Het aloude adagium dat vernieuwing wordt geboren uit noodzaak, wordt nergens beter geïllustreerd dan in Cuba. Een halve eeuw lang hadden de Cubanen te maken met een handelsembargo van de naburige VS en zagen ze veel basisproducten aan zich voorbijgaan.
De internetrevolutie
Maar om te voorkomen dat ze tientallen jaren op de VS zouden achterlopen, toonden de Cubanen zich innovatief in het overwinnen van obstakels – van het illegaal installeren van radioantennes (om Amerikaanse muziek op te vangen) tot het opkalefateren van vintage auto’s. En ook in het nieuwe internettijdperk zijn er genoeg Cubaanse ondernemers die ervan dromen de technologische dorst van hun landgenoten te lessen.
Sinds 2007 was de belangrijkste methode om internettoegang aan te bieden ‘El Paquete Semanal’ (‘Het wekelijkse pakket’), een soort abonneeservice waarbij duizenden koeriers elke week een terabyte aan video’s, films, muziek en videogames aan de helft van de Cubaanse bevolking leverden – per USB-stick.
Voordat Cuba tot de technologisch geavanceerde wereld kon toetreden, waren er voor het eiland heel wat obstakels te overwinnen. Maar in 2009 verzachtte president Obama het handelsembargo, in 2014 herstelde hij de diplomatieke betrekkingen met het land en in 2015 schrapte hij Cuba van de lijst van staten die terrorisme ondersteunen. Sindsdien kondigt zich een digitale revolutie op Cuba aan.
De hordes mensen die je nu in de parken en straten van Havana met mobieltjes tegen hun oor gedrukt ziet rondlopen, bestonden twee jaar geleden nog niet. Sinds de Cubaanse regering in juli 2015 vijfendertig wifi-hotspots in parken en op pleinen heeft geïnstalleerd, zijn ze overal te zien. Ruim honderd openbare wifi-zones en 180 internetcafés zijn sindsdien ontstaan. Zelfs vóór de beschikbaarheid van een betrouwbare internetverbinding hadden de Cubanen al hun eigen versies van Craigslist, Yelp en eBay bedacht. Maar nu maken ze Facebook-accounts aan, geven hun huizen op voor Airbnb en kijken naar Netflix.
Obstakels hebben de vindingrijkheid van de eilanders altijd op de proef gesteld. In een tijd dat kaarten voor één uur internettoegang tegen torenhoge prijzen op wifi-hotspots werden verkocht (ze kostten ruim twee dollar – meer dan het dubbele van het gemiddelde dagloon), begonnen slimme ondernemers ze op te kopen en te verdelen in kortere en tragere internetperioden.
Vernieuwers en uitvinders
Cuba mocht dan een land zonder moderne technologie zijn, het had wel een passie voor innovatie. Twintig jaar geleden lanceerde de Cubaanse leider Fidel Castro het ‘Toekomstproject’, een plan om de software-industrie te integreren in de economie van het land. Volgens een artikel in de Harvard International Review investeert het land inmiddels 1,17 procent van zijn BNP in technologisch onderzoek – meer dan de VS en hetzelfde percentage als Israël. Elk jaar studeren in Cuba duizenden informaticastudenten af, maar er zijn maar weinig banen.
Oud-technologiestudenten, zoals de 34-jarige Yusnier Fernández vinden manieren om hun vaardigheden toch in prakrijk te brengen. Als robottechnicus heeft Fernández eigenhandig een Roomba-stofzuiger gemaakt, met processoren die door vrienden naar Cuba werden meegebracht.
Veel Cubanen hebben verwanten in de VS en betrekken onderdelen van hun buitenlandse familieleden. Andy Ruiz is een van de weinige mensen die 360o-video’s in Cuba produceert, een technologie die hij door zijn contacten met de VS kon uitvoeren.
Maar de bekendste symbolen van de vindingrijke Cubaanse innovatie die door het handelsembargo werd aangezwengeld, zijn de oude Amerikaanse auto’s. Sinds president Kennedy het embargo in 1962 afkondigde, konden autobezitters geen reserveonderdelen meer aanschaffen, dus bedachten ze allerlei trucs om de wagens op de weg te houden. En nu het land toegang krijgt tot nieuwe technologie, worden deze vintage auto’s opgepimpt met mini-dvd-spelers en stereosystemen, die oude Spaanse evergreens en de nieuwste Amerikaanse popmuziek spelen.
Een nieuw geluid
Een van de belangrijkste doelstellingen van het communistische regime dat door Fidel Castro op Cuba werd ingevoerd, was toegang tot cultuur voor het gewone volk. De Cubanen konden bijna gratis naar theater- en dansvoorstellingen. Op Cuba klinkt zonder uitzondering muziek uit cafés en autoraampjes; in Cuba is muziek een integraal onderdeel van het dagelijks leven. In de weekeinden wemelt het op de pleinen van bandjes en dansers die hun salsakunsten vertonen.
Bij de jongere generatie richt de muziekscene zich nu op house en elektronica. Toen Major Lazer in 2016 een optreden in Havana gaf, kwamen een half miljoen mensen opdagen. Underground-dj’s als Joan Coffigny en het vrouwelijke duo Pauza draaien in clubs als de Fabrica de Arte Cubano en op houseparty’s. DJ Ra opende Havana’s eerste onafhankelijke studio voor elektronische muziek. Maar de vernieuwers stuiten ook hier op een gebrek aan basisonderdelen: een paar zomers geleden merkten kunstenaars dat er in Cuba te weinig cd’s verkrijgbaar waren.
Muziek is niet de enige kunstvorm die aan het veranderen is nu Cuba het contact met de buitenwereld herstelt. Salsa en ballet zijn al sinds lange tijd een belangrijk onderdeel van de Cubaanse cultuur, maar nu komen ook andere dansvormen op. Breakdancing wordt steeds populairder bij groepen als B-Boy, onderdeel van het dansgezelschap Havana Queens, die hun dansbewegingen aan YouTube-video’s ontlenen.
In Cuba leeft nu de hoop dat de aangehaalde contacten het land de 21ste eeuw zullen binnenloodsen. Raúl Castro, de jongere broer van Fidel, leidt het land sinds 2006. Kort nadat hij aan de macht kwam, hief hij het verbod op pc’s, mobiele telefoons en dvd-spelers op. Fidel overleed eind 2016 en de Cubanen wachten nu gespannen af welke technologische vernieuwingen op het eiland zullen worden toegelaten. Ze hoeven misschien niet al te lang te wachten: Raúl heeft beloofd de macht in 2018 over te dragen, mogelijk aan vicepresident Miguel Diaz-Canel, die geregeld actief is op Facebook.