Bij deze reportage
Gemalen, stuwen, sluizen en waterkrachtcentrales hinderen de trek van vissen. De weg naar een vrije vismigratie is nog lang.
Jij steekt je vingers toch ook liever niet in een ventilator? Ecoloog Herman Wanningen gebruikt de vergelijking ter verduidelijking van een probleem dat onzichtbaar is, omdat het zich onder water afspeelt: de talloze vissen die als gevolg van de vele duizenden waterwerken in de Nederlandse beek- en riviersystemen slechts met het grootste risico hun migratie-instinct kunnen volgen.
Om te paaien, voedsel te vinden of aan roofvissen te ontkomen moeten veel vissoorten kunnen trekken. Sommige soorten trekken van de ene beek naar de andere, of van meer naar boezem, terwijl andere soorten migreren tussen zoet en zout water. Maar de migratieroutes kennen vele obstakels. Sommige stromen zijn afgedamd, in andere blokkeert een sluis de doorgang of staat een waterkrachtcentrale in de weg. De gemalen vormen het grootste probleem. Nederland telt er meer dan vijfduizend – sommige ervan zijn te bezoeken op 14 mei, uitgeroepen tot ‘dag van de vismigratie’. Ze houden het waterpeil constant (belangrijk voor de landbouw) en bieden bescherming tegen overstromingen. Maar voor migrerende vissen zijn ze dodelijk. Hoe dodelijk?
Om te paaien, voedsel te vinden of aan roofvissen te ontkomen moeten veel vissoorten kunnen trekken. Sommige soorten trekken van de ene beek naar de andere, of van meer naar boezem, terwijl andere soorten migreren tussen zoet en zout water. Maar de migratieroutes kennen vele obstakels. Sommige stromen zijn afgedamd, in andere blokkeert een sluis de doorgang of staat een waterkrachtcentrale in de weg. De gemalen vormen het grootste probleem. Nederland telt er meer dan vijfduizend – sommige ervan zijn te bezoeken op 14 mei, uitgeroepen tot ‘dag van de vismigratie’. Ze houden het waterpeil constant (belangrijk voor de landbouw) en bieden bescherming tegen overstromingen. Maar voor migrerende vissen zijn ze dodelijk. Hoe dodelijk?





