Fotografie

China komt terug op plannen om dammen te bouwen in de laatste wilde rivier

De Nu, een rivier die door een schilderachtige bergpas loop en soms vergeleken wordt met de Grand Canyon, kan een nationaal park worden. Het lijkt erop dat de overheid terugkomt op plannen om dammen te bouwen op de rivier.

Door Stuart Leavenworth

12 mei 2016

Liuku, China – Ergens aan de oever van de rivier de Nu probeert Xiong Xiangnan vis te verkopen aan toeristen. Hij ziet er niet uit als een traditionele visser. Hij heeft een pompadourkapsel en draagt een bruine jas, een jeans en witte sneakers. Over zijn schouders hangt een tas met zijn verdiensten. Een aantal van zijn vrienden staat naast hem te roken als Xiangnan zijn vis probeert te slijten.

“Ze waren erg moeilijk te vangen”, zegt hij. “De netten werden ’s nachts losgelaten en ’s ochtends weer binnengehaald.” Om die reden rekent de visser ruim dertig euro voor de grootste vis die hij bij zich heeft.

Achter Xiangnan stroomt de Nu rivier, met stroomversnellingen en draaikolken. Hij wordt deels gevuld door smeltwater afkomstig van gletsjers in het Tibetaanse Hoogland, en slingert over een afstand van 2736 kilometer door China, Myanmar en Thailand, alvorens hij uitmondt in de Andamanse Zee.

We vragen Xiong naar zijn mening over de plannen van de Chinese regering om in 2019 hydro-elektrische dammen in de Nu, nu nog de laatste vrij stromende rivier in China, te bouwen. “Die plannen waren er in 2003 al, antwoordt de 20-jarige boerenknecht, die extra inkomsten genereert uit de visvangst. De regering heeft nog steeds niks goedgekeurd, en denken er op dit moment weinig over na. Maar als er dammen komen zal dat het water vervuilen en schadelijk zijn voor de vis.”

In China zijn de laatste vijftig jaar talloze dammen aangelegd. Zoals gezegd zou de Nu de laatste rivier zijn die wordt ‘gecontroleerd’, maar onlangs kondigde de provinciale secretaris aan een einde te maken aan die plannen. Sterker nog, hij wil een nationaal park in de regio oprichten.

“Er is de laatste jaren veel veranderd”, zegt Yu Xiaogang, hoofd van de milieubeweging Green Watershed in Kunming, de hoofdstad van de provincie Yunnan. “De wetgeving voor dergelijke megaprojecten is strenger geworden en sinds 2012 hebben grote bedrijven zich geleidelijk teruggetrokken uit het project. Belangrijk, want dit is de laatste grote Chinese rivier die vrij spel heeft.”

De Nu stroomt onder meer door de Gaoligong Shan, een bergketen op de grens tussen China en Myanmar. De gevolgen van ontbossing zijn ook in deze regio terug te zien, maar desondanks is de Gaoligong Shan de thuishaven van ruim de helft van de in China levende diersoorten. Er leven zeldzame dieren als sneeuwluipaarden en stompneusapen. Iets ten oosten stroomt de Mekong, die in tegenstelling tot de ongetemde en gevaarlijke nu wel is afgedamd.

Langs het Chinese stroomgebied van de Nu – een van de armste regio’s van het land – wonen zo’n vijf miljoen mensen. Niet gek dus dat een deel van die populatie wel heil ziet in de aanleg van dammen. Het zou tot werkgelegenheid en betere toegangswegen leiden. “Het zal een positief effect hebben”, zegt de 37-jarige boer Li Guangjin. “We krijgen elektriciteit en kunnen werken voor een bedrijf dat de dam onderhoudt.”

Hoewel de plannen voorlopig terug in de ijskast zijn gezet verwachten sommige experts dat ze hier na verloop van tijd ook weer uitkomen. Zo heeft China met het ondertekenen van het klimaatakkoord de ambitie uitgesproken de luchtverontreiniging te verminderen.

Is de aanleg van hydro-elektrische dammen een remedie tegen armoede op het platteland? De cijfers zijn verdeeld. In China zijn de laatste zestig jaar 80.000 dammen gebouwd, die in totaal zo’n drie gigawatt aan energie produceren. Anderzijds moesten ook tientallen miljoenen mensen wijken voor de vaak enorme projecten.

Yu Xiaogang, hoofd van de milieubeweging Green Watershed: “Ik heb mensen onder erbarmelijke omstandigheden zien leven. Bijvoorbeeld op de bouwmaterialen die na de aanleg van de dam werden achtergelaten.”

Yu (65) is een van de bekende natuurbeschermers van Azië – in 2006 ontving hij de prestigieuze Goldman-prijs is een jaarlijkse prijs voor mensen die zich verdienstelijk hebben gemaakt op het gebied van milieu(-bescherming) – en spendeerde een groot deel van zijn leven aan het vastleggen van de effecten van dammen en waterreservoirs. Hierbij concentreerde hij zich vooral op de sociale gevolgen voor de mensen die ontheemd raakten.

Ondanks zijn status wist hij in het vorige decennium enkele noodgedwongen volksverhuizingen niet te voorkomen. Zo werd het dorp Xiaoshaba ontruimd ter voorbereiding van een damaanleg. De dam werd nooit gebouwd, en de ruïnes van het dorp én sommige bewoners die hun huis kwijtraakten zijn nog makkelijk te vinden.

China’s plannen om de Nu controleerbaar te maken ontstonden in een tijdperk waarin de waterkrachtprojecten een hoog aanzien genoten. In 2003 wed de aanleg van dertien dammen aangekondigd, die volgens voorstanders meer elektriciteit zouden genereren dan de fameuze Chinese Drieklovendam in de Jangtsekiang, de grootste waterkrachtcentrale en dam ter wereld.

Maar met de afnemende groei van de Chinese economie ebde de vraag naar energie (tijdelijk) weg. China lijkt te beseffen dat er ook meer kracht uit bestaande dammen kan worden gehaald in plaats van alleen maar nieuw te bouwen. Tevens toonden diverse studies aan dat waterkrachtcentrales in het land niet zo effectief bleken als vooraf gedacht. Obstakels zijn het Chinese elektriciteitsnet en het ruige landschap. De aanleg van transmissielijnen in de bergachtige bovenlopen van de Mekong en de Jangtsekiang bleek moeilijk en kostbaar. Voor de bouw hadden transmissielijnen moeten worden aangelegd door gebieden even daarvoor – we spreken over 2003 – werden aangemerkt als Unesco werelderfgoed.

Het ‘beschermde gebied van drie parallelle rivieren in Yunnan’ is de thuisbasis van zevenduizend plantensoorten en 80 zeldzame en bedreigde dieren. Sommige soorten zijn nergens anders in China te vinden.

“De gevolgen voor het milieu zouden aanzienlijk zijn”, zegt Stephanie Jensen-Cormier, programmadirecteur van de milieubeweging International Rivers. En er zijn nog meer redenen waarom de aanleg van dammen in de Nu is vertraagd, al dan niet is opgeschort. In 2008 werd de naburige provincie Sichuan getroffen door een verwoestende aardbeving waarbij 80.000 mensen omkwamen. Men werd gewezen op de tektonische activiteit in het zuidwesten van China, en er ontstond zelfs een debat over de vraag of de aanleg van een centrale in de buurt van de desbetreffende breuklijn zou hebben bijgedragen aan het ontstaan van de aardbeving.

Vooraanstaande geologen waarschuwden de toenmalige premier Wen Jiabao dat dammen in de buurt van breuklijnen mogelijk dergelijke risico’s met zich meebrengen. “En er kunnen zich altijd aardverschuivingen en modderstromen voordoen.” Overigens staat op dit moment nog altijd de bouw van vijf dammen in de Nu gepland.

Eén in Tibet en vier in de provincie Yunnan. De huidige Chinese president Xi Jinping sprak bij zijn aantreden in 2013 de ambitie uit ‘een ecologische beschaving’ te creëren, een schijnbare verwerping van China’s verleden, waarin het land de natuur aanviel. Hij hield deels woord, en maakte het de voorstanders van dammen in de Nu niet eenvoudig.

Bai Enpei bijvoorbeeld, provinciaal secretaris in Yunnan van 2000 tot 2011, is fervent aanhanger van waterkracht en mijnbouw in de provincie. Hij werd in 2014 gearresteerd op verdenken van het aannemen van steekpenningen voor de afgifte van de mijncontracten. Volgens natuurbeschermer Yu heeft die arrestatie de ambitie van de aanleg van dammen deels doen verdwijnen.

In maart 2016 verbood de provincie Yunnan de aanleg van een aantal kleine waterkrachtcentrales en kleine mijnen in het stroomgebied van de Nu. Diverse ambtenaren steunen de aanleg van een nationaal park om de opkomende toeristische sector in het gebied te stimuleren.

“De Nu zal binnen 5 á 10 jaar een toeristische bestemming van formaat zijn”, klinkt het. De vergelijking met de Grand Canyon wordt zonder schroom gemaakt. Kortom, het debat over de aanleg van dammen in de Nu heeft plaatsgemaakt voor plannen om van het gebied een bestemming van internationale allure te maken. Daar waar de heuvels te steil zijn voor grootschalige landbouw spelen dorpelingen alsmaar meer in op het opkomende toerisme. Ze staan met fruit langs de wegen of openen gasthuizen voor bergbeklimmers.

Verder stroomafwaarts, een gebied met brede uiterwaarden, worden koffie, tabak, tomaten, aardbeien en andere producten verbouwd. Als de dammen waren gebouwd, zou een deel van deze landbouw verloren zijn gegaan door het stijgende water.

Wellicht zou ook dat toeristen hebben getrokken – denk maar aan de Hoover Dam in Nevada – maar wel een heel andere groep dan de natuurliefhebbers die nu naar Yunnan afreizen. Maar, dammen of geen dammen, de ongereptheid van het gebied zal verdwijnen. Er worden betere wegen aangelegd, en binnen een paar jaar kunnen automobilisten het gebied vanuit de Tibetaanse hoofdstad Lhasa berijden.

In Dimaluo, een dorp in het bovenste deel van de kloof, brengt een muzikant genaamd Hexi zijn middag door met vrienden op een plein in de stad. Hij speelt klassieke muziek en repeteert voor een aanstaand festival. Hexi leefde een aantal jaar in Peking maar keerde terug naar Dimaluo vanwege de schone lucht, het ruige landschap en de relaxte levensstijl. Hij heeft een tattoo op zijn arm, waarop in het Tibetaans staat geschreven: puur uit het hart. “Iedereen droomt van een plek als deze”, zegt hij.

Lees meer