Dieren

Hackende stropers: de gevaren van het tracken van wildlife

Bij de bescherming van wilde dieren is het handig om continu op de hoogte te zijn van hun locatie. In een nieuwe studie uiten onderzoekers hun bezorgdheid over gps-tracking en andere beschermingsmethoden. Cybercriminaliteit ligt op de loer. donderdag, 6 april

Door Jani Actman / Paul van Beem

Met moderne observatiemethoden als gps-tracking kunnen onderzoekers tegenwoordig de exacte locatie van een dier bepalen. Dit gebeurt bijvoorbeeld in Zuid-Afrika, waar trackers zijn geïmplanteerd in de hoorn van neushoorns, om te voorkomen dat stropers de dieren vinden. Beschermers krijgen een melding als er sprake is van ongebruikelijk gedrag.

Dergelijke informatie is niet alleen voor natuurbeschermers zeer bruikbaar, maar ook voor stropers. Althans, zo waarschuwen onderzoekers in een studie in het tijdschrift Conservation Biology. Hierin behandelen ze de gevaren van het op grote schaal tracken en taggen van bedreigde diersoorten, waarbij de focus vooral ligt op cybercriminaliteit. “Als stropers weten waar dieren zich bevinden kunnen ze daar eenvoudig misbruik van maken”, stelt hoofdauteur Steven Cooke, verbonden aan Ottawa Carleton University.

Hackende stropers

Volgens de auteurs is niet bekend hoe vaak hackers hebben geprobeerd toegang te krijgen tot dergelijke informatie. Men verwijst wel naar een zaak uit 2014, waarbij hackers – zonder succes – de locatie van een Bengaalse tijger in een Indiaas tijgerreservaat probeerden te achterhalen. Sindsdien worden drones en sensoren ingezet om indringers in het reservaat op te sporen. Cooke: “Wetenschappers hebben in het verleden onvoldoende nagedacht over de gevolgen van het verzamelen van dergelijke gegevens.” 

Maar er zijn volgens de auteurs meer manieren om misbruik te maken van de situatie. Dat gebeurde bijvoorbeeld vorig jaar, toen fotografen in Canadese nationale parken radio-ontvangers gebruikten om signalen van getrackte (in dit geval gekraagde) beren, wolven en elanden op te vangen, waarna het gebruik van dergelijke apparatuur in de parken werd verboden. En in Australië kregen de plaatselijke autoriteiten toestemming een haai te doden die vaak vlakbij de kust zwom, en een gevaar zou hebben gevormd voor strandgangers. Volgens wetenschappers was het dier allesbehalve gevaarlijk, en zou het verantwoordelijke agentschap misbruik hebben gemaakt van de data die via de tag binnenkwam. 

Openbare informatie

De auteurs spreken ook hun twijfel uit over het openbaar maken van bepaalde trackingsdata. Steeds vaker zijn de gevolgen van trackingtechnologieën ook (gratis) voor iedereen toegankelijk. Enerzijds is het noodzakelijk betrouwbare informatie te beschermen, maar anderzijds is er – zeker in de huidige tijd – de drang onder wetenschappers om transparant te zijn. “We proberen het publiek enthousiast te maken voor de wetenschap en natuurbescherming door transparant te zijn,” laat Cooke weten. “Daarom is het belangrijk dat we ook de problemen aan de kaak stellen.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Volg Ons