Duurzaam op reis in het Zwitserse Wallis

Zwitserland is zeer goed te doen met de trein. Digital Nomad Corno reist per trein door onder meer Wallis. En probeert iets nieuws. Hij gaat op pad met een elektrische auto in de bergen. Op zoek naar energie, letterlijk.vrijdag 27 juli 2018

Door Corno van den Berg
Zwitserland is uitermate goed met de trein te bereizen.

De indicatie op het dashboard is hard. De reikwijdte van mijn elektrische autootje gaat in een paar minuten van 70 kilometer naar slechts 14. En ik moet nog een stuk. Het zweet breekt me uit. Waarom gaat dit zo snel? Ik snap dat hij de mogelijke nog te rijden afstand elk moment berekent. En dat bergop energie vreet. Net zoals dat bij mij is denk ik nog.

Plots doemt hij op. Het Grande Dixence in het Val d’Hérens, een van de grootste dammen ter wereld, en bekend als het grootste stuwmeer van Europa. Een immense muur. Het smeltwater van 35 gletsjers zorgt continu voor elektriciteit. Precies datgene wat mijn auto nodig heeft. Net als de omliggende dorpen. Ja, dit is de toekomst van energie.

Op pad met een elektrische auto.

De route voert verder omhoog, maar we halen het. We, ja. Ik voel me verbonden met het wagentje. Ik parkeer de auto aan de voet van de stuwdam en ga met de kabelbaan omhoog. Met de kabelbaan ja, want zo hoog is deze dam: 285 meter. Ik zie een kerkje, dat wordt gekleineerd door dit geweld.

Boven dwaal ik over de immense dam. Het grote stuwmeer is maar liefst 5,3 kilometer lang. Het bevat 400 miljoen kubieke meter water. Wat een immens bouwwerk. Opnieuw voel ik me nietig, zoals vaker in Zwitserland.

De stuwdam Grande Dixence.

Als ik weer instap ben ik benieuwd. Maar nu is het omgekeerd. De weg loopt naar beneden en de teller op het dashboard omhoog. Het rijden met een elektrische auto in de bergen is wel even wennen. Het feit dat je beter voor het milieu bezig bent voelt goed. En ja, daar wil ik wel voor betalen.

De auto is onderdeel van een nieuw concept. In de Val d’Hérens-vallei kun je deze elektrische auto's gewoon meenemen en op diverse plekken opladen. Als ik vraag wat het kost, krijg ik een wonderlijk antwoord. ‘Je betaalt wat je wil. Of liever: naar hoe het je bevalt.’

Het landschap dat opdoemt achter de stuwdam.

Olivier Cheseaux van AnakoLodge, een berghut met uitzicht op de bergen, is een van de deelnemers. Net als veel andere hotels in deze vallei. ‘Je kunt dus eenvoudig naar je hotel, je auto daar opladen en morgen weer verder. Als elektrisch rijden zelfs hier in de bergen mogelijk is, kan het overal toch?’ Ik moet hem gelijk geven. Al is het wel even wennen.

Ook probeer ik de trein uit, het populaire vervoermiddel van veel reizigers in Zwitserland. Met de trein is natuurlijk ook ‘groen’. Het is hier niet alleen een vervoermiddel, maar ook een perfect middel om veel te zien. Naast de panorama-treinen (met extra grote vensters), hebben ook diverse 'gewone' treinen veel glas om het landschap extra goed te zien.

Een trein in Wallis.

Als een Zwitsers klokwerk, zo rijden de treinen in het land. Dat is wel handig met plannen. Ik reis er onder meer mee door Wallis naar steden en afgelegen dorpjes. Met de Swiss Travel Pass kan ik overal in- en uitstappen. Wat ik ook veelvuldig doe. Naar Brig, Sion, Visp en Leuk (what's in a name).

Het is superrelaxed zitten en naar buiten kijken naar het voorbijsnellende landschap. De treinen hebben goede voorzieningen. Door de elektronische borden in de trein waarop het volgende station staat, mis je je uitstap nooit. Wat verder opvalt is het moderne toilet, net als de handige haken om een fiets op te hangen.

Twee meiden hangen hun met modder besmeurde mountainbike op en puffen na van hun tocht. Ze lachen: ze hebben de bergen overwonnen. Een groepje Japanners maakt van zo'n beetje alles een foto. Ook van de meiden. Twee Zwitsers moeten glimlachen en gaan verder met de krant lezen. Je zal hier maar wonen.

Lees hier verder over Wallis! Wil je meer weten over zomers Zwitserland, lees dan hier verder > 

Lees meer