In het intergetijdengebied aan Amerikaanse rotskusten krioelen duizenden soorten in een 'inferno van leven'.
De zeester is een van de spectaculairste soorten in de kuststrook van Bodega Bay. Ze zijn groot (met een doorsnee van soms dertig centimeter), opvallend gekleurd (sommige zijn oranje, andere paars, en niemand weet waardoor), en liggen meestal breeduit, als een stuk afgedankt speelgoed, in een rotsspleet. Maar ondanks zijn lusteloze voorkomen is Pisaster ochraceus de tijger van de getijdenpoel: een topjager, ook al heeft hij niets wat op hersenen lijkt.
Sarah Ann Thompson, marien bioloog aan het Farallon Institute in Petaluma in Californië, gaat me voor over de ruige rotsen en door de getijdenpoelen van Mussel Point op Bodega Head, ten noorden van San Francisco. Thompson bukt om een oranje zeester op te rapen. Wat volgt is een bizarre transformatie. In een fractie van een seconde kan Pisaster het ‘muteerbare weefsel’ van zijn normaal gesproken weke lichaam laten verstijven, waardoor hij zo hard als bot wordt. Met behulp van een inwendig hydraulisch systeem en honderden op zuignapjes lijkende voetjes grijpt hij vervolgens met zo veel kracht de schelpen van een mossel vast dat ze van elkaar worden getrokken. “De zeester heeft de mossel al gedood,” zegt Thompson.
Sarah Ann Thompson, marien bioloog aan het Farallon Institute in Petaluma in Californië, gaat me voor over de ruige rotsen en door de getijdenpoelen van Mussel Point op Bodega Head, ten noorden van San Francisco. Thompson bukt om een oranje zeester op te rapen. Wat volgt is een bizarre transformatie. In een fractie van een seconde kan Pisaster het ‘muteerbare weefsel’ van zijn normaal gesproken weke lichaam laten verstijven, waardoor hij zo hard als bot wordt. Met behulp van een inwendig hydraulisch systeem en honderden op zuignapjes lijkende voetjes grijpt hij vervolgens met zo veel kracht de schelpen van een mossel vast dat ze van elkaar worden getrokken. “De zeester heeft de mossel al gedood,” zegt Thompson.





