Wildlifetoerisme

Waarom insectenpopulaties kelderen - en waarom dat zorgwekkend is

Uit nieuw onderzoek blijkt dat veertig procent van de insectensoorten in aantal achteruit zijn gegaan, een bevinding die de internationale wetenschappelijke gemeenschap heeft geschokt. maandag, 18 februari 2019

Door Douglas Main

Ooit verzamelden Rocky-Mountainsprinkhanen zich in zulke enorme aantallen op de Great Plains dat ze de zon verduisterden en de beroemde bizonkuddes in omvang en vraatzucht naar de kroon staken. Zo had in de zomer van 1875 een zwerm van naar schatting tien miljard sprinkhanen bijna een week nodig om over Plattsmouth, Nebraska, te trekken.

Maar in de decennia daarna brachten veeboeren en landarbeiders de aparte broedgebieden van de insecten op de prairie in cultuur. Slechts 27 jaar na de zwerm bij Plattsmouth werden de laatste nog levende exemplaren op de Canadese prairie verzameld. Kort daarna waren ze uitgestorven – een zware slag voor het ecosysteem, want ze vormden een belangrijke voedselbron voor talloze insecteneters.

Uit nieuw onderzoek blijkt dat de grootschalige teruggang in het aantal insecten niet tot het verleden behoort. Hoewel minder spectaculair in omvang dan ruim een eeuw geleden, toont de huidige teruggang van insectenpopulaties aan dat de dieren kwetsbaarder zijn dan tot nu toe werd aangenomen. Een onderzoek dat onlangs in het tijdschrift Biological Conservation werd gepubliceerd, haalde de krantenkoppen vanwege de suggestie dat veertig procent van alle insectensoorten in aantal zijn teruggelopen en in de komende tientallen jaren zouden kunnen uitsterven.

Insecten zijn belangrijk

“Er is reden tot zorg,” zegt hoofdauteur Francisco Sánchez-Bayo, onderzoeker aan de University of Sydney in Australië. “Als we dit niet tot staan brengen, zullen hele ecosystemen als gevolg van uithongering verdwijnen.”

In het artikel werd het bestaande onderzoek over insectenpopulaties voor het eerst wereldwijd in kaart gebracht, waarbij bijzondere aandacht werd besteed aan enkele groepen insecten die het meest met uitsterving worden bedreigd: motten en vlinders; bestuivers als bijen; en mestkevers en andere insecten die uitwerpselen en afval helpen afbreken. (Lees ook: Allesbehalve schattig: dit zijn echte monstertjes

Het onderzoek volgt op meerdere opzienbarende artikelen over de teruggang van insectenpopulaties die zelfs voor experts op dit gebied schokkend waren. In oktober 2017 bleek uit een studie van een groep Europese onderzoekers dat in 63 procent van de beschermde gebieden in Duitsland de insectenpopulaties (naar biomassa) met 75 procent was teruggelopen – en dat in slechts 27 jaar.

Een jaar later publiceerden twee onderzoekers een paper in de Proceedings of the National Academy of Sciences, waarin ze stelden dat in een vrij ongerept stuk regenwoud op Puerto Rico de biomassa aan insecten (en andere geleedpotigen als spinnen) tien- tot zestigmaal kleiner was geworden vergeleken met de jaren zeventig van de vorige eeuw.

De meeste gegevens komen uit Europa en in mindere mate uit de VS, maar in de rest van de wereld is nog veel te weinig onderzoek gedaan, zegt David Wagner, een ecoloog aan de University of Connecticut die niet bij het nieuwe onderzoek was betrokken.

Uit de nieuwe studie bleek dat de helft van de motten- en vlindersoorten die waren onderzocht in aantallen teruglopen, waarbij een derde met uitsterving wordt bedreigd. De cijfers voor de kevers waren vrijwel precies hetzelfde. Intussen wordt ook bijna de helft van de onderzochte bijen- en mierensoorten met uitsterving bedreigd. Schietmotten behoren tot de zwaarst getroffen groepen: 63 procent van de soorten wordt met uitsterving bedreigd, waarschijnlijk als gevolg van het feit dat deze insecten hun eitjes in water leggen, wat ze kwetsbaarder maakt voor vervuiling en projectontwikkelingen.

Vanwaar de teruggang? 

Er zijn meerdere redenen waarom deze dieren in de problemen zijn gekomen en er is niet één enkele boosdoener, zegt Wagner. “Ik ben bang dat het om een veelheid van factoren gaat, die bij elkaar opgeteld dodelijk zijn.”

Tot die factoren behoren vooral veranderingen in habitats als gevolg van ingrepen van de mens, zoals ontbossing en het in cultuur brengen van natuurgebieden ten behoeve van de landbouw. In Europa en Noord-Amerika zal het verdwijnen van kleine familieboerderijen – met hun open weidegrond, heggen en andere gebieden waar ‘onkruidachtige’ planten als wilde bloemen kunnen gedijen, zodat ze ideaal zijn voor insecten – volgens Wagner zeker een rol hebben gespeeld, evenals het droogleggen van wetlands en moerassen.

Na de landbouw volgt het gebruik van chemicaliën in bestrijdingsmiddelen tegen onkruid, schimmels en schadelijke insecten. Het zal geen verbazing wekken dat pesticiden ook niet-schadelijke insecten treffen. Zo worden neonicotinoïden in verband gebracht met de wereldwijde teruggang van het aantal bijenvolken. Bij de teruggang van één op de acht soorten die in de studie werden onderzocht, kunnen pesticiden een rol spelen. 

Ook de klimaatverandering speelt ongetwijfeld een belangrijke rol, vooral in het geval van extreme weersepisoden als droogten, die volgens Wagner in de toekomst waarschijnlijk in intensiteit, duur en regelmaat zullen toenemen. Tot andere factoren behoren inheemse soorten, parasieten en ziekten.

Gevolgen van de teruggang

Insecten staan aan de basis van de voedselketen en voeden ontelbare diersoorten, van vogels en kleine zoogdieren tot vissen. Als het aantal insecten terugloopt, zal dat ook met al het andere leven op aarde gebeuren, zegt Sánchez-Bayo.

Volgens John Losey, entomoloog aan de Cornell University, leveren insecten ook een scala van ‘diensten’ die voor de mens van onschatbare waarde zijn, waaronder het bestuiven van planten. Ongeveer driekwart van alle bloeiende planten wordt door insecten bestoven, evenals de gewassen die ruim een derde van al het voedsel in de wereld leveren. (Lees ook hoe bijenseks door de mens wordt verpest).

“Geen insecten, geen voedsel – en dat betekent geen mensen,” zegt Dino Martins, entomoloog van het Mpala Research Centre in Kenia en National Geographic-onderzoeker.

Een andere ‘dienst’ is afvalverwerking en recycling van voedingsstoffen. Zonder insecten als mestkevers en andere organismen die dierlijk en plantaardig afval verwijderen en afbreken, zou “het resultaat onaangenaam zijn,” zegt Timothy Schowalter, entomoloog aan de Louisiana State University.

Dus hoe ernstig is de situatie van de insecten? Hoewel die zorgwekkend is, “hebben we nog niet genoeg informatie om die vraag afdoende te beantwoorden,” zegt Wagner. Dat komt vooral door gebrek aan langetermijnonderzoek, maar ook omdat de dichtheid van insecten in bepaalde gebieden lastig is te onderzoeken. Veel insectenpopulaties kunnen plotseling sterk toenemen of weer verdwijnen, afhankelijk van de omstandigheden waaronder ze zich voortplanten. Daarnaast zijn ze zeer gevoelig voor schommelingen in het weer.

Een van de harde resultaten van deze recente studies is volgens Wagner een toename van de interesse in en financiering van langetermijnonderzoek. Die aandacht zou uitstervingen als die van de Rocky-Mountainsprinkhaan kunnen voorkomen.

“Zelfs insecten die ogenschijnlijk in groten getale voorkomen, kunnen in zeer korte tijd verdwijnen,” zegt Schowalter. “Maar alleen als er mensen zijn die erop letten en zich er zorgen over maken, zullen we dat kunnen voorkomen.”

Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com