Een kijkje in het stille leven van ‘oudgelovigen’ in Siberië

Het bestaan van deze Russisch-orthodoxe ‘oudgelovigen’ in Siberië wordt beheerst door vroomheid en de natuur.dinsdag 5 juni 2018

Door Alexandra E. Petri
Foto's Van Emile Ducke

Een van de dingen die hem het meest zijn bijgebleven, zijn de diensten: kleine, intieme bijeenkomsten van niet meer dan vijftien staande gelovigen, verenigd in gebed. In Aidara, een afgelegen gehucht in het westen van Siberië, was er geen kerk, dus hielden de inwoners hun diensten ’s avonds in een speciaal gewijde kamer in iemands huis. De diensten duurden een paar uur, maar soms ook zeven uur, tot in de vroege ochtend van de volgende dag. In de hoeken van de kamer hingen iconen. Er werd wierook gebrand, terwijl kaarsen hun warme gloed op de geconcentreerde gezichten van de Russisch-orthodoxe oudgelovigen wierpen, die goddelijke momenten van hun diepgewortelde geloof beleefden.

“Dat heeft denk ik de meeste invloed op mij gehad,” zegt Emile Ducke, een student fotojournalistiek die momenteel in Moskou woont.

In de zomer van 2016 legde Ducke de levens en rituelen van Russisch-orthodoxe oudgelovigen vast, een sekte binnen de Oosters-orthodoxe kerk die zich laat leiden door tradities die stammen uit de tijd vóór de hervormingen van deze religie, in de zeventiende eeuw. De in Duitsland geboren Ducke studeerde in de Siberische stad Tomsk, waar hij geïnteresseerd raakte in de geïsoleerde gemeenschappen van deze regio, met name in de noordelijke streek langs de rivier de Ket. Samen met een medestudent reisde Ducke enige tijd langs de dorpen aan de rivier, waar hij het dagelijks leven en de problemen van de mensen leerde kennen. Het was daar dat hij voor het eerst van de oudgelovigen van Aidara hoorde.

“We waren meteen gefascineerd, want de geschiedenis van de oudgelovigen is onverbrekelijk verbonden met die van Siberië en van de gemeenschappen die daar wonen,” vertelt Ducke.

De oudgelovigen splitsten zich in 1652 van de Russisch-orthodoxe kerk af, na een reeks hervormingen die door de patriarch Nikon waren ingevoerd om de Russisch-orthodoxe kerk meer te doen aansluiten op de Grieks-orthodoxe kerken. Tot de veranderingen behoorden de officiële spelling van de naam van Jezus in de gebedenboeken en het aantal vingers dat werd gebruikt om het kruisteken te maken. De oudgelovigen weigerden de veranderingen te accepteren en werden gevangengezet of vervolgd. Velen gingen in ballingschap en verhuisden naar de verre steppen van Siberië.

Hoewel er tegenwoordig ook gemeenschappen van oudgelovigen in Moskou en delen van Amerika wonen, zijn het vooral de oudgelovigen in Aidara die Ducke fascineren.

“We hebben het over een gemeenschap die echt van de buitenwereld is afgesloten,” zegt Ducke. “Op drie uur varen met de boot ligt Aidara nog afgelegener dan de meeste dorpen.”

Het is een aparte wereld. “De aankomst alleen al is een bijzondere ervaring,” zegt Ducke. De enige manier om het plaatsje te bereiken, is een boottocht van drie uur over de rivier de Ket. Een familielid van een van de inwoners vervoerde Ducke en zijn collega in een motorbootje stroomopwaarts naar de nederzetting. Daarna kwamen ze na een wandeling van ruim drie kilometer aan bij de hooiweiden aan de rand van het dorp. Aidara lag vrijwel verscholen in de natuur.

Noch het landschap noch de mensen die hij ontmoette, hadden Ducke enig idee gegeven van wat hem te wachten stond toen hij op zijn bestemming aankwam.

“Het deed me denken aan de foto’s van Sergej Prokoedin-Gorskii, die dit gebied een eeuw geleden in opdracht van de Russische tsaar bezocht,” vertelde hij. Nicholaas II droeg de fotograaf Prokoedin-Gorskii op om het Russische Rijk in kaart te brengen en hij maakte de eerste kleurenfoto’s van het vroeg-twintigste-eeuwse Rusland.

Hoewel Ducke bewondering had voor de sterke band met de natuur van de oudgelovigen, zag hij hoe zwaar deze levensstijl was. Ze hebben geen televisie of internet, maar er zijn generatoren die overdag elektriciteit leveren voor tractoren en brommers die voor het dagelijks werk worden ingezet. De post wordt om de twee weken per helikopter bezorgd en ’s zomers loopt Aidara het risico op bosbranden in de omringende wouden.

“In de eerste paar dagen was er een bosbrand. De hele gemeenschap van oudgelovigen trok het bos in om tegenvuren aan te leggen, waardoor de branden werden afgesneden,” vertelt Ducke.

Naast de religieuze diensten was deze inzet van een hele gemeenschap tegen een bosbrand voor Ducke een van de meest aangrijpende ervaringen tijdens zijn verblijf bij de oudgelovigen. Hij denkt dat het voorval de band versterkte die hij met deze gemeenschap zou opbouwen.

“We hebben veel van dat soort intense momenten samen doorgemaakt, en dat hielp denk ik bij het opbouwen van het vertrouwen dat ik nodig had voor het vastleggen van Aidara.”

Fotograaf Emile Ducke woont in Moskou. Bekijk meer van zijn werk op zijn website en op Instagram.