Milieu

Waarom Trump steenkool niet ‘great again’ kan maken

De marktwerking zal verhinderen dat mijnwerkers hun banen terugkrijgen. Maar Trump kan de teloorgang van steenkool wel vertragen – evenals de opkomst van duurzame energie. donderdag, 9 november

Door Michelle Nijhuis

Op 29 april 2016 klonk om half tien ‘s ochtend een harde knal in de North Fork Valley in het westen van de Amerikaanse staat Colorado. Boven in de vallei zakte een veertien verdiepingen hoge betonnen silo voor steenkool in elkaar, brak in stukken uiteen en verdween in wolken zwarte en grijze rook. Tientallen jaren had de kolenmijn, waarvoor de silo bedoeld was, de meeste mensen in het nabijgelegen plaatsje werk bezorgd. Maar er was steeds minder te doen geweest in de mijn, tot er helemaal geen werk meer over was, behalve dan voor vier overgebleven werknemers. De sloop van de silo bevestigde wat velen al vreesden: de Oxbow Mine met zijn goedbetaalde banen had de vallei voorgoed verlaten.

Ik woonde vijftien jaar in de North Fork Valley. Aan het eind van de jaren 00, toen goedkoop aardgas de Amerikaanse steenkool begon te verdringen, zag ik, en voelde ik soms, de lokale effecten. Honderden mijnwerkers raakten werkloos, net als degenen die afhankelijk waren van hun klandizie. Gezinnen trokken weg en sommige plaatselijke scholen raakten zoveel leerlingen kwijt dat ze moeite hadden om voort te bestaan. De problemen waren niet gering, net als de angst en boosheid.

Op 4 mei, nog geen week nadat de Oxbow steenkoolsilo werd opgeblazen, kwam Donald Trump op verkiezingscampagne in het Charleston Civic Center in West Virginia. Hij zette een helm op, deed of hij steenkool schepte en prees de moed en toewijding van de mijnwerkers. “Als ik win, laten we de mijnwerkers weer terugkeren”, hield hij zijn publiek voor. “Door idiote regelgeving kunnen jullie niet concurreren. Dat gaat allemaal van tafel, mensen.” Tijdens zijn campagne beloofde Trump zijn supporters herhaaldelijk dat hij een einde zou maken aan de ‘war on coal’, de oorlog tegen steenkool. Zijn toehoorders juichten en hun enthousiasme zorgde ervoor dat de ‘swing states’ Pennsylvania en Ohio naar Trump gingen.

Maar drie dagen na de overwinningsspeech van Trump in New York waarschuwde de partijleider van de Republikeinen in de Senaat, Mitch McConnell, zijn kiezers in Kentucky dat het “lastig te zeggen” was of het terugdraaien van regels meer banen in de mijnen zou opleveren. Hij wees er voorzichtig op dat mijnbouw “een activiteit van de private sector” is, die voornamelijk wordt gestuurd door vraag en aanbod.

Vertegenwoordigers van de bedrijfstak sloten zich bij hem aan: Terry Headley van de American Coal Council (Amerikaanse Raad voor Steenkool), noemde de verkiezing “het eerste sprankje hoop in jaren”, maar waarschuwde Trumps aanhangers in steenkoolregio’s dat het geen garantie is. “Houd er rekening mee dat het tijd gaat kosten”, zegt hij. “Veel van deze banen komen niet terug, zeker niet op korte termijn.”

Trumps plannen

Door het op 28 maart 2017 door Trump getekende decreet werd een begin gemaakt met het herroepen van onder Obama ingezet klimaatbeleid. Het decreet bepaalt dat de ‘social cost of carbon’ (sociale kosten van CO2), moet worden geschrapt. Dit was de belangrijkste meeteenheid waarmee de Amerikaanse overheid de toekomstige kosten van CO2-uitstoot schatte. Met het decreet werd ook beleid van Obama op het gebied van CO2-uitstoot door de federale overheid teruggedraaid, evenals een verbod uit 2016 op het verpachten van federale stukken grond voor kolenmijnbouw.

“Over het decreet wordt gezegd dat er banen in de mijnbouw mee worden gespaard. Klopt dat? Simpel gezegd, ja”, aldus Scott Segal, directeur van de Electric Reliability Coordinating Council, een Amerikaanse koepel van  energiebedrijven die voor steenkolenmijnen zijn. “Het decreet is gericht op een betrouwbare en betaalbare energieproductie waarin een belangrijke rol blijft weggelegd voor steenkool”.

Het decreet is het nieuwste onderdeel van het eerbetoon van de regering Trump aan steenkool. In zijn eerste twee maanden als president blokkeerden Trump en zijn medestanders in het Congres ook al een voorstel van het Amerikaanse ministerie van Binnenlandse Zaken om oppervlaktewater beter te beschermen tegen afval van steenkoolmijnen. In februari tekende Trump een decreet ter vervanging van een nieuwe maatregel van het EPA (Environmental Protection Agency, het federale milieu-agentschap) waardoor de bescherming van de Clean Water Act, een wet om waterverontreiniging tegen te gaan, ook zou gelden voor de bovenloop van rivieren en water- en moerasgebieden.

Als Trump zijn belofte houdt, is het goed mogelijk dat de productie en winsten van de Amerikaanse kolenmijnbouw weer zullen aantrekken. De dag na Trumps verkiezing steeg het aandeel Peabody Energy, ‘s werelds grootste private steenkoolproducent, met 50 procent. Maar het zal niet lukken om de steenkoolregio’s ook op de lange termijn uit het slop te halen.

Het aantal banen in de Amerikaanse kolenmijnbouw daalde de afgelopen 35 jaar van rond de 250.000 naar vijftigduizend. Het banenverlies werd deels veroorzaakt doordat de mijnen vaker gebruikmaken van buitenlandse leveranciers, en deels door toenemende mechanisering. In de late jaren 00 zorgde de opkomst van de schaliegastechnologie voor een enorme groei in de Amerikaanse gasproductie. Hierdoor daalde de vraag naar door kolen opgewekte energie drastisch en ging de gestage afname van de werkgelegenheid in de mijnen over in een vrije val.

Sinds 2008 sloten circa driehonderd op kolen gestookte energiecentrales hun deuren. Die trend wordt niet gekeerd door minder strenge voorschriften, ook al niet omdat Trump ook voorstellen heeft gedaan om de regelgeving rond de Amerikaanse olie- en gasproductie te versoepelen. “Steenkool is waarschijnlijk de brandstof die het minst baat zal hebben bij de overwinning van Trump”, stelde David Victor die als energiedeskundige werkzaam is bij de University of California in San Diego enkele dagen na de verkiezing.

Hoewel het dus niet waarschijnlijk is dat Trump met zijn energieplannen zijn beloften aan de mijnwerkers zal kunnen inlossen, kunnen die plannen wel de vooruitgang op het gebied van duurzame energie in de weg staan, zowel in de VS als daarbuiten. Daardoor worden kansen op het gebied van banengroei in nieuwe bedrijfstakken gemist en raakt het klimaat op aarde verder verstoord. Trump uitte felle kritiek op het Clean Power Plan (CPP), waarin beleidsmaatregelen van het EPA staan om de CO2-uitstoot van nieuwe en bestaande energiecentrales met 32 procent te reduceren. De president maakte met zijn recente decreet een begin met de herroeping van het CPP en zette een proces in gang voor het opstellen – en wetenschappelijk verantwoorden – van een beperktere, meer steenkoolvriendelijke versie.

Het CPP, waarmee de VS een van de eerste grote stappen zet om de klimaatverandering in te perken, wordt ook al juridisch aangevochten. Het zou goed kunnen dat het lot van het plan uiteindelijk wordt bepaald door Neil Gorsuch, die door Trump is voorgedragen voor het hoogste Amerikaanse gerecht, de Supreme Court. Hoewel sommige energiebedrijven zich al houden aan de regels van het CPP, omdat ze ervan uitgaan dat ze uiteindelijk moeten voldoen aan de uitstootbeperkingen, zou de ondergang van het plan de teloorgang van steenkool kunnen vertragen, evenals Amerika’s overstap naar meer duurzame brandstoffen.

De U.S. Energy Information Administration (de federale instelling die informatie op energiegebied verzamelt en verstrekt) schat dat, als het CPP wel doorgaat, er de eerste jaren fors minder steenkool zou worden verbrand, omdat energiecentrales steeds meer over zouden gaan op gas. Daarna zou het verbruik stabiliseren op een 20 procent lager niveau dan zonder de beperkingen voor CO2-uitstoot. De vraag naar elektriciteit blijft stijgen, in de analyse van de EIA, maar kan worden opgevangen door een toename van wind- en zonne-energie.

De regering Trump kan deze overgang naar energiesoorten met een lagere CO2-uitstoot vertragen door minder geld ter beschikking te stellen voor onderzoek naar en ontwikkeling van technologie voor duurzame energie. Energiecentrales die gas verbranden stoten minder CO2 uit dan op kolen stookte centrales. Maar uit recent onderzoek rijst de vraag of gas beter voor het klimaat is dan steenkool, vanwege de uitstoot van methaan waarmee de gasproductie gepaard gaat. Duurzame energievormen zijn inmiddels goedkoper dan ooit, maar kunnen nog niet dezelfde mate van flexibiliteit en betrouwbaarheid leveren als stroom van steenkool en aardgas.

Wereldwijd nadelige gevolgen

Trump zegt dat hij het in 2015 aangenomen klimaatakkoord van Parijs, dat inmiddels door 197 landen is ondertekend, gaat “annuleren”. Op dit moment kan hij, noch iemand anders, dat eigenhandig doen, maar zijn regering kan zich wel onttrekken aan de Amerikaanse toezeggingen. Die gaan niet alleen over de reductie van Amerikaanse uitstoot, maar ook over het op grote schaal financieren van CO2-arme energiebronnen in ontwikkelingslanden. Die zijn voor een groot deel nog afhankelijk van hun eigen voorraden van goedkope en makkelijk beschikbare steenkool.

In de maanden na de verkiezing van Trump hebben veel landen, waaronder China, gezegd dat zij zich zullen houden aan hun toezeggingen over reductie van de CO2-uitstoot, onafhankelijk van wat de VS doet. Ook India, waar het gebruik van steenkool enorm is gestegen, beloofde zich te houden aan de afspraken, althans voorlopig.

De tegenwerking van de regering Trump zal waarschijnlijk niet het einde betekenen van de voortgang op het gebied van uitstootreductie, en hetzelfde geldt voor het Clean Power Plan. Maar het feit dat de VS niet langer een leidende rol heeft, levert waarschijnlijk wel vertraging op, waardoor er op aarde meer steenkool wordt verbrand dan anders het geval was geweest, vooral in ontwikkelingslanden. Dat betekent dat meer mensen te maken krijgen met de nu al pijnlijk duidelijke gevolgen van klimaatverandering.

“We moeten het waarschijnlijk vier jaar zien uit te houden in een alternatief universum, waarin veel tijd verloren gaat”, aldus David Doniger, directeur van programma voor klimaat en schone lucht bij de Amerikaanse milieubeschermingsorganisatie Natural Resources Defense Council. “We zouden overuren moeten maken om klimaatverandering tegen te gaan, dus als we vier jaar verspillen heeft dat gevolgen voor onze kinderen en kleinkinderen. ‘Waar waren jullie mee bezig?’, zullen ze ons vragen.”