Op het terrein van het Servisch-orthodoxe klooster Visoki Dečani in West-Kosovo ruimt een jonge monnik vers gevallen sneeuw. Het veertiende-eeuwse klooster, dat ligt in uitsluitend door Albanezen bewoond gebied en dat streng wordt bewaakt door Italiaanse KFOR-militairen, is met zijn prachtige fresco’s een van de fraaiste orthodoxe monumenten op de Balkan en prijkt sinds 2004 op de Unesco-werelderfgoedlijst. De monniken mogen van bisschop Artemije, de hoogste kerkvorst in Kosovo, alleen met zijn toestemming met buitenstaanders (zoals journalisten) over ‘gevoelige onderwerpen’ praten. Artemije is fel gekant tegen samenwerking met de autoriteiten van Kosovo en wil voorkomen dat geestelijken publiekelijk een afwijkend standpunt uitdragen.