Waarom mensen zich vastbijten in complottheorieën

De menigte die het Capitool bestormde baseerde zich op desinformatie. Dat maakt duidelijk hoe desastreus dat soort theorieën kunnen uitpakken.

Door Jillian Kramer
Published 12 jan. 2021 12:28 CET
Aanhangers van president Trump hebben een Amerikaanse vlag bevestigt aan een symbool dat staat voor de ...

Aanhangers van president Trump hebben een Amerikaanse vlag bevestigt aan een symbool dat staat voor de QAnon-complottheorie tijdens hun bijeenkomst bij het Amerikaanse Capitool op 6 januari 2021 in Washington.

Foto van Win McNamee, Getty Images

Op 6 januari drongen relschoppers het Amerikaanse Capitool binnen. Hun doel was om chaos te creëren en de Congresleden die bijeen waren om de verkiezingsuitslag te bekrachtigen eens flink de waarheid te zeggen. Volgens hen was er fraude gepleegd bij de verkiezing van de president. Hun krachtige, vertrouwenwekkende leider steunde hen in die overtuiging.

‘Ze hebben geknoeid met de verkiezing,’ betoogde president Donald Trump eerder die dag ten onrechte tegenover een menigte van duizenden aanhangers in Washington. ‘Vergis je niet, deze verkiezing werd gestolen van jullie, van mij en van het land.’

Maar het idee dat er met de verkiezingsuitslag is geknoeid is per definitie een complottheorie; het is een verklaring voor de gebeurtenissen die gebaseerd is op de aanname dat machtige mensen op oneerlijke wijze de maatschappij manipuleren. In werkelijkheid werden tientallen juridische claims dat sprake was van stemfraude door rechtbanken op verschillende niveaus verworpen. De Amerikaanse minister van Justitie William Barr zei afgelopen maand dat het ministerie geen bewijs had gevonden van grootschalige verkiezingsfraude. Zelfs Mitch McConnell, de leider van de Republikeinen in de Senaat die gedurende het grootste deel van het presidentschap een bondgenoot van Trump was, noemde enkele van de beschuldigingen van stemfraude van Trump onlangs ‘verregaande complottheorieën’.

Volgens Peter Ditto, sociaal psycholoog aan de University of California maakte Trump ‘bevestigingsvooroordelen tot een wapen.’ ‘Hij zweepte een mensenmassa op en maakte een wapen van datgene waar mensen van nature toe geneigd zijn.’

Deze menselijke neiging (om de dingen te geloven die overeenkomen met wat we al dachten, of die nou kloppen of niet) speelde al een rol lang voordat relschoppers het Capitool besmeurden en vernielden. En tijdens de pandemie heeft desinformatie een hoge vlucht genomen.

Aanhangers van president Donald Trump bestormen het Amerikaanse Capitool nadat hij ze op 6 januari 2021 in Washington heeft toegesproken. De Trump-supporters verzamelden zich in de hoofdstad om te demonstreren tegen de bekrachtiging van de overwinning van aanstaande president Joe Biden op president Trump in het kiescollege naar aanleiding van de verkiezing uit 2020.

Foto van Samuel Corum, Getty Images

De Wereldgezondheidsorganisatie noemt dit fenomeen een ‘infodemie’, een tijd waarin een stortvloed aan data wordt vermengd met onwaarheden, soms met rampzalige gevolgen. Er waren mensen die brand stichtten in 5G-zendmasten nadat ze op sociale media berichten hadden gelezen waarin werd gesteld dat deze nieuwe technologie COVID-19 zou kunnen veroorzaken. Een zorgwekkende minderheid van de mensen ontkent dat het virus bestaat, zelfs nog wanneer ze eraan sterven.

Volgens deskundigen hechten de meeste mensen niet al te veel waarde aan onwaarheden. Maar wanneer desinformatie een simpele verklaring biedt voor gebeurtenissen die anders een kwestie van toeval zijn, ‘geeft dat soort informatie veel mensen weer een gevoel van controle,’ aldus Sander van der Linden, die als sociaal psycholoog werkt aan de Engelse University of Cambridge.

De desinformatie waarmee we voortdurend worden geconfronteerd, gaat nu (met name in Amerika) gepaard met een pandemie, een crisis in de werkgelegenheid, massale demonstraties tegen gewelddadig politieoptreden en racisme en verkiezingen die een zeer polariserend effect hadden. In tijden van onzekerheid kunnen de verklaringen die complottheorieën en andere onwaarheden bieden des te aantrekkelijker zijn, hoewel het niet onmogelijk is om ze te ontkrachten of er geen waarde aan te hechten.

De aantrekkingskracht van complotdenken in een chaotische wereld

Mensen maken gebruik van cognitieve sluiproutes - grotendeels onbewuste vuistregels om sneller beslissingen te kunnen nemen - om te bepalen wat ze wel of niet moeten geloven. En mensen die bezorgd zijn, of die verwarring ervaren, die behoefte hebben aan houvast, baseren zich mogelijk nog vaker op dergelijke cognitieve sluiproutes om de wereld om zich heen te begrijpen, zegt sociaal en politiek psycholoog Marta Marchlewska die onderzoek doet naar complottheorieën aan de Poolse Academie van Wetenschappen.

Uit een recente enquête bleek dat ruim vijftig procent van de Amerikanen stelde meer stress te ervaren tijdens de pandemie. Te midden van al die onrust ‘is het niet vreemd dat we complottheorieën zien toenemen,’ stelt sociaal psycholoog Karen Douglas van de Engelse University of Kent. Uit haar onderzoek bleek dat mensen die zich onzeker voelen in hun relaties en die de neiging hebben om hun problemen als rampzalig te ervaren vatbaarder zijn voor complottheorieën.

Veel van de complottheorieën die momenteel de ronde doen zijn een poging om een verklaring te vinden voor de pandemie. In een onderzoek waarover in oktober een artikel werd gepubliceerd legden Van der Linden en zijn collega's inwoners van de VS, Groot-Brittannië, Ierland, Spanje en Mexico stellingen voor met vaak gehoorde desinformatie en feiten over COVID-19.

Hoewel een grote meerderheid van de respondenten de desinformatie herkende, accepteerden sommige mensen de onjuiste beweringen als de waarheid. Zo geloofde tussen de 22 en 37 procent van de respondenten (afhankelijk per land) dat het coronavirus in een Chinees laboratorium in Wuhan werd gecreëerd. Sommige mensen deden correcte informatie van de hand als onzin, zoals het feit dat diabetes het risico van een ernstig verloop van COVID-19 vergroot.

De deelnemers die waarde hechtten aan desinformatie waren ook minder geneigd om zich te houden aan coronamaatregelen, zoals het dragen van mondkapjes, en aarzelden vaker over vaccinatie. Dit resultaat ondersteunt de uitkomst van eerdere onderzoeken die aantoonden dat de bereidheid van mensen om nepnieuws te geloven ook gevolgen heeft voor hun gedrag, aldus sociaal psycholoog Jan-Willem van Prooijen van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Volgens deskundigen geloven mensen desinformatie die ze regelmatig horen ook eerder, zoals beschuldigingen van verkiezingsfraude of de stelling dat COVID-19 niet gevaarlijker is dan een gewoon griepje. ‘Het brein verwart een vertrouwde boodschap met de waarheid,’ vertelt Van der Linden.

Collectief narcisme

 ‘Collectief narcisme’ oftewel de groepsgewijze overschatting van het belang van die groep is een andere psychologische factor die kan bijdragen aan het geloof in complotdenken. Uit onderzoek van Marchlewska blijkt dat collectieve narcisten graag op zoek gaan naar ingebeelde vijanden en samenzweringstheorieën adopteren waarin ze die tegenstanders als schuldigen aanwijzen.

This urge is particularly strong when narcissistic people fail, or members of their group fail. “For some people, conspiracy beliefs are the best way to deal with the psychological threat posed by their failure,” Marchlewska says, adding that this phenomenon was likely at work as rioters stormed the Capitol.

Die neiging is met name sterk wanneer narcistisch aangelegde mensen falen of wanneer leden van hun groep falen. ‘Voor sommige mensen zijn complottheorieën de aangewezen manier om om te gaan met de psychologische dreiging die hun falen vormt,’ stelt Marchlewska. Ze voegt daaraan toe dat dit waarschijnlijk het geval was bij de bestorming van het Capitool.

Het aanwijzen van een tegenstander die ‘over eigenschappen beschikt die vanuit jouw culturele oogpunt slecht zijn’ levert mensen het gevoel op dat ze controle hebben over wat er met ze gebeurt, stelt psycholoog Daniel Sullivan die aan de University of Arizona onderzoek doet naar de manier waarop mensen omgaan met tegenslagen.

En wellicht hebben mensen ook een meer instinctieve drijfveer om de standpunten van de groep waar ze toe behoren te verdedigen. In de loop van de evolutie leefden mensen in groepen die onderling met elkaar concurreerden. Daardoor zijn onze hersenen zo gevormd dat we op onze hoede zijn voor buitenstaanders en trouw zijn aan onze groepsgenoten, stelt Ditto. Uit zijn onderzoek in 2019 bleek dat dergelijke vooroordelen ‘natuurlijke en bijna onuitroeibare onderdelen zijn van de menselijke cognitie.’

‘Ik denk dat het verleidelijk is om dit als een klinisch fenomeen te zien: er is iets mis met dat soort mensen,’ stelt Ditto. ‘Maar je sociale omgeving kan heel bepalend zijn als je toevallig deel uitmaakt van een groep mensen die ergens in gelooft of die ergens gek van is.’

Volg de leider

Binnen groepen heersen vaak dezelfde denkbeelden en die zijn vaak afkomstig van een handjevol invloedrijke mensen. Uit een in oktober gehouden enquête onder ruim tweeduizend Amerikanen onder leiding van politicoloog Joseph Uscinski van de University of Miami bleek dat de denkbeelden van mensen nauw verband hielden met hetgeen hun politieke leiders ze hadden verteld. Zo bleek 56 procent van de naar eigen zeggen Democratische kiezers te geloven dat er een samenzwering gaande was om de verwerking van per post uitgebrachte stemmen te blokkeren, tegenover 31 procent van de Republikeinen.

Mensen ‘die in complottheorieën geloven zijn meestal op zoek naar een redder, iemand die hun clubje zal beschermen tegen de boze buitenwereld,’ aldus Marchlewska. Zij wijst op QAnon, een via internet snel groeiende beweging van mensen die een complottheorie aanhangen die inhoudt dat er een machtige groep satanistische pedofielen is die samenzweert tegen president Trump. (Een aanhanger van QAnon, Marjorie Taylor Greene, werd onlangs verkozen in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden voor de staat Georgia.)

‘Het is overduidelijk dat machtige figuren zich in de loop van de geschiedenis bediend hebben van complottheorieën en desinformatie,’ aldus Marchlewska. ‘Dat zijn extreem gevaarlijke politieke wapens om het volk te manipuleren en aan macht te winnen. Eerst ga je op zoek naar denkbeeldige vijanden, en daarna bereid je je voor op een strijd. De laatste fase is meestal tragisch: onschuldige mensen worden het slachtoffer.’

De waarheid herkennen

Als mensen eenmaal iets geloven, is het bijna onmogelijk om ze op andere gedachten te brengen. Politicoloog Emily Thorson van de Amerikaanse Syracuse University noemt dit psychologische verschijnsel ‘belief echoes’ (geloofsecho's): een ‘obsessieve, emotionele reactie op informatie die zelfs standhoudt als we weten dat die niet klopt.’

Wanneer desinformatie in het nieuws komt (vaak tijdens pogingen om onwaarheden te weerleggen), kan het feit dat die wordt besproken als onbedoeld effect hebben dat mensen vertrouwd raken met onjuiste denkbeelden. Uit een recent onderzoek bleek dat dit met name gebeurde tijdens de pandemie. Via de media waren vaak mensen te horen die ‘pleitten voor onbewezen behandelingen, de wetenschappelijke kennis over de aard en oorsprong van SARS-CoV-2 ontkenden en complottheorieën aanhingen waarin werd gesteld dat de ziekte met kwade opzet was veroorzaakt.’

Maar volgens deskundigen kan het helpen als mensen geïnformeerd worden over de manier waarop desinformatie zich verspreidt. Van der Linden onderzocht onlangs of mensen minder vatbaar zijn voor nepnieuws als ze van tevoren zijn voorgelicht over technieken die worden ingezet om onwaarheden te verspreiden. Zijn conclusie was dat deelnemers die eenmaal op de hoogte waren van veel gebruikte technieken voor het verspreiden van desinformatie (bijvoorbeeld door in berichten een beroep doen op emoties of te stellen dat het gaat om een dringende kwestie), vaker onbetrouwbare informatie herkenden.

Ook een verandering in de mate waarin we worden blootgesteld aan onjuistheden kan effectief zijn. Desinformatie kan zich snel verspreiden op platforms voor sociale media. Die zijn nu begonnen met experimenten waarin ze onbetrouwbare berichten verwijderen. Uit een onderzoek uit 2019 bleek dat mensen meer vertrouwen hebben in nieuws van de toonaangevende media dan in zeer eenzijdige of nepsites. Dat betekent dat sociale media-platforms een verschil zouden kunnen maken, als zij voorrang zouden verlenen aan berichten van betrouwbare bronnen, aldus experts.

Wat betreft desinformatie over de pandemie kan de persoonlijke band met artsen en andere medewerkers in de gezondheidszorg een cruciale rol spelen. In een in september gepubliceerd onderzoek  concludeerde sociaal psychologe Valerie Earnshaw van de University of Delaware dat aanhangers van complottheorieën over COVID-19 minder geneigd waren dan anderen om zich te laten vaccineren. Maar 90 procent van de ondervraagden zei wel vertrouwen te hebben in hun arts. Dat resultaat strookt met eerdere onderzoeken waaruit bleek dat artsen rechtstreeks kunnen bijdragen aan het tegengaan van de verspreiding van onjuiste informatie op het gebied van gezondheid.

De kans om mensen ervan te overtuigen dat er niet geknoeid is met de verkiezing ‘is het grootst als Republikeinse leiders en andere vooraanstaande personen die het vertrouwen hebben van de aanhang van Donald Trump zich zouden uitspreken en duidelijk zouden maken dat ze het niet met hem eens zijn’, aldus Joseph A. Vitriol, sociaal en politiek psycholoog aan de Stony Brook University in New York.

Maar in het algemeen zou het voor de maatschappij gunstig kunnen zijn als mensen zich realiseren dat er niks mis mee is om het aan het verkeerde eind te hebben.

‘Mensen vinden het niet prettig om dingen niet te weten, ze hebben vaak het gevoel dat ze een mening moeten hebben over dingen waar ze niets van afweten,’ stelt hij. Als we willen voorkomen dat mensen vasthouden aan onwaarheden, moeten we de gedachte stimuleren dat het ‘logisch is dat je van gedachten verandert als er nieuwe informatie beschikbaar komt.’

Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com

Lees meer

Ontdek Nat Geo

  • Dieren
  • Milieu
  • Geschiedenis en Cultuur
  • Wetenschap
  • Reizen
  • Fotografie
  • Ruimte
  • Video

Over ons

Abonnement

  • Abonneren
  • Schrijf je in
  • Shop
  • Disney+

Volg ons

  • Gebruiksvoorwaarden
  • Privacyverklaring
  • Cookiebeleid
Copyright © 1996-2015 National Geographic Society. Copyright © 2015-2017 National Geographic Partners, LLC. Alle rechten voorbehouden.