding van de fiets, een ander typisch Nederlands vervoermiddel, de schaats de populairste vorm van transport was.
Het gebruik om van dorp tot dorp te schaatsen heeft in Friesland geleid tot een tocht die we onderhand allemaal kennen: de Elfstedentocht. Officieel bestaat de route sinds 1909, toen de Koninklijke Vereniging de Friesche Elfstedentocht werd opgericht en de tocht voor het eerst georganiseerd plaatsvond. Het gebruik om langs de elf Friese steden te schaatsen is echter al veel ouder: weerhistoricus Jan Buisman stelt dat zo’n tocht voor het eerst in de ijskoude winter van 1740 plaatsvond. Ook zijn er historische aanwijzingen dat op verschillende momenten in de negentiende eeuw schaatsers de elf steden langs zijn gegaan.
De vraag of deze tocht over het ijs kan worden gereden, duikt elke winter weer op. Helaas lijkt het huidige klimaat er weinig gelegenheid toe te geven: de laatste keer dat het weer dit toestond was alweer vijftien jaar geleden, in 1997. Tussen die tocht en de voorgaande zat meer dan tien jaar. Hoewel berekeningen van het KNMI erop wijzen dat de gemiddelde wintertemperatuur in Nederland de komende eeuw zal stijgen, heeft klimaatonderzoeker Theo Brandsma op basis van de klimaatscenario’s van het IPPC berekend dat we de komende veertig jaar toch zo’n drie tot zes Elfstedentochten kunnen verwachten. Of dat dit jaar zal zijn, is voorlopig nog even afwachten.
De foto is gemaakt door FotoCommunity-lid Alfons Paesen. Bekijk hier zijn andere foto's.








