Dieren

Amerikaanse plezierjagers schieten ruim 800 apen per jaar af

Uit een exclusieve analyse blijkt dat de VS koploper is op deze markt, die jaarlijks het leven kost aan zo'n duizend dieren.dinsdag 6 november 2018

Door Dina Fine Maron
Van de apen die tijdens de plezierjacht worden geschoten, is de beerbaviaan de populairste soort.

Blake Fischer, een hoge ambtenaar op het departement voor natuurbeheer in de Amerikaanse staat Idaho, schoot onlangs tijdens een reis naar Namibië als plezierjager onder meer een hele familie beerbavianen af. De commotie die ontstond naar aanleiding van de jachtpartij en het veel gedeelde commentaar dat hij er achteraf op gaf, leidde ertoe dat hij ontslag nam.

Ondanks het feit dat dergelijke praktijken door het grote publiek worden afgekeurd, komt deze jachtvorm nog net zo vaak voor als tien jaar geleden. Dat blijkt uit een onderzoek dat de internationale dierenbeschermingsorganisatie Humane Society International uitvoerde naar de plezierjacht op primaten. De organisatie deelde de uitkomsten van deze studie exclusief met National Geographic.

De beerbaviaan, met zijn kenmerkende, langgerekte kop, blijkt het favoriete doelwit onder de apen. Het ruim een meter grote dier voedt zich met vruchten en insecten, die hij in zijn wangen bewaart, maar eet net zo lief schaaldieren of aas.

Jachtpartijen zoals die waar Fischer aan meedeed, zijn toegestaan volgens internationaal recht. In tegenstelling tot de hoge prijzen die worden neergeteld voor jachtuitjes waarbij grote wilde dieren worden geschoten, zoals leeuwen, luipaarden of neushoorns, liggen de prijzen voor het jagen op apen laag.

De vervet, die vooral in het oosten van Afrika voorkomt, is een van de meest geliefde doelwitten voor plezierjagers.

“Je hoeft maar iets van twintig dollar te betalen om mee op jacht te gaan, of het is zelfs helemaal gratis,” vertelt Iris Ho, een senior medewerkster op het gebied van wildprogramma's en beleid van de Humane Society International. “Het is weerzinwekkend en echt schokkend voor dierenliefhebbers", zegt zij over de jacht. 

De plezierjacht op apen heeft in de Verenigde Staten een lange voorgeschiedenis. President Theodore Roosevelt schoot in 1909 minstens drie bavianen tijdens een beruchte safari waarop hij bijna driehonderd Afrikaanse dieren doodde.

Humane Society International baseerde zich bij het onderzoek op de meest recente informatie die beschikbaar was; de cijfers beslaan de periode tussen 2007 en 2016. Uit de studie bleek dat het vooral Amerikanen zijn die zich met deze jacht bezighouden. In de onderzochte periodes werden 11.205 geschoten apen als jachttrofee verhandeld. Daarvan werden er 8.896, oftewel bijna tachtig procent, geïmporteerd naar de VS, wat neerkomt op gemiddeld zo'n 890 gedode apen per jaar. De volgende op de lijst van importerende landen, Spanje, loopt ver achter op de VS, met in totaal 490 apen in de negen jaar die het onderzoek besloeg. Op de derde plaats staat Zuid-Afrika, met 401 gedode primaten. De landen waaruit de meeste apen afkomstig zijn, zijn respectievelijk Zuid-Afrika, Namibië, Zimbabwe, Zambia en Mozambique.

Uit de analyse blijkt dat beerbavianen het meest in trek waren als doelwit. In de onderzochte negen jaar werden 6.925 van deze apen gedood tijdens de plezierjacht. Daarna volgden de vervetten (ook wel blauwapen genoemd), met 1400 gedode dieren, gele bavianen met 932 exemplaren en groene of anubisbavianen met 635. “De dominante rol van de VS verbaast me niet,” vertelt Ho. Ze wijst erop dat de plezierjacht in de VS sowieso populairder is dan elders ter wereld. Maar, voegt ze daaraan toe “wat me toch wel verbaast is het aantal dode dieren dat Amerikaanse jagers jaarlijks mee naar huis nemen of naar huis sturen.”

Tussen 2007 en 2016 werden meer dan zeshonderd groene bavianen gedood tijdens de plezierjacht. De dieren komen in verschillende Afrikaanse gebieden voor.

De cijfers over de plezierjacht werden verzameld op basis van de Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora (Cites), een internationale overeenkomst over de internationale handel in wilde dieren en planten. Op de nauwkeurigheid van de gegevens uit de database valt wel iets af te dingen. Soms gebruiken importeurs en exporteurs verschillende eenheden (het kan zijn dat het aantal dieren wordt geteld, terwijl in een ander geval verschillende lichaamsdelen, zoals tanden of een kop, apart worden geteld). Bovendien kan een geëxporteerd dier in het ene land ook als geïmporteerd in een ander land worden geteld, waarschuwt Rosie Cooney. Zij staat aan het hoofd van de Sustainable Use and Livelihoods Specialist Group van de internationale unie voor natuurbescherming (IUCN). Dit wereldwijde netwerk van experts houdt zich onder meer bezig met de vraag of de plezierjacht bijdraagt aan het voortbestaan van populaties en of lokale gemeenschappen profiteren van bedragen die worden betaald voor de jacht.

Ervan uitgaande dat de cijfers over de jacht op apen kloppen, zijn er geen aanwijzingen dat die nadelig is voor het voortbestaan van de dieren, stelt Cooney. “De plezierjacht is natuurlijk controversieel, en stuit om emotionele redenen op veel weerstand, maar vanuit het oogpunt van natuurbescherming zie ik er op basis van deze cijfers geen grote problemen mee.”

De IUCN publiceert de Rode Lijst van met uitsterving bedreigde flora en fauna. De apen waarop wordt gejaagd, behoren daar niet toe, aldus de organisatie. Volgens Cooney spelen “de jacht vanwege de vraag naar ‘bushmeat’, en het verlies van leefgebied vermoedelijk voor alle soorten in alle gebieden een veel belangrijkere rol. Als er minder plezierjacht zou plaatsvinden op deze dieren, zou dat nauwelijks effect hebben de vraag of ze al dan niet voortbestaan.”

Naast de vraag over het effect op dierenwelzijn, draait de kwestie van de plezierjacht met name om de vraag of de bedragen die worden betaald voor de jacht bijdragen aan de bescherming of zelfs het herstel van wilde dieren. Volgens Cooney is het lastig om die vraag te beantwoorden, zeker wanneer organisatoren van jachtreizen een pakket aanbieden waarin op verschillende dieren wordt gejaagd, waaronder ook apen. Maar omdat het bij het onderzoek vooral gaat om de jacht op veelvoorkomende dieren, zijn de prijzen waarschijnlijk laag. De bijdrage die dat oplevert voor beschermingsactiviteiten is verwaarloosbaar, stelt ze.

“Al deze dieren spelen een belangrijke rol in hun lokale ecosysteem,” stelt Ho. “Ze zouden niet moeten worden gedood alleen maar omdat iemand dat leuk vindt.”

Wildlife Watch is een project op het gebied van onderzoeksjournalistiek van National Geographic Society en National Geographic Partners dat zich richt op illegale praktijken rond en uitbuiting van wilde dieren. Lees hier meer verhalen van Wildlife Watch.

Lees ook: China legaliseert neushoornhoorn en tijgerbotten voor medicinale doeleinden

Lees ook: Fotoverhaal: Afrikaanse wilde honden jagen op baviaan

Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com

Lees meer