Het gezicht van de Pyreneeën: herders, buren, boeren, allemansvrienden

Je kunt er uren wandelen zonder een mens tegen te komen, maar alleen ben je er nooit. Digital Nomad Dirk Wijnand de Jong leert de landschappen en locals van de Catalaanse Pyreneeën kennen.donderdag 5 september 2019

Door Dirk Wijnand de Jong

Met de geur van de Falles in mijn kleding stap ik ’s ochtends bij Casa Leonardo binnen. Die is niet te missen. Een vierkanten, pastelkleurig pand op de hoek van de straat langs een doorgaande weg met een terrasje voor de deur, net naast de brug over de rivier. Veel mensen wonen er niet in Senterada en als ik het goed inschat zit de helft daarvan bij Casa Leonardo binnen. Aan de koffie, maar vooruit, soms ook aan het bier: een cv-ketelinstallateur, een boer, iemand die lijkt op een voorganger, de dorpsoudste en een Nederlands gezin dat in de buurt een vakantiewoning heeft.

Omdat het luchthavenpersoneel het werk heeft neergelegd mag ik een dagje langer in de Pyreneeën blijven en Mireia heeft nog wel een invulling. De moeder van drie, vrouw van Jesús en eigenaresse van Casa Leonardo organiseert tussen haar dagelijkse werkzaamheden door ook nog de El Cinquè Llac, Het Vijfde Meer. Dat is een vijfdaagse circulaire hikingroute door een onbekend deel van de Catalaanse Pyreneeën, waarbij de deelnemer een herdersstok krijgt die aan het eind van elke etappe een brandmerk krijgt.

Mireia laat me graag maar een paar plekken langs de route zien. In een autootje nog felgekleurder dan de gevel van Casa Leonardo rijden we door de heuvels richting Peramea. Onderweg ontmoeten we herder Joan, die zijn kudde schapen voorgaat naar een volgende vlakte. Uitkijkend over de heuvels met het rotsdorpje op de achtergrond bespreken we– hij in plat Catalaans, ik in gebrekkig Italiaans – hoe hij zijn schapen op het land van anderen laat grazen. Dat blijkt een een-tweetje; zijn schapen grazen gratis en de boeren houden hun grond gezond. En de schapen? Die staken niet.

Op een terrasje van Peramea bestellen we een biertje zonder geld op zak. ‘Maar dat lost zich vanzelf wel op’, weet Mireia zeker. ‘In de heuvels zijn de lijntjes kort’. Vandaag heet onze geldschieter Jaume, een toevallige passant en nog toevalliger de eigenaar van het hotel tijdens de eerste etappe van El Cinquè Llac.

Het huis van Jaume op de rotsen van Peramea staat al eeuwen overeind en ook binnen is het net een antiquiteitenmuseum. Er is een uit steen gehouwen oven, er liggen oude wapenschilden en werktuigen en aan de andere kant van het vertrek een metersdiepe, stenen druivenpers. Precies een verdieping lager steekt een tap uit de muur. Trok je die eruit, dan stroomde versgeperst druivensap direct de eikenhouten vaten in.

‘Bij El Cinquè Llac gaat het niet alleen om de adembenemende landschappen,’ vertelt Mireia, ‘Ook leer je onderweg van alles over het traditionele leven in de bergen. Je passeert heiligdommen, kloosters, bruggen en boerderijen, herdershutten en Romaanse ruïnes en slapen doe je dus in authentieke landhuizen.’

De middag sluiten we af bij Het Vijfde Meer, dat ook het eindpunt van de vijfdaagse wandeling is. Maar niet voordat we Jaume opnieuw om een gunst moeten vragen. ‘Geen probleem’, antwoordt hij natuurlijk onvoorwaardelijk. Wanneer hij de dorst van Mireia’s gele wagentje met een jerrycan gelest heeft, zwaait hij ons uit totdat de horizon ons uiteindelijk opslokt.

Deze reis werd mede mogelijk gemaakt door Het Catalaans Verkeersbureau

Wil je ook op avontuur in deze regio? Lees dan hier verder >

Lees meer