Dieren

Nieuwe soort: behaarde ‘yetikrab’ in Antarctica ontdekt

De krab, die op grote diepte rond hydrothermale bronnen leeft, is nog maar de derde soort van yetikrabben die wetenschappelijk is beschreven.

Door Jason Bittel, National Geographic
Foto's Van Foto: NERC (National Envronment Research Council)

24 juni 2015

Hij is wit, behaard en moeilijk te vinden. Het is een ‘yetikrab’.

We stellen je voor aan Kiwa tyleri, het nieuwste lid van de familie van yetikrabben en de eerste die in de koude wateren rond Antarctica is gevonden. In tegenstelling tot de Verschrikkelijke Sneeuwman waaraan hij zijn naam heeft te danken, varieert dit kreeftje in lengte van amper een halve centimeter tot vijftien centimeter.

Het is nog maar de derde soort van de yetikrabben, een groep kreeftachtigen met harige klauwen die in 2005 in de zuidelijke Grote Oceaan werd ontdekt. 

Op zoek naar een nieuwe yeti stuurden wetenschappers in 2010 een op afstand bestuurde onderzeesonde naar de hydrothermale bronnen van de Oostelijke Scotiarug, op 2600 meter diepte. Daar ontdekten ze een bruisende gemeenschap van yetikrabben, die in een harder milieu leven dan hun verwanten.

"We beseften meteen dat we iets geheel nieuws en unieks in het onderzoek naar hydrothermale bronnen hadden gevonden," zegt studieleider Sven Thatje, ecoloog aan de University of Southampton.

Uit nadere analyse van de Antarctische krabben bleek dat ze een genetisch aparte soort zijn, zoals in de nieuwe studie in PLOS ONE wordt beschreven.

Bewoonbare zone

De wateren rond de Oostelijke Scotiarug zijn doorgaans iets warmer dan het vriespunt, maar het water dat door de bronnen zelf wordt uitgespuwd, is superheet en kan een temperatuur van meer dan vierhonderd graden Celsius bereiken. Omdat dit superhete water op enige afstand van de bronnen snel afkoelt, beschikt K. tyleri over een zeer smalle ‘bewoonbare zone’ waarin het diertje kan leven. Te dichtbij de bron zal hij verbranden. Te ver van de bron vandaan zal hij bevriezen. Volgens Thatje drommen deze Antarctische yeti’s daardoor veel dichter op elkaar dan de andere twee bekende soorten. Hij observeerde hoe ze boven op elkaar lagen, "als bonen in een potje, en alle beschikbare ruimte vulden"—circa 700 exemplaren per vierkante meter. Thatje vertelde ook dat de pas ontdekte soort beter is gebouwd voor klimwerk dan zijn verwanten, omdat hij kortere en steviger poten heeft. K. tyleri is ook robuuster en compacter dan zijn soortgenoten op de abyssale vlakte. Door deze fysieke kenmerken kunnen de kreeftjes waarschijnlijk vechten om een plekje rond de hydrothermale bronnen. Het team zag ook enkele vrouwtjes buiten de bewoonbare zone rond de bron. Thatje denkt dat de larven van yetikrabben, net als die van veel andere diepzeesoorten, kouder water nodig hebben om zich te ontwikkelen. Dat betekent dat de moeder zich moet opofferen: de kou eist een hoge tol van de vrouwtjes, waardoor ze op langere termijn aftakelen. De vrouwtjeskrabben leggen waarschijnlijk maar eenmaal eitjes voordat ze sterven. Behaard is beter Al met al zijn deze yetikrabben uitstekend aangepast aan hun uitdagende milieu. Omdat in deze zone geen zonlicht doordringt, hebben ze nog een andere manier geëvolueerd om energie op te nemen: ze ‘verbouwen’ hun eigen voedsel. De krabben hebben haarvormige uitsteeksels genaamd ‘setae’ op hun borst en klauwen, waar zich de bacteriën vormen die als hun voornaamste voedsel dienen. Zijn behaarde borst heeft het diertje de bijnaam ‘Hoffkrab’ opgeleverd, als eerbetoon aan Baywatch-acteur David Hasselhoff. Thatje wil Hasselhoff niet tekort doen, maar hij geeft de voorkeur aan de officiële naam van de soort, K. tyleri, die hij en zijn team hebben gekozen als hommage aan het wetenschappelijke werk van Paul Tyler, emeritus-professor aan de University of Southampton en pionier op het gebied van diepzeeonderzoek. Andrew Thurber, oceaanecoloog aan de Oregon State University, zegt dat de Antarctische yetikrab "werkelijk een geweldige ontdekking is". Dat geldt des te meer omdat tien jaar geleden nog niemand wist dat deze dieren bestonden, zegt Thurber, die meewerkte aan de beschrijving van de tweede bekende yetikrabsoort, die in 2011 werd ontdekt voor de kust van Costa Rica. "Het laat zien hoe weinig we eigenlijk nog weten," zegt hij, "en hoe sommige van deze nieuwe soorten weleens veel algemener kunnen zijn dan we dachten."

Lees meer