Een meelworm oogt op het eerste gezicht niet bijzonder. Pas wanneer je hem tientallen of zelfs honderden keren vergroot, wordt het interessant. Plotseling kijk je een dier recht in de ogen, compleet met verfijnde monddelen, minuscule haartjes en verrassend expressieve gelaatstrekken. Fotograaf Jannicke Wiik-Nielsen legt die verborgen wereld vast. Onder haar microscoop veranderen insecten, parasieten en andere piepkleine organismen in opvallend fotogenieke hoofdrolspelers.
Van wetenschappelijk onderzoek naar microscopische kunst
Dertien jaar geleden ontwikkelde Wiik-Nielsen een passie voor micro- en macrofotografie. Als wetenschapper bij het Noorse Veterinærinstituttet bestudeerde ze onder meer een amoebe die een kieuwziekte bij kweekzalm veroorzaakt.
Haar foto’s van deze amoebe wekten de aandacht van biologen en kwekers. ‘Eindelijk konden ze de parasiet zien die ze al zo lang probeerden te bestrijden,’ vertelt Wiik-Nielsen.
Waarom een elektronenmicroscoop zo veel meer laat zien
Wiik-Nielsen maakt voor haar foto’s gebruik van een zogeheten rasterelektronenmicroscoop. Dit apparaat maakt gebruik van elektronen in plaats van fotonen. ‘Elektronen hebben een veel kortere golflengte dan lichtgolven,’ legt ze uit. ‘De resolutie is daardoor vele malen hoger dan bij een normale lichtmicroscoop.’
Nadat ze de foto heeft gemaakt, gebruikt ze Photoshop om hem in te kleuren. Ze bootst na wat ze met haar ogen kan zien; voor andere kleuren doet ze een beroep op haar artistieke vrijheid.
Bekijk hier de beelden
Benieuwd naar de beelden die de Wiik-Nielsen met haar microscoop schoot? Bekijk de galerij hieronder.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

Roeliene werkt als editor voor National Geographic. Daarnaast levert ze als wetenschapsjournalist bijdragen aan onder meer Quest en KIJK Magazine. Ze is dol op reizen, godsdienstgeschiedenis en een stevige wandeling.
















