Milieu

Vermist echtpaar na 75 jaar gevonden – dankzij smeltende gletsjer

Door de opwarming van de aarde is in Zwitserland een ‘cold case’ waarschijnlijk opgelost. donderdag, 9 november 2017

Door Sarah Gibbens

Tijdens routineonderhoud aan installaties bij de Tsanfleurongletsjer in de Zwitserse Alpen zag een medewerker van de Zwitserse kabelbaanfirma Glacier 3000 vorige week een voet uit het ijs steken. Bij nadere inspectie vond hij nog twee andere schoenen, een hoed en de zwart geworden stoffelijke resten van een echtpaar.

Marcelin Dumoulin, ooit een plaatselijke schoenmaker, en zijn vrouw Francine, een lerares, worden al 75 jaar vermist.

“Hij informeerde de veiligheidsmensen en ik belde de politie,” vertelde Bernhard Tschannen, de directeur van het bedrijf. Afgelopen vrijdag vloog een helikopter naar het gebied, waar een groot stuk ijs uit de gletsjer werd gehakt om ervoor te zorgen dat de resten van het echtpaar intact werden geborgen. Op 19 juli bleek uit DNA-tests dat het inderdaad om het echtpaar gaat dat sinds 15 augustus 1942 wordt vermist.

Volgens berichten in het Zwitserse provinciale dagblad Le Matin, dat de vondst als eerste meldde, zijn dit niet de enige lichamen die in deze besneeuwde regio zijn gevonden.

De resten van drie broers die in 1926 verdwenen, werden in 2012 ontdekt; een bergbeklimmer die in 1954 in een afgrond stortte, werd in 2008 gevonden; en de lichamen van een stel dat in 2008 in de bergen was verdwenen, werden in 2012 ontdekt.

Sinds 1925 zijn in de Alpen en aangrenzende regio’s 280 mensen als vermist opgegeven.

“Elk jaar gaat er een halve tot één meter ijs verloren,” zei Tschannen. “Tachtig jaar geleden was deze gletsjer veel groter dan hij nu is.”

Tschannen denkt dat de ontdekking van de Dumoulins te danken is aan de opwarming van de aarde, omdat de lichamen bloot kwamen te liggen in het gedeelte van de gletsjer dat het snelst smelt.

Het ijs in de geliefde en pittoreske Alpen smelt inderdaad snel. Hoe snel is een kwestie waarover nog wordt gedebatteerd.

In een studie die in 2006 werd gepubliceerd, werd de onheilspellende prognose gedaan dat al het ijs in 2100 gedurende de zomers verdwenen zou zijn. Volgens een nóg onheilspellender inschatting uit 2007 zou dat al in 2050 gebeuren.

Volgens rapporten van de World Glacier Monitoring Service (WGMS) van de Universität Zürich zijn de Alpengletsjers tussen 2000 en 2010 naar schatting één meter van hun ijsdikte per jaar kwijtgeraakt.

In een rapport uit 2013 beschreef het hoofd van de WGMS het verlies aan ijs als “ongekend.”

“Het was een tragedie,” zei Tschannen over de Dumoulins. “Ze lieten zeven kinderen achter, van wie er nog twee leven.”

Dat de stoffelijke resten van het echtpaar Dumoulin zo goed bewaard zijn gebleven, is geen toeval. In berggebieden met ijs, zoals de Alpen, heerst een droog en koud klimaat, waardoor resten slechts heel langzaam vergaan.

IJs is een dusdanig goed conserveringsmiddel dat zelfs de stoffelijke resten van een man die vijfduizend jaar geleden stierf, in verbluffend goede staat zijn gevonden. Aangenomen wordt dat de man, die de bijnaam ‘Ötzi’ kreeg (naar het Ötztal in de Alpen waar hij werd ontdekt) en ook wel de ‘Iceman’ wordt genoemd, kort na zijn dood onder ijs werd begraven, waardoor het ontbindingsproces meteen werd vertraagd.

De tijd zal leren of er nog meer lichamen in het gletsjerijs liggen begraven.