Dansen in de regen

Het regenseizoen is niet de beste tijd voor een safari. Zeggen ze. Hans Avontuur reist naar de Masai Mara in Kenia en ervaart dat heel anders. Hij zwerft door oneindig leeg land en ziet roofdieren met hun pasgeboren welpen.

Het regenseizoen is het perfecte moment om jonge roofdieren te zien, zoals deze jachtluipaarden.

Foto door Hans Avontuur
Door Hans Avontuur
Gepubliceerd 14 dec. 2022 09:52 CET

De opkomende zon pakt langzaam de savanne uit. Honderdduizenden druppels aan bomen en struiken fonkelen in het vroegste ochtendlicht. De weg die we volgen is slechts een donker karrenspoor door fris gras. Het gaat heuvel op, heuvel af door Mara North, een beschermd natuurgebied dat grenst aan het beroemde Masai Mara National Reserve.

‘Luipaardland,’ zegt gids Nabala kernachtig als we een kleine rivier oversteken en een wereld van weelderige vegetatie binnenrijden. De wolkjes van zijn adem zijn nauwelijks verdwenen of het is al raak. Een luipaard met twee jongen, verscholen in dik struikgewas. Ze zitten aan het ontbijt. De welpen vechten om de poot van een onfortuinlijke impala.

Al jaren wilde ik een safari maken tijdens het regenseizoen, vanwege de rust, de fraaie luchten, de ingetogen sfeer en de groengrijze savanne. Mijn pogingen mislukten telkens door aanhoudende droogte. Nu gebeurt precies het omgekeerde. Het zou droog moeten zijn, maar het is kletsnat. De long rains zijn in volle hevigheid losgebarsten. Een maand te vroeg.

Ik heb mijn plannen omgegooid en ben naar Masai Mara gereisd om het green season in al zijn schoonheid te beleven. Alsof het geluk me nog niet genoeg toelacht, ben ik uitgenodigd door Great Plains Conservation, de natuurbeschermingsorganisatie van Dereck en Beverly Joubert, documentairemakers voor National Geographic en National Geographic Explorers. Zij hebben kleine, superexclusieve kampen op de mooiste plekken van Afrika

Twee lierantilopes, ook wel topi genoemd, vechten uit wie er mag paren.

Foto door Hans Avontuur

Nabala zet de motor af. In stilte brengen we tijd door met de luipaarden. Het is een bijna huiselijk tafereel. Er wordt gespeeld, geplaagd, gewassen, gestoeid, ruzie gemaakt en weer bijgelegd. Een van de kleintjes – drie, vier maanden oud – gaat op avontuur. Eerst klimt hij in een boom, daarna verdwijnt hij in het hoge gras.

Na een uur rijden we verder. Aan de rand van een stroompje bereiken we de droomplek voor ons eigen bush breakfast. De staf van Mara Expedition Camp, mijn thuisbasis, heeft er een tafeltje neergezet en maakt nu pannenkoeken en gebakken eieren. Met een kop dampende Keniaanse koffie in de hand kijk ik uit over het glooiende landschap. Er trekken giraffen en zebra’s voorbij.

De dag begint in Mara Nyika Camp, een klein en exclusief safarikamp in de ruige Naboisho Conservancy.

Foto door Hans Avontuur

Baby season

Hoewel de temperaturen milder zijn dan tijdens de zomer, valt er ’s middags een zekere loomheid over de wildernis. Ook ons tempo daalt. We zouden nog naar de Mararivier kunnen rijden om naar nijlpaarden te zoeken, maar we kiezen voor de rust, het moment, meebewegen met het ritme van de savanne.

Het levert ons een heerlijke middag op. En de dieren lijken als vanzelf voorbij te komen. Eerst zijn er jakhalzen en hyena’s, daarna twee jachtluipaarden met hun welpen. In het Engels wordt het regenseizoen ook wel baby season genoemd, omdat veel roofdieren in deze periode kleintjes hebben. Als jongen van een paar maanden oud zijn ze nog lief en knuffelig als huiskatten, daarna groeien ze snel uit tot meedogenloze jagers.

Als we even later een heuvel met uitzicht bereiken, zien we hoe dikke wolken zich ongemerkt samenpakken aan de horizon. Na een tijdje is de hemel in de verte bijna zwart en begint het onophoudelijk te donderen en bliksemen. Bij ons is het droog, maar hoelang nog? Brede stortkokers van regen trekken van oost naar west.

Nu de temperatuur daalt, komen de roofdieren tot leven. Dit is het moment van de jacht. We stuiten op drie leeuwen die een kudde gazelles volgen. De jonge mannetjes willen over een paar jaar de baas zijn van een eigen troep, een pride. Daarvoor zullen ze een leider van zijn troon moeten verstoten. Op dit moment kennen ze hun plaats, maar in hun ogen lees je de onverschrokkenheid en jeugdige energie.

Dan glipt plotseling de ondergaande zon tussen de horizon en het wolkendek door. De grijze lucht verandert in een explosie van kleuren.

Gids Nabala vraagt een collega of hij al een luipaard heeft gespot.

Foto door Hans Avontuur

Geluk

Onder een dreigende hemel van bliksemschichten en gedonder, rijden we terug naar Mara Expedition Camp, eigendom van Great Plains Conservation. In tegenstelling tot veel safaribedrijven is Great Plains in de eerste plaats een natuurbeschermingsorganisatie.

Op zoek naar een duurzame vorm van toerisme die maximaal bijdraagt aan de lokale gemeenschap én het behoud van wildlife en natuur, hebben zij gekozen voor kleinschalige en exclusieve kampen. Mara Expedition Camp is daarvan een goed voorbeeld. De zes canvas tenten zijn stijlvol ingericht met meubels die de romantiek ademen van een negentiende-eeuwse safari, inclusief koperen waskommen. Mijn favoriet is de houten koffer waarin de thermosfles, percolator en koffie- en theeservies zijn opgeborgen.

Het is donker als we uiteindelijk het kamp bereiken. Als bekroning van de dag wordt het avondeten geserveerd op de overdekte veranda van de gemeenschappelijke tent. Houten tafels, leren stoelen, zilveren bestek, de duisternis verlicht met kaarsen en olielampen. Had ik al iets gezegd over geluk?

Onder de luifel van mijn tent drink ik een gin-tonic, een klassieker uit de tijd dat er nog geen malariapillen waren; de kinine in het drankje zou een zekere bescherming bieden. Bij kaarslicht lees ik een interview met de Jouberts. Hoewel hun films vertellen over leeuwen, luipaarden, olifanten en nijlpaarden, benadrukken zij juist de zorg voor mensen: ‘Het heeft geen zin om over bescherming en natuur te praten als iemand niet weet of hij ’s avonds iets te eten heeft.

Babyolifantjes houden hun moeders staart vast zoals kinderen de hand van hun moeder vastgrijpen.

Foto door Hans Avontuur

De missie van Great Plains wordt gefinancierd vanuit een fonds en de opbrengsten van de safari’s. Van elke overnachting vloeit een substantieel deel direct terug naar de lokale Masaigemeenschap. Bovendien komt negentig procent van het personeel uit diezelfde community. Zo was mijn gids Nabala ooit een Masaikrijger – tot groot genoegen van zijn vader, een chief met tien vrouwen en zestig kinderen. Maar Nabala zag meer toekomst als safarigids: ‘De nieuwe wereld laat zich niet tegenhouden.

Mak Saruni: ‘Grond is heilig voor ons Masai.

Foto door Hans Avontuur

Eindbaas

Een laatste gamedrive vanuit Mara Expedition Camp. Nog voor de zon op is, steken we stroompjes en rivieren over, rijden we door de uitgestrekte velden van Masai Mara en beklimmen we een zompige heuvel met een fenomenaal uitzicht over de wildernis. De top van Rhino Ridge is het domein van de Topi-pride, een troep van soms wel veertig leeuwen. Ze staan bekend om hun jacht op groot wild zoals elanden, giraffen en nijlpaarden.

De groep luiert zoals alleen leeuwen dat kunnen: zorgeloos en onaantastbaar. De vrouwtjes en hun welpen liggen tussen de struiken, hun leider in het hoge, natte gras. We horen ze geeuwen, ademhalen, snurken en zuchten. Als de zon boven de horizon uitkomt en de aarde verwarmt, staat het imposante mannetje op om naar de schaduw te lopen. Bij elke stap spannen zijn spieren zich aan tot een heldere boodschap: EINDBAAS!

Rhino Ridge ligt in een beschermd natuurgebied, maar ruim zestig procent van het land waarop leeuwen in Afrika leven heeft die status niet. Hun voortbestaan staat onder druk door het toenemend aantal mensen dat grond nodig heeft om te wonen, werken en voedsel te verbouwen.

In het Masai Mara-ecosysteem – veel groter dan het reservaat – wordt de oplossing deels gezocht in het oprichten van conservancies. Kort gezegd zijn dat natuurreservaten op privégrond. De eigenaren verhuren de grond in ruil voor een vergoeding en afspraken over bijvoorbeeld onderwijs, natuurherstel, watervoorziening, werkgelegenheid en compensatie als hun vee door roofdieren wordt gedood.

Mijn nieuwe basiskamp ligt op een droomlocatie in zo’n conservancy: Naboisho. Het landschap is er grillig. Met knokige velden, uitgestrekte vlaktes, rotsblokken en ondoordringbaar struikgewas. We maken gamedrives in de vroege ochtend en aan het eind van de middag.

In de boma van Masai-familie Ole Soit wordt het kleine vee extra beschermd tegen wilde dieren.

Foto door Hans Avontuur

Door mijn keuze voor het regenseizoen mis ik de beroemde migratie van meer dan een miljoen gnoes, dwars door de Serengeti en de Mara, inclusief de spectaculaire aanblik van dieren die rivieren vol krokodillen oversteken. Daar staat een ongekende rust tegenover. Tijdens de trek – juni tot en met september – verzamelen zich op strategische plekken soms wel veertig of vijftig jeeps met bezoekers. Nu rijden we eenzaam en alleen door de oneindige leegte. Het voelt als het Afrika van honderd jaar geleden, een wereld die ongemerkt onder je huid kruipt en dingen met je doet. Zo staan mijn zintuigen na een paar dagen wildernis op scherp. Ik ruik, voel, proef en hoor alles.

Het is heerlijk om tussen de drives door thuis te komen in Mara Nyika Camp, een luxueus kamp dat op palen is gebouwd en ligt verscholen tussen hoge parasolvormige bomen, de Afrikaanse acacia. Zoals altijd in Kenia word je door de camp staff warm ontvangen. Nu, na twee extreem moeilijke covidjaren, voel ik me meer welkom dan ooit tevoren. Er hangt een ontspannen sfeer die altijd binnen de grenzen van goed gastheerschap blijft.

Mijn favoriete plek is het dek van mijn eigen tent, of eigenlijk tenten: het zijn er drie: woontent, slaaptent, badkamertent. Allemaal even stijlvol en comfortabel. Vanuit mijn bank, bed én koperen badkuip heb ik uitzicht op een vallei waar olifanten, giraffen en gazelles voorbijtrekken. Tijdens een van de nachten hoor ik het gebrul van leeuwen vlakbij.

Ik had me voorgenomen om elke middag even te ontspannen met een boek. Maar van lezen komt weinig. Ik zit op mijn dek, kijk naar de natuur, drink koffie en laat de ervaringen van de dag indalen. Nee, ik heb deze momenten nooit voor lief genomen, maar nu de meeste reisbeperkingen eindelijk zijn verdwenen, dringt het wel dieper door. Ik heb Afrika gemist.

Een stortbui heeft de Talekrivier veranderd in een kolkende watermassa, waardoor oversteken onmogelijk is.

Foto door Hans Avontuur

Apocaliptisch

Op mijn laatste dag neemt gids Samson me mee naar de randen van de conservancy om een authentieke boma te bezoeken. Onderweg naar de omheinde nederzetting van de familie Ole Soit steken we een brede rivier over. De brug is twee jaar geleden weggeslagen tijdens hevige regenval, dus moeten we dwars door het water. Aan de overkant brengt een doolhof van zandpaden ons naar de juiste, afgelegen plek.

De kinderen die mij bij de palen van de omheining opwachten, vragen niet om snoep of pennen, maar rennen weg als ik uitstap. Bezoekers zijn hier dungezaaid. Terwijl donkere wolken door de hemel jagen, laat Mak Saruni Soit me de boma zien met kralen voor het vee en huisjes voor zijn familie. De felgekleurde Masaidoek die om zijn ranke lichaam zit, wappert in de aanzwellende wind.

Wanneer de eerste druppels vallen, nodigt Mak Saruni me uit in zijn hut. Binnen moet ik me gebogen langs een koe wringen om het belangrijkste vertrek te bereiken. Daar wordt gewoond, gekookt, geleefd en geslapen. Aan het plafond brandt een solarlamp. ‘Dat is een grote vooruitgang’, zegt Mak Saruni. ‘Vroeger hadden we alleen een beetje licht van het open vuur. Erg ongezond.’

We praten over het dagelijks leven en natuurbescherming. De familie Ole Soit heeft grond aan de conservancy geleasd. ‘Dat was een moeilijke beslissing,’ vertelt Mak Saruni. ‘We moesten de voor- en nadelen afwegen. Het heeft heel lang geduurd voor iedereen in de gemeenschap overtuigd was van het idee. Nu zijn de meesten er blij mee. De conservancy zorgt voor vaste inkomsten, werk en scholing.’

Dan komt de hemel omlaag. Binnen enkele minuten staat de ruimte met de koe blank. We moeten zo snel mogelijk weg, anders kunnen we de rivier naar het kamp niet meer oversteken. Wanneer we de doorwaadbare plek bereiken, dwars door een apocalyptische waterwereld, zijn we te laat. Wat anderhalf uur geleden nog een kabbelende stroom was, is nu één kolkende massa van water, modder en takken.

Wat nu? Hopen dat het water snel zakt, uitzitten tot morgenvroeg of is er een alternatieve route? Voor die laatste optie hebben we toestemming nodig om na sluitingstijd het reservaat te doorkruisen. Samson komt uit de streek en kent mensen die bij het park werken. Een paar telefoontjes later krijgen we groen licht en gaan speciaal voor ons de poorten open.

Als we door de duisternis rijden, trekken de wolken langzaam weg en verschijnen de eerste sterren. In Mara Nyika Camp worden de lantaarns aangestoken voor een betoverende avond. Ze wachten op ons.

Donkere regenwolken pakken zich samen. Het is green season in de Masai Mara.

Foto door Hans Avontuur

Hans Avontuur reisde in februari 2022 naar Kenia. Naast dit verhaal maakte hij een reportage voor National Geographic Magazine over het werk van de Nederlandse ngo Justdiggit in Kenia.

De conservancies

Masai Mara National Reserve is 1510 vierkante kilometer groot. Talloze gebieden buiten de grenzen van het park hebben een beschermde status als conservancy. Dat is belangrijk, omdat 65 procent van Kenia’s wildlife juist búíten de wildparken leeft. Rondom de Mara zijn veertien conservancies of wildreservaten, met Mara North en Naboisho als grootste. De grond wordt geleased van de Masaicommunity’s, in ruil voor een jaarlijkse vergoeding, scholing, land om te grazen, gezondheidszorg en werk. maraconservancies.org

Zo kom je er

Er zijn verschillende maatschappijen met goede verbindingen tussen Schiphol en Jomo Kenyatta International Airport in Nairobi, zowel direct als met een tussenstop. Vluchten naar de Masai Mara vertrekken vanaf Wilson Airport, ten zuiden van Nairobi. Wij vlogen met flysafarilink.com. Vluchten naar de airstrips in Masai Mara zijn soms inbegrepen bij de overnachting van safari camps. Check dat als je prijzen vergelijkt.

Green Season

Kenia heeft twee regenseizoenen: een kort (november tot begin december) en een lang (eind maart tot juni). Klimaatverandering maakt deze perioden steeds onvoorspelbaarder. De meeste buien vallen aan het einde van de dag, maar wie op het hoogtepunt van de long rains komt, loopt het risico op langdurige regenval. Voordelen: rustiger, goedkoper, jonge roofdieren en spectaculaire luchten. Nadelen: niet alle kampen zijn open, soms langdurige regenval en wildlife lastiger te spotten in het hoge gras. 

Slapen

Traveler was te gast bij Great Plains Conservation, dat mede werd opgericht door National Geographic Explorers Dereck en Beverly Joubert. Een groot deel van de opbrengst van de ngo vloeit terug in natuurbehoud en ontwikkeling van de plaatselijke gemeenschap. Overnachten in Mara Expedition Camp doe je vanaf 695 dollar per persoon, all-inclusive (accommodatie, eten en drinken, gamedrives, bushwalks). Dit is een zogenaamde rack rate. Vaak worden arrangementen aangeboden waarbij verschillende kampen worden aangedaan en binnenlandse vluchten zijn inbegrepen. greatplainsconservation.com

Lees meer

Dit vindt u misschien ook interessant

Reizen
De Griekse spookdorpen van Zuid-Italië
Reizen
Soundtrack van de stad: Liverpool
Reizen
Leg je reisherinneringen vast in een ‘analoog’ reisdagboek
Reizen
De top 25 beste bestemmingen van de wereld voor 2022
Reizen
Op bezoek bij 6 ambachtslieden in de regio Bern

Ontdek Nat Geo

  • Dieren
  • Milieu
  • Geschiedenis en Cultuur
  • Wetenschap
  • Reizen
  • Fotografie
  • Ruimte
  • Video

Over ons

Abonnement

  • Abonneren
  • Shop
  • Disney+

Volg ons

Copyright © 1996-2015 National Geographic Society. Copyright © 2015-2021 National Geographic Partners, LLC. Alle rechten voorbehouden.