lezen Ver verleden

Noormannen in Dorestad

Bekijk Sluit

lezen Ver verleden

Dorestad is uit de geschiedenisboeken bekend als de plaats die in de Vroege Middeleeuwen regelmatig door de Noormannen werd geplunderd. Wat maakte Dorestad zo interessant?

Datum
Auteur
Servaas Neijens
Fotograaf
Servaas Neijens

“Geschreven bronnen vermelden ten minste zestien overvallen op Dorestad tussen 834 en 863”, zegt Annemarieke Willemsen, conservator Middeleeuwen van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. “Dorestad was in die tijd de grootste stad van Noordwest-Europa en was rijk door de handel.” Hoe had deze stad met 2500 inwoners haar belangrijke positie verworven? 

In de Vroege Middeleeuwen waren de Lage Landen verdeeld in twee machtsgebieden. In Frisia, een brede kuststrook van de Weser in Noord-Duitsland tot het Zwin in België, waren de Friezen de baas. Grote delen van hun land bestonden uit getijdengebieden en veen; permanente bewoning was alleen mogelijk op hogergelegen duinen, zandruggen en terpen. Het Frankische Rijk omvatte de drogere delen van Nederland en het overgrote deel van België.

Dorestad, gelegen aan de splitsing van de Rijn en de Lek, vormde een belangrijk kruispunt in de handelsstromen van die tijd. Het Frankische achterland was via de Kromme Rijn, de Vecht en het Aelmere (de latere Zuiderzee) verbonden met Frisia. Een andere route, via de Lek en de Noordzee, maakte handel mogelijk tussen het Rijnland en Engeland en Neustrië, zoals het Frankische Rijk tussen Schelde en Loire werd genoemd. In 695 wordt het Friese Dorestad door Pepijn de Korte veroverd en bij het Frankische Rijk gevoegd. 

Door de gunstige ligging van Dorestad was de handel in de achtste eeuw flink toegenomen, maar de grootste bloeiperiode van de stad waren de jaren 800-840. Langs de oevers van de rivier was een drie kilometer lange handelshaven ontstaan. Smalle kaden staken in het water, met daarbovenop opslagruimten en werkplaatsen van ambachtslieden. Wanneer de havens verzandden, werden de kaden verder de rivier in gebouwd. Er werden wijn, laken, voedingsmiddelen, smeedwerk (onder meer Frankische zwaardklingen) en allerhande gebruiksvoorwerpen verhandeld. De zwaardklingen werden overigens ook verkocht aan de Vikingen die ze thuis verder bewerkten. “Zo werden Franken bij Vikingaanvallen soms door hun eigen staal geveld”, vertelt Willemsen. Dorestad had ook een belangrijke munt: er werd geslagen voor onder meer Pepijn de Korte, Karel de Grote en Lodewijk de Vrome. Sommige munten vonden een weg tot ver in Rusland.

In 1842 kwam een eerste aanwijzing aan het licht voor de locatie van Dorestad, maar de enorme omvang ervan werd pas duidelijk tijdens opgravingen die begonnen in 1967, op locaties voor nieuwbouwwijken van Wijk bij Duurstede. Deze grootste opgraving die Nederland ooit heeft gekend, leverde onder meer 150.000 houten palen op. “In Dorestad zijn skeletten gevonden van ongeveer 2500 individuen”, zegt Willemsen. “Er wordt nu onderzoek naar gedaan om te bepalen waar de inwoners vandaan kwamen. Ik vermoed dat er een vermenging van volken is geweest. Het was een heel dynamische tijd.”

Rond 850 komt Frisia in handen van Rorik en Harald, ‘Deense prinsen’, zoals ze in documenten uit die tijd worden genoemd. “Die benaming lijkt erop te duiden dat de vroegere plunderaars hun gedrag hadden aangepast aan de heersende gebruiken.” Er ontstond steeds meer onderling contact tussen de bevolkingsgroepen. Dorestad werd ook een centrum van kerstening. “Om dat voor de Noormannen aantrekkelijker te maken, werd er een ‘halve bekering’ ingevoerd”, zegt Willemsen. “Ze mochten slaven blijven houden en paardenvlees eten.” Door zich te laten dopen “hadden ze voortaan ook het recht handel te drijven met christelijke kooplui en kerken te betreden.”

Van de vele plunderingen in Dorestad zijn niet echt tastbare bewijzen bewaard gebleven. “We kennen ze natuurlijk wel uit de kronieken,” zegt Willemsen. “De enige plaats waar we fysiek bewijs voor een plundering kunnen koppelen aan geschreven bronnen is Zutphen.” Daar werd een brandlaag gevonden die kan worden verbonden aan een plundertocht in 881-882, waarop ook Deventer, Nijmegen, Maastricht en Aken het moesten ontgelden. Dorestad was toen al vervallen tot een agrarisch dorp. Zijn roem zou duizend jaar verborgen blijven. 

In museum Dorestad in Wijk bij Duurstede is het interieur nagebouwd van een woning uit de tijd van de noorman-invasies.


Bekijk ook

Ads for you!

Beste bezoeker,

We zien dat je waarschijnlijk een adblocker of andere software gebruikt die onze banners ontregelt.
Dat vinden we jammer, hiermee missen we inkomsten voor onze site die we hard nodig hebben.
Merk daarom onze site als 'veilig' aan en volg deze instructies.

Dankjewel voor je tijd.
National Geographic Nederland/België

Sluiten