Reis om de wereld in 80 boeken

Van klassiekers tot avonturenverhalen en van thrillers tot liefdesromans: deze boeken bieden ‘a sense of place’.

Wednesday, April 8, 2020,
Door George W. Stone
Indonesië.

Indonesië.

Door het hart van de VS

TRAVELS WITH CHARLEY van John Steinbeck (1962): ‘Toen ik jong was, en bezeten van de drang om elders te zijn, werd mij door volwassen mensen verzekerd dat volwassenheid die onrust zou genezen,’ begint Steinbeck. Maar de onrust blijft, en de auteur trok met zijn hond door een veranderende VS.

REIZEN ZONDER JOHN van Geert Mak (2012): Mak treedt in de voetsporen van John Steinbeck (zie boven) die in 1960 een rondreis door de VS maakte. Hij beschrijft het Amerika van nu in mooie zinnen en rake typeringen.

SIDEWAYS van Rex Pickett (2004): Beste vrienden Miles en Jack maken vlak voor de bruiloft van de laatste een roadtrip langs enkele bodega’s in Californië. Hilarisch en onvergetelijk relaas, dat als film (terecht) een Oscar in de wacht sleepte.

DRIVING MR. ALBERT van Michael Paterniti (2000): Bizar maar waar: op deze autotrip van New Jersey naar Californië wordt Einsteins brein in een tupperwaredoos naar diens kleindochter gebracht.

ON THE ROAD van Jack Kerouac (1957): De bijbel van de Beat Generation en een meesterlijk verslag van de ultieme zoektocht naar vrijheid en avontuur.

BLUE HIGHWAYS van William Least Heat-Moon (1982): Ontslagen, gescheiden en feitelijk op de vlucht, begint Moon aan een reis van 21.000 kilometer over B-wegen – resulterend in een ode aan het tijdloze Amerikaanse platteland.

Prentenboeken

De lens ontsluit onbekende werelden, zoals deze fotoboeken tonen. UNTOLD (2012) vertelt het verhaal achter de beroemde foto van het Afghaanse meisje Sharbat Gula, en achter andere foto’s van plekken die door Steve McCurry’s meelevende blik iets universeel menselijks krijgen. HERE FAR AWAY (2012) bundelt veertig jaar van zwart-witfoto’s waarin de Finse fotograaf Pentti Sammallahti scherpstelt op dieren – van flamingo’s in Namibië tot een paard in een Engelse weide. THE JOURNEY IS THE DESTINATION (1997) is een hommage in foto’s en verslagen aan Dan Eldon, die op 22-jarige leeftijd werd gedood tijdens reportagewerk in zijn geliefde Afrika.

Reis om de wereld in 80 boeken.

Op zoek naar spanning 

THE DA VINCI CODE van Dan Brown (2003): Feit of fictie? Dat was de grote vraag na verschijning van Browns definitieve doorbraak, een esoterische thriller die zich hoofdzakelijk afspeelt in Parijs, dat bijvoorbeeld met het Louvre voorbijflitst in handig geschreven scènes.

THE DEAD HEART van Douglas Kennedy (1994): Aangetrokken door het grote niets in de Australische outback komt Nick Hawthorne in het verlaten stadje Wollanup terecht. Kennedy’s beschrijving van Nicks verblijf is zonder meer angstaanjagend.

MURDER ON THE ORIENT EXPRESS van Agatha Christie (1934): De Belgische speurneus Hercule Poirot ontmoet een eng stel treinreizigers als hij de moord op een rijke Amerikaan in de trein van Istanbul naar Londen tracht op te lossen.

Gordel van smaragd

HEREN VAN DE THEE van Hella S. Haasse (1992) is een meeslepende roman over het leven in koloniaal Nederlands-Indië. In BANDOENG-BANDUNG van F. Springer (2001) keert een uitgerangeerd politicus terug naar zijn land van herkomst waar hij wordt geconfronteerd met zijn verleden. DE STILLE KRACHT van Louis Couperus (2013) is een klassieker uit 1900, over de ‘stille kracht’ in koloniaal Java. Hollandse nuchterheid tegenover Javaanse mystiek. Het leven van Moenie, een helderziend meisje, voert de lezer langs honderd jaar Indische en Indonesische geschiedenis in EEN MEISJE VAN HONDERD van Marion Bloem (2012).

Komt een schrijver bij de dokter...

THE INNOCENTS ABROAD van Mark Twain (1869): Twain fileert het rariteitenkabinet van rijke Amerikanen op hun ‘grote pleziertocht door Europa en het Heilige Land’, maar beschrijft ook de vondsten die zelfs stuntelende blanken op reis kunnen doen.

DE UNIVERSELE REISGIDS VOOR MOEILIJKE LANDEN van Jelle Brandt Corstius (2012): Voor de reiziger die niet op pad gaat om te ontspannen schreef journalist en reisveteraan Brandt Corstius een informatieve en vooral heel komische reisgids. Hoe koop je een politieagent om? Hoe voorkom je diarree en wat is de beste stoel in een Russisch vliegtuig? Plus, altijd handig te weten: afdingen in tien stappen.

A WALK IN THE WOODS van Bill Bryson (1998): ‘Een stemmetje in m’n hoofd zei: Klinkt leuk! Gaan we doen!’ schrijft Bryson, ook auteur van A Short History of Nearly Everything, over zijn onheroïsche maar hilarische tocht over de Appalachian Trail. Mogelijk het grappigste pleidooi voor milieubescherming ooit geschreven.

THE SEX LIVES OF CANNIBALS van J. Maarten Troost (2004): Tropisch paradijs? Nee, een drama, aldus de Amerikaans-Nederlandse schrijver Troost. Hij prikt de idylle van de Stille Zuidzee door, in dit verslag van een mislukt avontuur op Tarawa, een eilandje in Kiribati.

AN IDIOT ABROAD van Karl Pilkington (2010): Een reisdagboek van de Britse radiopersoonlijkheid en sidekick van comedian Ricky Gervais die een hekel heeft aan reizen levert hilarische taferelen op. Vol tegenzin bezoekt Pilkington de zeven wereldwonderen. Ondanks – of juist dankzij – zijn soms absurde standpunten zet Pilkington aan tot denken.

HET REIZEN VEREIST STERKE ZENUWEN van Bob den Uyl (2004): Den Uyl voelde zich op reis eigenlijk altijd heel ongemakkelijk. Zijn soms werkelijk hilarische passages over onhandige ontmoetingen met locals zijn ongeëvenaard in de Nederlandse literatuur.

De ziel van Azië

ZEVEN JAAR IN TIBET van Heinrich Harrer (1952): In de Tweede Wereldoorlog ontstaat een verrassende band tussen de dalai lama en een Oostenrijkse alpinist, ontsnapt uit Britse krijgsgevangenschap in India.

THE QUIET AMERICAN van Graham Greene (1955): In dit klassieke verhaal over de Tweede Wereldoorlog schetst Greene het geblunder van westerse machten in het kruitvat Frans-Indochina.

THE BEACH van Alex Garland (1997): Een Thais eilandparadijs wordt een hel in deze satirische roman, die desondanks tot een ware run op afgelegen Thaise stranden leidde.

THE CALLIGRAPHER’S DAUGHTER van Eugenia Kim (2009): ‘Op de dag dat ik de angst ontdekte, besefte ik ook dat ik geen naam had.’ Zo begint dit bewogen verhaal over een aristocratie in verval, tijdens de vooroorlogse Japanse bezetting van Korea.

OP DE VLEUGELS VAN DE DRAAK van Lieve Joris (2013): De onbevangen Joris reist in het kielzog van Afrikaanse ondernemers van Dubai naar China en geeft in haar laatste titel, waarvoor ze de VPRO Bob den Uyl Prijs 2014 in ontvangst mocht nemen, de globalisering een menselijk gezicht.

Extreem Zuid-Amerika

DE RITSELAARS VAN HAVANA van Edwin Koopman (2005): Journalist Koopman doet in dit persoonlijke verhaal verslag van de manier waarop hij verstrikt raakt in het paranoïde dagelijks leven van Castro’s arbeidersparadijs.

IN PATAGONIA van Bruce Chatwin (1977): Als kind vond Chatwin, de Britse succesauteur die veel te jong stierf, een dinosauriërfossiel in de kast bij zijn oma, wat hem jaren later naar de zuidpunt van Zuid-Amerika deed reizen. Daar verdicht zijn trektocht zich in verhalen van bandieten, Butch Cassidy en immigranten uit Wales.

IN TROUBLE AGAIN van Redmond O’Hanlon (1988): Deze thrillerachtige jungletocht begint met een lijst van gevaren die O’Hanlon, inmiddels ook bekend van de VPRO-serie O’Hanlons Helden, in de groene hel van Venezuela wachten: de ziekte van Chagas (van een wants die je twintig jaar later kan doden); rivierblindheid; en de candiru, een minimeerval die zich in de plasbuis vastzet.

BRAZILIAN ADVENTURE van Peter Fleming (1933): Zijn broer bedacht James Bond, maar wie is Peter? Als 26-jarige journalist begon hij aan een 4800 kilometer lange jachttocht door de helse Braziliaanse jungle, op zoek naar een verdwenen Britse archeoloog.

Reizen op het witte doek

Deze locaties trokken de aandacht van Hollywood. DE MILLENNIUM-TRILOGIE van Stieg Larsson (2005-2007) introduceerde een moorddadig Zweeds winterlandschap als literair icoon. In THE MOTORCYCLE DIARIES (1993) zie je een jonge Ernesto ‘Che’ Guevara veranderen door een tocht door Zuid-Amerika. In WILD (2012) zakt Cheryl Strayed in haar eentje de Pacific Crest Trail langs de westkust van de VS af.

Literaire eenzaamheid in Afrika 

DON’T LET’S GO TO THE DOGS TONIGHT van Alexandra Fuller (2001): De Zimbabwaanse Vrijheidsoorlog verjoeg de Fullers van hun boerderijtje in Zimbabwe naar Malawi en Zambia, zoals beschreven in dit epische overlevingsverhaal van Fuller, die geregeld bijdragen levert aan National Geographic Magazine.

EBBENHOUT van Ryszard Kapuscinski (2000): Nog altijd een prachtig boek over het authentieke Afrika, ondanks het feit dat Kapuscinki als reisauteur werd ‘ontmaskerd’ vanwege zijn ruime opvatting van de waarheid.

WEST WITH THE NIGHT van Beryl Markham (1942): Markham, de eerste solovlieger die de Atlantische Oceaan van oost naar west overstak (slechts één van haar vele kanten), schrijft over haar jeugd in de Grote Slenk van Kenia en haar leven als bushpiloot.

TIKKOP van Adriaan van Dis (2010): Anti-apartheidsactivist keert na veertig jaar terug naar Zuid-Afrika en ontmoet een ander land dan hem voor ogen stond. Een verhaal over verraad, vriendschap en liefde voor een land.

THE LOWER RIVER van Paul Theroux (2012): Hoofdfiguur en zestiger Ellis Hock keert na jaren terug naar Malabo, een dorpje in Malawi, waar hij als twintiger vrijwilligerswerk deed. Maar het is er niet meer zoals hij het zich herinnerde. Unheimisch.

THE POISONWOOD BIBLE van Barbara Kingsolver (1998): Het gezin van een christelijke missionaris brengt het woord in het Belgische Kongo van 1959. Maar de botsing van waarden maakt het zieltjeswinnen zwaar.

EEN GOEDE MAN SLAAT SOMS ZIJN VROUW van Joris Luyendijk (1998): Hoe is het om als westerling een jaar in de Egyptische samenleving te integreren? Tijdens een studiejaar in Caïro sprak Luyendijk met leeftijdsgenoten over de islam, seks, liefde en emancipatie.

OUT OF AFRICA van Isak Dinesen (1937): ‘Terugkijkend op een verblijf in de Afrikaanse hooglanden, stel je verbluft het gevoel vast dat je een tijdje in de lucht hebt gewoond,’ schrijft Dinesen, die een koffieplantage aan de voet van de Ngongheuvels bij Nairobi had. Ze beschreef zorgeloze ritmes en warrige romances in een Oost-Afrika dat moeizaam de moderne tijd omhelst.

Een schat aan eilanden

‘Ergens tussen Calabrië en Korfoe begint het echte blauw,’ schrijft Lawrence Durrell in PROSPERO’S CELL (1945), een zonnig essay over het eiland en zijn bewoners. Andere eilandverhalen: THE MAMBO KINGS PLAY SONGS OF LOVE (1989) van Oscar Hijuelos, over Havana (en New York); RUNNING IN THE FAMILY (1982) van Michael Ondaatje, over zijn thuisland Sri Lanka; het tropische mysterie MASTER BLASTER (2012) van P.F. Kluge, dat op Saipan speelt en EILANDEN (1981) van Boudewijn Büch.

De kunst van het reizen

THE GREAT RAILWAY BAZAAR van Paul Theroux (1975): In zijn bekendste werk treint Theroux ver vóór het gsm-tijdperk van Londen naar Tokio – door Siberië en terug – en worstelt met chaos, culturele conflicten en derdeklascoupés.

THE LONGEST WAY HOME van Andrew McCarthy (2012): McCarthy, die regelmatig op pad gaat voor Traveler, voelde altijd een zekere angst voor reizen, maar heeft nu de smaak te pakken. Zijn verhalen over Patagonië en de Amazone zijn meesterlijk.

De stad en de woorden

LONDON PERCEIVED van V.S. Pritchett (1962): Geaccentueerd door de prachtige foto’s van Evelyn Hofer roept dit boek de legendarische plekken en personages op die Londen zo oneindig fascinerend maken.

LA SUPERBA van Ilja Leonard Pfeijffer (2013): Lofzang op de labyrintische stad Genua van de winnaar van de Libris Literatuurpijs 2014.

TRIESTE AND THE MEANING OF NOWHERE van Jan Morris (2001): ‘Het is niet een van die steden der steden die meteen opduiken uit het geheugen van de ver- beelding’, schrijft Morris over Triëst, de bescheiden haven aan de Adriatische Zee die de toeristen links lieten liggen – maar de geschiedenis niet.

KANNIBALEN IN RIO van Ineke Holtwijk (1995): Journalist Holtwijk beschrijft haar leven als correspondent in Rio de Janeiro. Via haar ontmoetingen met een aantal kleurrijke inwoners laat ze een rauwe, bruisende, waan- zinnige wereldstad zien.

BRIGHT LIGHTS, BIG CITY van Jay McInerney (1984): In dit debuut van McInerney, geschreven in de unieke je-vorm, maakt de lezer een reis door de straten en langs feesten in het New York van de jaren ’80, vol seks, drugs en rock-’n-roll.

ZEITOUN van Dave Eggers (2009): Eggers beschrijft het waargebeurde verhaal van Abdulrahman Zeitoun uit New Orleans, die, nadat orkaan Katrina heeft huisgehouden in zijn stad, besluit mensen en dieren te redden vanuit een kano.

OMWEG NAAR SANTIAGO van Cees Nooteboom (1992): Een van Neerlands mooiste reisboeken over Nootebooms omzwervingen door Spanje. ‘Spanje is bruut, anarchistisch, egocentrisch, wreed.’

Geïllustreerd reizen

CARNET DE VOYAGE van Craig Thompson (2004): In dit schetsdagboek legt Thompson zijn beschouwende reis door Europa en Marokko vast, in cartoons die culturele vervreemding tonen – en af en toe verlichting.

DE EENZAME SNELWEG van Auke Hulst en Raoul Deleo (2007): Een schrijver en een tekenaar reizen van New York naar San Francisco in het spoor van de klassieker On the Road van auteur Jack Kerouac. Een bijzonder verslag in tekst en beeld.

JERUSALEM van Guy Delisle (2012): In dit bijzondere verslag verbeeldt Delisle zijn verblijf in de Heilige Stad als een sociale en religieuze smeltkroes van christenen, moslims en joden.

PERSEPOLIS van Marjane Satrapi (2000): ‘Ik geloof dat het oordeel over een heel land niet mag berusten op de wandaden van enkele extremisten,’ schrijft Satrapi in haar tragikomische memoires in stripvorm, over haar jeugd in Teheran tijdens de Iraanse Revolutie. 

In Europa

PADDY CLARKE HA HA HA van Roddy Doyle (1993): De 10-jarige hooligan Paddy ratelt zich door het leven, in deze ode aan het Ierland van de late jaren ’60. ‘We liepen door onze straat. Kevin stopte bij een hek en ramde er met z’n stok op’, begint de roman, die daarna onhoudbaar is.

NOOIT MEER SLAPEN van W.F. Hermans (1966): Alfred Issendorf reist voor een expeditie naar Noorwegen om het werk van zijn vader voort te zetten, die tijdens een onderzoeksproject om het leven is gekomen. Met betoverende omschrijvingen van het desolate landschap van Finnmark.

DE TIJGERKAT van Giuseppe Tomasi di Lampedusa (1958): Heerlijke roman over de strijd tussen het oude en nieuwe Italië in de 19de eeuw. Een bijzonder verhaal over liefde, verval en ouderdom tegen de achtergrond van het zinderende Siciliaanse landschap.

Tegenpolen

TERRA INCOGNITA van Sara Wheeler (1996): Voor Ernest Shackleton was ‘Antarctica zowel een metafoor als de droom van iedere ontdekkingsreiziger’, schrijft Wheeler, die maar liefst zeven maanden op de Zuidpool woonde.

ARCTIC DREAMS van Barry Lopez (1986): ‘Zo ver het oog reikt, gonst het landschap van een harmonieuze macht,’ schrijft Lopez over de eeuwige stilte van de Noordpool.

AN AFRICAN IN GREENLAND van Tété-Michel Kpomassie (1981): De vondst van een boek over de Inuit in een evangelische boekhandel doet een Togolees dromen van Groenland. Uiteindelijk bezoekt hij het en schrijft dit ongewone reisverhaal.

Door het IJzeren Gordijn

DE ONDRAAGLIJKE LICHTHEID VAN HET BESTAAN van Milan Kundera (1984): Deze filosofische roman over Tsjechoslowaakse intellectuelen tijdens de Praagse Lente ontleedt de tirannie van de buitenwereld over het persoonlijke.

Pure romantiek...

HET HUIS MET DE GEESTEN van Isabel Allende (1982): In haar meesterlijke magisch realisme volgt Allende de liefdes en politieke keuzes van één Chileense familie in tijden van revolutie en dictatuur.

EAT, PRAY, LOVE van Elizabeth Gilbert (2006) ‘Ik wou dat Giovanni me zoende,’ begint dit reisverslag van een vrouw die haar pijn vergeet dankzij de keuken van Italië, de diepte van India en de bekoring van Bali.

A ROOM WITH A VIEW van E.M. Forster (1908): Een Edwardiaanse driehoeksverhouding vat vlam in Florence en Rome, in deze romance die tegelijk een een studie van Britse zeden en Italiaanse bouwkunst is.

Gevaarlijk mooie plekken

INTO THE WILD van John Krakauer (1996) Waargebeurd verhaal over de 22-jarige Chris McCandless die in de wildernis van Alaska op zoek gaat naar zichzelf. Krakauer beschrijft deze fatale queeste, die ook succesvol werd verfilmd, als de beste.

ALIVE van Piers Paul Read (1974) In 1972 crashte een vliegtuig met rugbyspelers uit Uruguay in de Andes. Zestien man wisten de witte hel te overleven. Hoe? Je zult voortaan minder klagen over slechte vliegtuigmaaltijden...

OVERLEVEN OP DE K2 van Wilco van Rooijen (2009) Beroepsavonturier Van Rooijen ontsnapt aan de dood tijdens de beklimming van de tweede hoogste berg ter wereld – de K2 in Pakistan. Een bloedstollend verslag.

INTO THIN AIR van Jon Krakauer (1997): ‘Elke poging om de Everest te beklimmen is op zichzelf een irrationele daad – verlangen dat triomfeert over verstand,’ schrijft Krakauer in zijn adembenemende boek over epische rampspoed op het dak van de wereld.

Sporen in het zand

THE SHELTERING SKY van Paul Bowles (1949): De scherpe contouren van de Noord-Afrikaanse woestijn weerspiegelen de existentiële vervreemding in deze roman over reizigers die stuiten op ondoordringbare leegte en een vreemde cultuur.

ARABIAN SANDS van Wilfred Thesiger (1959): Jaren van volledige onderdompeling in het leven van bedoeïenen bracht ontdekkingsreiziger Thesiger tot dit mystieke verhaal over de moderne nomade.

EEN REGEN VAN EEUWIG VUUR van Arita Baaijens (1993): Woestijnliefhebber Baaijens geeft haar baan op, koopt een aantal kamelen en maakt haar eerste tocht van Egypte naar Soedan. Een bewonderenswaardig verhaal.

Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd op 10 oktober 2015.

lees verder

10x Boeken om in op reis te gaan

Heb jij ook al eens zo’n boek gelezen waarvan je het liefst in de bladzijden zou stappen? Meereizen met de personages en proeven wat zij geproefd hebben, zien wat zij gezien hebben.

Boeken waardoor je verliefd wordt op de wereld

Van deze reisliteratuur krijg je zin om er flink op uit te trekken.

Deze man leeft al 31 jaar alleen op een eiland

Mauro Morandi vond rust in eenzaamheid decennia voordat zelfisolatie de norm werd.
Lees meer