Reizen

Op safari in de Poolse Karpaten

Even buiten hoofdstad Rzeszów verandert het landschap van de Karpaten in de graslanden, połonina (weilanden) en beukenbossen die zo kenmerkend zijn voor deze regio. Maar pas op: naast paarden, bizons en reeën liggen ook bruine beren en wolven op de loer. dinsdag, 27 maart 2018

Door Vicky de la Cotera Manrique
Foto's Van Martijn Senders

Wanneer ons propellervliegtuig landt op de luchthaven van Rzeszów (spreek uit: Zjesjov), is het al tegen de avond. Binnen tien minuten rijden we het plaatsje binnen, dat in 1999 benoemd werd tot hoofdstad van de Subkarpaten, het dunstbevolkte gebied van Polen. De meeste inwoners uit dit gebied wonen dan ook in Rzeszów en op deze vrijdagavond komen de locals maar al te graag uit huis om zich te verzamelen op het pittoreske marktplein. Ondanks de frisse wind is het druk en gezellig op het plein: er klinkt livemuziek, stijlvol geklede mannen en vrouwen flaneren langs de cafés en studenten drinken een biertje op het terras.

Het verwoeste dorp
Wanneer we de volgende dag in de auto zitten, maken de stadse taferelen al snel plaats voor grote stukken onbewoonde graslanden, weilanden en beukenbossen. Rond etenstijd arriveren we in Zajazd Pod Caryńską, de herberg in Ustrzyki Górne, een dorp tegen de grens met Oekraïne. Net als vele andere dorpen in de omgeving werd Ustrzyki Górne volledig uitgeroeid toen na de Tweede Wereldoorlog in Russische handen kwam. Inmiddels wonen er nog maar 89 mensen. Eigenaar Sebastian heeft speciaal voor onze komst een Pools feestmaal gemaakt, genoeg om twintig monden mee te voeden. ’Obiady domowe, natuurlijk. Huisgemaakt! Met enkel en alleen producten uit de regio,’ vertelt hij trots.

Zure kool, gerstensoep en schapenkaas
We worden voorgesteld aan Grzegorz Sitko, de boswachter die ons vannacht mee op pad neemt, op zoek naar wolven en beren. Onder het genot van een Poolse liveband drinken we compot en doen we ons tegoed aan bigos (een vleesstoof met witte kool en zure kool), kielbasa (Poolse worstjes), krupnik (gerstensoep met groenten, vlees en wodka) en oscypek (schapenkaas met cranberrysaus). ‘Jullie moeten goed eten, want jullie staat morgenochtend een zware hike te wachten,’ vertelt Grzegorz ons. ‘Vanochtend heb ik nog voetsporen gezien van een bruine beer, dus wie weet hebben jullie geluk.’

Paspoort, alstublieft
Het is nog donker als we om 03.00 uur in Grzegorz’ auto wegrijden. Met de boterhamzakjes gevuld met sandwiches, fruit en water die Sebastian voor ons heeft klaargelegd, rijden we de stilte in. Vanwege de laaghangende mist zien we geen hand voor ogen. Dan worden we tegengehouden door twee grensbewakers. ‘De wegen worden hier streng in de gaten gehouden door de douane,’ vertelt Grzegorz ons. ‘Pak je paspoort maar.’ Tot mijn schrik kom ik erachter dat ik mijn paspoort in de herberg heb gelaten. Na een hevige discussie in het Pools, worden we na twintig minuten toch doorgelaten. ‘Het is niet makkelijk om hier te wonen,’ verzucht Grzegorz geïrriteerd. ‘Het gebeurt elke keer weer. Soms moet ik wel vijf keer mijn paspoort laten zien.’

Niet zonder begeleiding
We lopen de weg omhoog richting het gebied Cisna, waar ongeveer 50 wolven en 40 bruine beren leven. Ondanks het begin juni is, heb ik zes truien over elkaar aan. Na een hike van drie uur in bijna volledige stilte, blijft Grzegorz plotseling staan. Hij ziet duidelijke sporen van een beer. De spanning stijgt, maar die verdwijnt al snel wanneer Grzegorz tot de conclusie komt dat de voetafdrukken al minstens drie dagen oud zijn. ‘Iedere zomer, wanneer de toeristen hier naartoe komen om te wandelen, zijn er wel een paar meldingen van ongelukken met beren,’ vertelt Grzegorz. ‘Wij raden daarom aan om nooit zonder begeleiding hier te gaan wandelen.’

.

Verse voetafdrukken
Drie kwartier later en vier truien lichter, zien we opnieuw pootafdrukken, maar dit keer van wolven. Grzegorz bevestigt dat het ‘verse’ voetafdrukken zijn - de wolven moeten op de loer liggen. We lopen stilletjes voort, maar wanneer de klok negen uur slaat, moet Grzegorz ons teleurstellen. ‘De dieren lopen hier vooral ’s nachts rond en ’s ochtends heel vroeg. We hebben hier te maken met wilde dieren. Je moet veel geluk hebben, wil je ze zien.’ Net op dat moment horen we geritsel in het bos; we houden onze adem in. Een groep reeën rennen vlak voor onze neus de weg over. Een tikje teleurgesteld, maar een prachtig plaatje om op te slaan als herinnering aan deze prachtige streek.

Zelf op reis naar de Podkarpackie regio? Kijk voor meer informatie op de website van de Poolse Organisatie voor Toerisme of op de site van de Podkarpackie regio.