Lang nadat onze steden tot gruis zijn vergaan, zal de 'voetafdruk' die de mens op aarde achterliet nog zichtbaar zijn. We zijn getuigen van de geboorte van een nieuw geologisch tijdvak.
Experts op het gebied van de stratigrafie zijn niet zo gemakkelijk van hun stuk te brengen. Zij proberen de geschiedenis van de aarde te reconstrueren uit aanwijzingen die ze destilleren uit miljoenen jaren oude aardlagen. Ze kijken daarbij ver terug en weten dat alleen zeer ingrijpende gebeurtenissen een ondubbelzinnige en duurzame sporen achterlaten.
Dergelijke crises markeren cruciale episoden in de geschiedenis van de aarde, keerpunten die ons in staat stellen de 4,5 miljard jaar durende aardse historie te verdelen in behapbare ‘hoofdstukken’. Veel wetenschappers zijn tot het inzicht gekomen dat de mens nu zélf zo'n keerpunt vormt. Dat wij de planeet in de afgelopen twee eeuwen zo ingrijpend hebben veranderd dat er een nieuw tijdvak is ingeluid: het Antropoceen.
Welke conclusies, vraag ik me af, zullen geologen in de verre toekomst trekken over ‘ons’ tijdvak? Is het een geleidelijke overgang geweest, zoals er tientallen waren, of zal er een scherp gemarkeerde aardlaag te zien zijn waarin overduidelijk ‘gruwelijkheden’ zijn voorgevallen, vergelijkbaar met die van de massa-extincties? Het woord Antropoceen werd een jaar of tien geleden bedacht door de Nederlandse wetenschapper Paul Crutzen (1933), die voor zijn onderzoek naar de oorzaak van het gat in de ozonlaag is onderscheiden met een (gedeelde) Nobelprijs voor de Scheikunde. Op een dag woonde hij een wetenschappelijk congres bij.
De voorzitter had het steeds over het Holoceen, het tijdvak dat 11.500 jaar geleden begon, tegen het einde van de laatste ijstijd, en dat – officieel althans – tot op heden voortduurt. Crutzen herinnert zich het nog goed: “Ineens gooide ik het eruit: ‘Houd toch op,’ zei ik. ‘Het Holoceen is verleden tijd. We zitten in het Antropoceen.’ Nou, en toen viel er in de zaal een diepe stilte.”
Dergelijke crises markeren cruciale episoden in de geschiedenis van de aarde, keerpunten die ons in staat stellen de 4,5 miljard jaar durende aardse historie te verdelen in behapbare ‘hoofdstukken’. Veel wetenschappers zijn tot het inzicht gekomen dat de mens nu zélf zo'n keerpunt vormt. Dat wij de planeet in de afgelopen twee eeuwen zo ingrijpend hebben veranderd dat er een nieuw tijdvak is ingeluid: het Antropoceen.
Welke conclusies, vraag ik me af, zullen geologen in de verre toekomst trekken over ‘ons’ tijdvak? Is het een geleidelijke overgang geweest, zoals er tientallen waren, of zal er een scherp gemarkeerde aardlaag te zien zijn waarin overduidelijk ‘gruwelijkheden’ zijn voorgevallen, vergelijkbaar met die van de massa-extincties? Het woord Antropoceen werd een jaar of tien geleden bedacht door de Nederlandse wetenschapper Paul Crutzen (1933), die voor zijn onderzoek naar de oorzaak van het gat in de ozonlaag is onderscheiden met een (gedeelde) Nobelprijs voor de Scheikunde. Op een dag woonde hij een wetenschappelijk congres bij.
De voorzitter had het steeds over het Holoceen, het tijdvak dat 11.500 jaar geleden begon, tegen het einde van de laatste ijstijd, en dat – officieel althans – tot op heden voortduurt. Crutzen herinnert zich het nog goed: “Ineens gooide ik het eruit: ‘Houd toch op,’ zei ik. ‘Het Holoceen is verleden tijd. We zitten in het Antropoceen.’ Nou, en toen viel er in de zaal een diepe stilte.”
Lees het volledige artikel
National Geographic magazine Editie Maart 2011
€ 4,95 Bestel in webshop ›




