Milieu

Oceaanbewoners eten tonnen plastic en dat is een probleem

Vissen en ongewervelde dieren verorberen deeltjes microplastic uit zee, zo blijkt. Wetenschappers maken zich daar zorgen over. donderdag, 9 november

Door Laura Parker

Ansjovissen zijn bekender om hun rol als pizzatopping dan om hun cruciale rol in de voedselketen in zee. Wetenschappers hebben zorgwekkend nieuw gedrag bij deze kleine prooivissen ontdekt dat mogelijk gevolgen heeft voor de volksgezondheid: ansjovissen eten kleine deeltjes plastic uit de oceaan. Omdat zij op hun beurt door grotere vissen worden gegeten, kunnen de giftige stoffen uit die microplastics terechtkomen in vissen die door mensen worden gegeten.

Ansjovissen zien de microplastics aan voor voedsel, omdat het naar voedsel ruikt, zo bleek uit een nieuw onderzoek dat werd gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the Royal Society B. Dit was het resultaat van een van de twee onderzoeken die afgelopen week werden gepubliceerd over de gevolgen van microplastics in zee. In het andere onderzoek, dat verscheen in het tijdschrift Science Advances, werd voor een deel verklaard hoe microplastics naar de diepzee worden getransporteerd door piepkleine ongewervelde zeediertjes die bekendstaan als mantelvisjes.

Microplastics ontstaan wanneer plastic afval onder invloed van zonlicht en golven uiteenvalt in deeltjes ter grootte van een rijstkorrel, zo'n vijf millimeter of minder. Die veroorzaken in de oceanen wat wetenschappers een ‘plasticsoep’ noemen. Wat de invloed daarvan is op het ecosysteem in zee is echter nog niet volledig bekend. Uit een onderzoek in 2015, dat zich richtte op metingen van de hoeveelheid microplastic in de wereldzeeën, bleek dat de 'soep’-beschrijving klopte. Geschat werd dat er in 2014 tussen de 15 en 51 biljoen plasticdeeltjes in het water dreven, met een totaalgewicht tussen de 93 en 236 miljoen kilo.

Microplastics ontstaan wanneer plastic afval onder invloed van zonlicht en golven uiteenvalt in deeltjes ter grootte van een rijstkorrel, zo'n vijf millimeter of minder. Die veroorzaken in de oceanen wat wetenschappers een ‘plasticsoep’ noemen. Wat de invloed daarvan is op het ecosysteem in zee is echter nog niet volledig bekend. Uit een onderzoek in 2015, dat zich richtte op metingen van de hoeveelheid microplastic in de wereldzeeën, bleek dat de 'soep’-beschrijving klopte. Geschat werd dat er in 2014 tussen de 15 en 51 biljoen plasticdeeltjes in het water dreven, met een totaalgewicht tussen de 93 en 236 miljoen kilo.

Maar er blijven nog steeds vragen. Een daarvan is: hoe lang duurt het voordat plastic in de oceaan wordt afgebroken en wat gebeurt er tijdens die afbraak met de gifstoffen die erin zitten? Er zijn zo'n zevenhonderd diersoorten die plastic eten, maar wat daarvan de gevolgen zijn, moet nog worden uitgezocht.

Er komt steeds meer onderzoek beschikbaar. Toen postdoctoraal onderzoeker Matthew Savoca van het National Oceanic and Atmospheric Administration Southwest Fishereries Science Center in Monterey in de Amerikaanse staat Californië begon met zijn studie naar ansjovissen, waren er meldingen van vijftig vissoorten die microplastics eten. Toen hij zijn onderzoek twee jaar later afrondde, was die telling opgelopen naar honderd vissoorten.

“De wetenschappelijke belangstelling voor dit probleem is de afgelopen vijf jaar enorm toegenomen,” aldus Savoca. “Het publiek denkt dat het plastic in de zeeën bestaat uit grote stukken, die goed te zien zijn. Tandenborstels, aanstekers, plastic zakken. Maar het overgrote deel van het plastic in de oceanen bestaat uit kleine stukjes. Meer dan negentig procent is minder dan tien millimeter lang. Dat is echt piepklein.”

“Het publiek denkt dat het plastic in de zeeën bestaat uit grote stukken, die goed te zien zijn. Tandenborstels, aanstekers, plastic zakken. Maar het overgrote deel van het plastic in de oceanen bestaat uit kleine stukjes. Meer dan negentig procent is minder dan tien millimeter lang. Dat is echt piepklein.”

door Matthew Savoka

De geur van voedsel

Als grotere stukken plastic afval in de oceaan uiteenvallen, trekken ze algen aan en krijgen ze een geur die veel lijkt op het voedsel dat zeedieren eten. De resultaten van het ansjovisonderzoek van Savoca komen overeen met die van een onderzoek dat hij in 2016 publiceerde. Daaruit bleek dat ook zeevogels plastic verwarren met eten, vanwege de geur.

Voor het onderzoek naar de vogels keek Savoca naar historische gegevens, maar onderzocht hij geen levende vogels. Tijdens zijn onderzoek naar ansjovissen, onderzocht hij de vissen wel. Maar daarbij richtte hij zich vooral op het gedrag van de vissen.

In plaats van de ansjovissen microplastic te voeren, bood Savoca scholen Noord-Amerikaanse ansjovissen, die waren gevangen in de Californische Baai van Monterey twee soorten geuroplossingen aan. Een daarvan was gemaakt van plasticafval en een was gemaakt van schoon plastic. De ansjovissen reageerden op het afvalplastic zoals ze dat normaalgesproken doen als ze voedsel tegenkomen. Ze reageerden niet op het schone plastic.

Ansjovissen behoren tot de circa zevenhonderd soorten dieren die plastic uit de oceaan eten, luidt de conclusie van het onderzoek. Savoca koos voor een onderzoek naar ansjovissen vanwege hun rol in de voedselketen.

“Ze zijn een belangrijk onderdeel van de systemen in kustgebieden,” stelt hij. “Ze eten krill (kleine garnalen). Maar ze worden zelf gegeten door bultruggen, zeehonden, vogels en zelfs door mensen.”

Hoe plastic zich verspreid

Het andere onderzoek dat deze week verscheen, zocht een oplossing voor een ander mysterie rond microplastics: hoe komt het dat ze zich kunnen verspreiden door het hele ecosysteem in zee, en zelfs voorkomen in de meest verre uithoeken als op de oceaanbodem en in het zee-ijs van het Noordpoolgebied.

Kakani Katija, een National Geographic Explorer en marien onderzoeker bij het Monterey Bay Aquarium Research Institute, ontdekte dat de microplastics worden meegenomen naar de diepzee nadat ze worden opgegeten door piepkleine ongewervelde zeediertjes die gebruikmaken van filtervoeding en die bekendstaan als mantelvisjes. Voor dit onderzoek, dat ook in de Baai van Monterey werd uitgevoerd, werden op afstand bestuurbare constructies gebruikt om te registreren hoe de mantelvisjes de microplastics uit het water filteren en opnemen.

Het plastic wordt daarna ‘verpakt’ in hun uitwerpselen of in de ‘slijmhuisjes’ die ze maken om in te leven. Als ze die afstoten, zinken die huisjes snel naar de oceaanbodem en nemen het plastic dat ze bevatten mee. De onderzoekers konden niet berekenen hoe veel microplastic op die manier door de oceaan wordt verplaatst, vertelt Katija. Maar de aanwezigheid van de microplastics op grote diepte is een verdere aanwijzing voor de omvang van het probleem. Los van het feit dat ze ervoor zorgen dat het plastic zich kan verspreiden, worden de mantelvisjes ook door veel verschillende zeedieren gegeten. Ook op die manier dragen ze ertoe bij dat de microplastics op meer plekken in de voedselketen in zee terechtkomen.

“Er is lang gedacht dat plastic vooral een probleem vormde aan het wateroppervlak,” legt Katija uit. “Maar uit recent onderzoek bleek dat er ook op de oceaanboden overal waar wetenschappers keken afzettingen zijn van plasticdeeltjes. Hoe komt dat plastic daar? Hoe lang duurt het voordat het op de zeebodem belandt?

“Omdat andere organismen mantelvisjes eten, maar ook hun uitwerpselen en hun slijmhuisjes, kunnen microplastics en de chemische bestanddelen waar ze uit bestaan op veel verschillende manieren in de voedselketen in zee terechtkomen. En uiteindelijk dus ook op ons bord belanden.”

Lees meer