Wandelend en klauterend aan de westkust van Schotland langs menhirs en steencirkels op de eilanden Kintyre, Islay, Jura en Arran. Weinig plaatsen ter wereld hebben zoveel aantrekkingskracht als eilanden.
Ze werken als magneten, zeker kleintjes, waar elke weg naar zee leidt. Tijdelijk afgesneden van het vasteland, dat is een goed gevoel, zo van opnieuw beginnen. Overzichtelijk en afgebakend. Met nog zo’n twintig anderen hang ik over de reling van de Caledonian MacBrayne veerboot. Gestaag worden de contouren van Islay (spreek uit: Aajlah) steeds duidelijker. Een zandstrandje omgeven door donkere kliffen, een beboste bergrug die steil uit zee oprijst, een slanke vuurtoren onder een hemel met mooie wolken. Bij vertrek vanuit Kennacraig op het schiereiland Kintyre hoosde het nog. En wel zo stevig dat mij de moed in de schoenen zonk. Waarom ook alweer gekozen voor een Schots eiland in plaats van Tenerife? Nu, een kleine anderhalf uur later, is de lucht zo helder dat ik kilometers ver kan kijken. Een jan-van-gent stort zich aan bakboord als een baksteen loodrecht omlaag in zee. Langszij zweeft een nieuwsgierige stormvogel. We naderen het haventje van Port Ellen – een rij witgeverfde welhaast identieke huisjes – en hoe ongelofelijk het ook mag klinken, op dat moment snuif ik pure whisky. Kijk voor meer werk van Jolanda Linschooten op www.outdoorfoto.nl.





