Het magische eiland Sir Bani Yas

Na twintig jaar van maatregelen ter bescherming van de plaatselijke natuur lopen er op het eilandje weer duizenden dieren in het wild rond en groeien er meerdere miljoenen bomen en planten.woensdag 14 februari 2018

Door Robert Reid
Foto's Van Matthieu Paley

‘Als je het bouwt, komen de mensen vanzelf,’ wordt weleens gezegd – en dat geldt zeker voor Sir Bani Yas, een eilandje dat zo’n 240 kilometer ten zuidwesten van Abu Dhabi, de hoofdstad van de Verenigde Arabische Emiraten, voor de kust ligt.

Sir Bani Yas is zeker geen gebruikelijke bestemming in dit woestijnland.

Nog niet zo lang geleden was het eilandje van 77 vierkante kilometer – het grootste van een archipel van acht woestijneilandjes die dicht onder de kust liggen – nog onbewoond. De stam van de Bani Yas, die het eilandje zevenduizend jaar geleden voor het eerst koloniseerde, vertrok een eeuw of langer geleden weer en liet het onbewoond achter.

Begin jaren zeventig van de vorige eeuw kon je nog zien waarom. Er groeiden hier geen bomen en er zijn geen zoetwaterbronnen – alleen grillige rotsen en woeste kusten die door het water van de Perzische Golf worden gegeseld.

In die tijd bezocht sjeik Zayed bin Sultan Al Nahyan, de grondlegger van de Verenigde Arabische Emiraten (wiens portret ook veertien jaar na zijn dood nog overal is te zien), het eilandje en vatte een gedurfd plan op. Hij wilde het veranderen in een natuurreservaat, waar bedreigde soorten uit de Emiraten, Afrika en andere regio’s toevlucht zouden vinden.

Achter zijn plan stak de overtuiging dat een land niet naar zijn omvang beoordeeld moest worden, maar naar zijn erfgoed en cultuur. Volgens hem speelden de snel verdwijnende flora en fauna van de regio een belangrijke rol in dat erfgoed, zoals zou blijken uit een hele reeks projecten (waaronder de dierentuin van Al Ain).

Inmiddels telt Sir Bani Yas talloze luxeresorts en een savanne-achtig reservaat voor 16.000 dieren. Wie zijn ogen half dichtknijpt, zou het tafereel van oryxen, gazellen, hyena’s, jakhalzen en cheeta’s bijna kunnen aanzien voor een savanne in Kenia. Een gids vertelde me dat hier met de hand ruim tweeënhalf miljoen bomen zijn geplant: parasolacacia’s en de eucalyptusbomen waarvan de elandantilopen zo graag eten. Het irrigatiesysteem waarmee het uitgestrekte reservaat wordt bewaterd, telt ruim honderdduizend kilometer aan leidingen. Daarnaast planten de resorts één mangroveboom voor iedere gast die arriveert.

Activiteiten

Het Arabian Wildlife Park (uit ons verhaal over reservaten rond de regio Abu Dhabi) zou bij elk bezoek aan dit eiland een hoogtepunt moeten zijn. Een zestal reizigers springen in een open Land Cruiser en maken uitstapjes van anderhalf uur. Bijna voortdurend kunnen wilde dieren gespot worden, waaronder Somalische giraffes en de drie cheeta’s die het park telt en die soms te zien zijn als ze zich over een pas gedode prooi buigen.

Tijdens mijn ritje in de avondschemering zag ik talloze emoes, Arabische oryxen, farasangazellen (waaraan Abu Dhabi zijn naam dankt), axisherten en duellerende steppeschapen uit Iran. Ook zag ik een stel cheeta’s langs de weg een dutje doen.

Veel activiteiten vinden plaats in de resorts aan zee. Daar kun je snorkelen en op zee kajakken en paddleboarden. Verder zijn er natuurlijk zwembaden en prachtige stranden. Ook per paard kun je de wilde natuur bewonderen en onder meer door het duinlandschap rijden.

Op een van de interessante historische rondleidingen met gids kom je meer te weten over de eerste nederzettingen op het eiland in de Bronstijd. Tot dusver zijn hier enkele tientallen archeologische opgravingen verricht, waaronder een 1400 jaar oud christelijk klooster, zo vertelt mijn gids. De Venetiaanse juwelier Gasparo Balbi was in 1590 een van de eersten die Sir Bani Yas vermeldden, toen hij het beschreef als een eiland waar voor de kust parels worden gevonden.

Een geweldige manier om de dag te beginnen, is een rondleiding met een gids door een smalle, buitenaards aandoende wadi (drooggevallen rivierkloof). De route van anderhalf uur stijgt licht en loopt langs grillige rotspatronen en door diepe spleten met een regenboog aan kleuren, van rode ijzer- en gele zwaveltonen tot het paars van magnesium en af en toe een glinstering van hematiet in het rode basisgesteente.

Dit alles zie je in het midden van een natuurreservaat waar duizenden dieren rondlopen.

“Soms stuiten we op een oryx of een cheeta,” vertelt mijn gids me achteloos terwijl we langs de afgeworpen hoorn van een gazelle lopen.

Ze zei dat ik me geen zorgen hoefde te maken.

“Als het gevaarlijk wordt, lopen we gewoon de andere kant op.”

Verbindingen

Gasten van de resorts, die door de Thaise Anantara-groep worden beheerd, arriveren na een rit van tweeënhalf uur vanuit Abu Dhabi, via de snelweg E-11. Daarna rij je over de pier van Jebel Dhanna (afslag 113) en stap je op een van de dagelijks varende veerponten (vertrektijden om 12.00, 15.00 en 23.00 uur).

Overnachtingen

Op verschillende delen van het eiland liggen drie resorts. Al Yamm telt dertig villa’s met veranda en witte zandstranden. Al Sahel biedt ruim dertig villa’s in safari-stijl die midden in de savanne liggen. Desert Islands is het grootste resort, dat aan de noordkust is gebouwd rond de voormalige zomerresidentie van sjeik Zayed.

Personeel van de resorts rijdt gasten tussen de resorts heen en weer, zodat ze kunnen kiezen tussen restaurants met Italiaanse, Arabische of Afrikaanse gerechten.

Lees meer