Geschiedenis en Cultuur

Het leven van jonge Oekraïners in oorlogsgebied

De kinderen in het gebied maken toekomstplannen en vermaken zich, ondanks de gevechten in de buurt. donderdag, 9 november 2017

Door Sarah Stacke
Foto's Van Anastasia Vlasova

Voor fotografe Anastasia Vlasova is het heel normaal een berichtje als dit op haar smartphone te ontvangen: “Ik zit buiten op straat en hoor het artillerievuur heel luid. De mensen hebben de straat verlaten. Het voelt eng.”

Het meisje uit groep tien dat het berichtje schreef, Diana Fomenko, woont in Sjtsjastja, een plaatsje in het oosten van de Oekraïne dat in het gebied ligt waar Oekraïense regeringstroepen het opnemen tegen pro-Russische rebellen. In Sjtsjastja, dat ‘vriendschap’ betekent, en in het naburige stadje Popasna legt Vlasova het dagelijks leven van de jeugd in dit Oekraïense oorlogsgebied vast.

“In een oorlog gaat het niet alleen om soldaten en loopgraven,” zegt Vlasova, die sinds 2014 aan verschillende fronten heeft gefotografeerd, maar uiteindelijk meer wilde dan alleen maar foto’s van de gevechten maken. Ook de plaatselijke bewoners gaan in het midden van de gevechten door met hun leven en – in het geval van de jongeren – met het maken van plannen voor de toekomst. Vlasova zegt dat de tieners er zich door de oorlog niet van laten weerhouden om jong te zijn. Tegelijkertijd laten ze zich allemaal op de vloer vallen als er tijdens een schoolplechtigheid een ballonnetje knapt, gewend als ze zijn om weg te duiken bij elk geluid dat ook maar enigszins doet denken aan schoten.

Met slechts één café en één wifispot, en zonder bioscoop, nachtclub of winkelcentrum, is het leven in Sjtsjastja hetzelfde als het leven dat tieners hier twintig jaar geleden leidden, merkt Vlasova op. Ze hangen wat rond op binnenplaatsen, hebben zo hun plekken om te roken, dansen en zingen, en gaan naar voetbalwedstrijden van de middelbare school. De mobiele verbindingen zijn gebrekkig en het valt Vlasova op dat tieners hier niet permanent in hun mobiele telefoons verdiept zijn. “Ze praten nog echt met elkaar,” zegt ze. “Voor jonge mensen is het volgens mij gemakkelijker om in zo’n grimmige situatie gelukkig te zijn, omdat ze minder belang hechten aan materiële zaken.”

Ze worden verliefd en maken het weer uit. Vorig jaar viel de 16-jarige Oleg Vilkov voor een meisje uit Svitlodarsk, de plek waar een van de bloedigste confrontaties van het conflict plaatsvond. Om van zijn liefde voor haar te getuigen liet hij haar naam op zijn borst tatoeëren. Maar vanwege de afstand maakte hij het later weer uit.

Ze maken zich ook druk over wat moeder ervan vindt. Oleg wacht nog altijd op de reactie van zijn moeder als zij de tatoeage eenmaal zal ontdekken, zodat hij er niet langer geheimzinnig over hoeft te doen. Ze houden hun sigaretten tussen stokjes vast, om te voorkomen dat hun vingers naar tabak ruiken als ze thuiskomen.

Vlasova (24) groeide op in Cherson, een stadje in het zuiden van de Oekraïne en ze begrijpt het leven van de tieners heel goed. Ze had geen moeite om door de jongeren geaccepteerd te worden. Met tieners hoor je erbij of je hoort er niet bij, zegt ze. “Ik wilde gewoon met ze rondhangen en foto’s maken,” zegt Vlasova. “Ik was volstrekt open met ze.” Daar hoort bij dat ze eerlijk vertelde wanneer ze met haar fotodocumentaire bezig was en wanneer ze gewoon een vriendin was, ook al was het omschakelen soms lastig. “Er waren momenten waarop ik helemaal geen foto’s maakte, vooral ’s avonds, wanneer ik zag dat ze gewoon bij elkaar wilden zijn en met mij praatten als een vriendin, niet als een volwassene,” vertelt ze.

In een foto die Vlasova op een zonovergoten middag van de 16-jarige Aljona Krysjtsjenko maakte, zijn de complexe emoties vastgelegd die de fotografe met haar serie hoopt uit te beelden: de schoonheid van de jeugd en tegelijkertijd de onzekerheid en moed van een tiener. “Ze heeft haar ogen gesloten, en voor mij symboliseert dat haar onzekere toekomst en de onzekerheid over wie ze zal worden,” legt Vlasova uit.

“Als je jong bent, wil je niet te hele tijd depressief zijn,” zegt de fotografe. Maar de werkelijkheid is dat veel van de tieners slaapmiddelen nemen om een goede nachtrust te hebben. Als vijftien- zestienjarigen “worden ze geacht de typische tienerliefdes en -drama’s door te maken.” Dat gebeurt ook, maar als je dan naar een voetbalwedstrijd gaat, hoor je van een meisje dat een bezoekje aan haar tante in Loehansk bracht dat een man bij de grensovergang voor haar ogen ineenzakte en overleed door uitputting en oververhitting, vertelt Vlasova. Voor tieners is het leven in oorlogsgebied een combinatie van vreselijke en vrolijke gebeurtenissen, en ze zouden gemakkelijk door woede en rouw kunnen worden overmand, maar “ze kiezen in deze situatie voor het leven,” zegt Vlasova.

Als Vlasova elders is om verslag te doen van andere aspecten van de oorlog, houden de tieners contact met haar. Als ze hoort dat hun gebied onder vuur ligt, wat momenteel bijna dagelijks gebeurt, neemt Vlasova contact met ze op om er zeker van te zijn dat ze veilig zijn. “Jongens, zijn jullie thuis? Zijn jullie veilig?” schrijft ze in een groeps-chat. “Ik ben thuis, het is nu rustig, alles is oké,” antwoordt iemand. In Sjtsjastja en Popasna is de band tussen Vlasova en de tieners hecht, en zij voelt zich vereerd dat ze een rolmodel voor hen kan zijn. “Luister,” zegt ze tegen de tieners, “ik kom uit een klein stadje, ben in Kiev opgeleid en heb een carrière opgebouwd. Ik ben maar in m’n eentje en dit is wat ik doe. Jullie kunnen dat ook, je hebt altijd kansen, uit welke gestoorde situatie je ook komt.”

“Ik ben echt dankbaar dat ze mij in hun levens hebben toegelaten,” zegt Vlasova.