Het verhaal achter de verf

Het verhaal achter de verf
Bij deze reportage

Kunsthistorici passen moderne technieken toe om het onzichtbare zichtbaar te maken: ze kijken nu achter de verf van enkele vijftiende-eeuwse schilderijen.

Auteur: Sander Koenen Fotograaf: José Azel, Aurora
Vroeg-Nederlandse diptieken bevatten een schat aan historische informatie die zelfs voor het fijnste kennersoog verborgen blijft. Met behulp van moderne technieken zoekt de Nederlandse kunsthistoricus Ron Spronk naar aanwijzingen áchter de verf en geeft hij de geschiedenis een nieuw gezicht. Plechtig bidt Joos van der Burch, adviseur van Maximiliaan I van Oostenrijk en Philips de Schone van Castilië, tot Maria en haar zogende kind. Rechts wordt hij geflankeerd door Sint Simon van Jeruzalem, links door een venster met uitzicht op de berg Golgotha, waar zich het kruisigingstafereel van Christus voltrekt. Het is geen werk dat zich kan meten met de allergrootste meesters, maar een van de talloze vroeg-Nederlandse diptieken (tweeluiken) die als devotioneel gebruiksvoorwerp werden vervaardigd in de vijftiende en zestiende eeuw – ter inspiratie voor gebed, als wandversiering of als grafaltaar. Ron Spronk, conservator onderzoek aan de Harvard University Art Museums, maakte het genre tot voorwerp van een diepgravende technische studie. Ik ontmoet de Nederlander Spronk in het Straus Center for Conservation and Technical Studies van de Harvard University in Massachusetts. Samen met twee van de drie kunstmusea van Harvard – Fogg en Busch-Reisinger – is het instituut gevestigd in een replica van een Florentijnse villa even buiten de oorspronkelijke muren van Harvards Old Yard. We lopen door de majestueuze binnenplaats langs de zuilengalerijen naar het restauratielaboratorium. Op een van de kersenhouten kabinetten ligt het diptiek Maria met kind/Joos van der Burch met Sint Simon van Jeruzalem: twee panelen, samen zo groot als een uitgevouwen ochtendkrant. Het werk is in de literatuur vaak beschreven omdat drie verschillende meesters eraan zouden hebben bijgedragen: een volgeling van Rogier van der Weyden (1399/1400-1464), een nog ongeïdentificeerde hand en een volgeling van Gerard David (ca. 1460-1523). “Zelfs met het blote oog zie je dat dit diptiek iets verbergt,” vertelt Spronk, die me van over zijn leesbril aankijkt alsof er sprake is van een complot. “Iconografisch en compositorisch vormen de panelen een eenheid. Dat blijkt uit de druppels en vlaskammen die in de familiewapens op beide panelen terugkomen en het doorlopende tafereel op de achtergrond. Maar de rechterkant is stilistisch harder, meer lineair. Bovendien zit er een vreemde waas rond het hoofd van Joos. Toen we dit werk technisch onderzochten, kreeg het verhaal erachter ineens een interessante wending.”
Lees het volledige artikel

National Geographic magazine Editie Februari 2007

€ 4,50
... loading ...

 
Meer uit deze editie
Februari 2007
Gerelateerd
Uit de FotoCommunity
Lichteffe...
Afbladder...
Rear-end II