Vastberaden. Onbevreesd. Vrijgevochten. In Yosemite gaat een nieuwe generatie rotsklimmers tot het uiterste.
Op een heldere zaterdagochtend in september gaat Alex Honnold op weg naar de top van de Half Dome, een 650 meter hoge granietwand in de Yosemite Valley. Hij is alleen en zo ver boven de grond dat zijn verrichtingen hooguit worden opgemerkt door een paar steenarenden.
Met zijn vingertoppen gekromd rond richels zo dun als een creditcard en met zijn voeten steunend op nauwelijks waarneembare uitsteeksels voert hij een ongekend waagstuk uit: het beklimmen van de Regular Northwest Face (noordwestflank) van de Half Dome zonder touw. Op nog geen dertig meter voor de top gebeurt er iets wat rampzalig kan uitpakken: zijn zelfvertrouwen kwakkelt. Honnold is dan al twee uur en drie kwartier onderweg en heeft in opperste concentratie honderden moeilijke klimbewegingen perfect uitgevoerd, zonder ook maar de geringste aarzeling.
Bij vrijklimmen zonder beveiliging, of free solo, zoals deze tak van sport heet, gebruiken klimmers alleen een pofzakje met magnesiumpoeder en klimschoenen – ze gaan zonder materiaal en ongezekerd omhoog, met hun ervaring en zelfvertrouwen als enige hulpmiddelen. Elk moment van twijfel is uit den boze. Als Honnolds vingertoppen het niet langer houden, of als hij dénkt dat zijn vingertoppen het niet meer houden, dan valt hij te pletter. Ineens verstijft hij – mentaal uitgeput en geïntimideerd door de aanblik van de gladde rotswand. “Dat houd ik nooit,” denkt Honnold, met een blik op een glanzend uitsteekseltje bij zijn voet. “Ik ga eraan.”
Met zijn vingertoppen gekromd rond richels zo dun als een creditcard en met zijn voeten steunend op nauwelijks waarneembare uitsteeksels voert hij een ongekend waagstuk uit: het beklimmen van de Regular Northwest Face (noordwestflank) van de Half Dome zonder touw. Op nog geen dertig meter voor de top gebeurt er iets wat rampzalig kan uitpakken: zijn zelfvertrouwen kwakkelt. Honnold is dan al twee uur en drie kwartier onderweg en heeft in opperste concentratie honderden moeilijke klimbewegingen perfect uitgevoerd, zonder ook maar de geringste aarzeling.
Bij vrijklimmen zonder beveiliging, of free solo, zoals deze tak van sport heet, gebruiken klimmers alleen een pofzakje met magnesiumpoeder en klimschoenen – ze gaan zonder materiaal en ongezekerd omhoog, met hun ervaring en zelfvertrouwen als enige hulpmiddelen. Elk moment van twijfel is uit den boze. Als Honnolds vingertoppen het niet langer houden, of als hij dénkt dat zijn vingertoppen het niet meer houden, dan valt hij te pletter. Ineens verstijft hij – mentaal uitgeput en geïntimideerd door de aanblik van de gladde rotswand. “Dat houd ik nooit,” denkt Honnold, met een blik op een glanzend uitsteekseltje bij zijn voet. “Ik ga eraan.”



