Deze week werpen veel New Yorkers even een extra blik op de horizon. Een paar avonden per jaar verandert Manhattan namelijk in een openluchtobservatorium. Tijdens het verschijnsel dat bekendstaat als Manhattanhenge zakt de ondergaande zon precies tussen de wolkenkrabbers door, waardoor de straten van de stad enkele minuten lang baden in goudkleurig licht. Het levert een van de bekendste stadsgezichten ter wereld op. Hoe ontstaat dit bijzondere samenspel?
Wanneer de stad en de zon samenvallen
Manhattanhenge is een astronomisch fenomeen waarbij de opkomende of ondergaande zon precies uitlijnt met de straten van Manhattan die van oost naar west lopen. Vanuit bepaalde straten lijkt het alsof de zon recht tussen de gebouwen door zweeft. De term werd populair gemaakt door de Amerikaanse astrofysicus Neil deGrasse Tyson, directeur van het Hayden Planetarium in New York.
De naam verwijst naar Stonehenge, het beroemde prehistorische monument in Engeland waar de zon tijdens de zonnewenden eveneens in lijn staat met een door mensen aangelegde structuur. Anders dan bij Stonehenge gaat het in New York echter om een toevallig gevolg van de manier waarop de stad ooit werd ontworpen.
Het stratenplan van Manhattan volgt namelijk niet exact de windrichtingen. De meeste straten liggen ongeveer 29 graden gedraaid ten opzichte van een perfecte oost-westoriëntatie. Daardoor valt de uitlijning niet samen met de zomer- of winterzonnewende, maar enkele weken ervoor en erna.
Vier momenten per jaar
Het verschijnsel doet zich jaarlijks vier keer voor. De bekendste edities vinden plaats rond eind mei en half juli, wanneer de ondergaande zon precies in lijn staat met het stratenpatroon van Manhattan. Daarnaast vindt een vergelijkbaar schouwspel plaats rond begin december en begin januari, wanneer juist de opgaande zon uitlijnt met de straten van de stad.
Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!
Tijdens een van de voorjaars- en zomeredities is de volledige zon zichtbaar tussen de gebouwen. Tijdens de andere lijkt de zon gedeeltelijk achter de horizon te verdwijnen, terwijl de lichtlijn door de stad behouden blijft. Voor fotografen en liefhebbers van astronomie zijn beide momenten geliefd.
De exacte data verschillen licht van jaar tot jaar. In 2026 wordt Manhattanhenge opnieuw verwacht rond de laatste dagen van mei en rond half juli.
De beste plekken om het te zien
Wanneer Manhattanhenge nadert, verzamelen fotografen zich al ruim voor zonsondergang op de bekende uitkijkpunten van de stad. Vooral de lange zichtlijnen van 14th Street, 23rd Street, 34th Street, 42nd Street en 57th Street bieden een spectaculair uitzicht op de ondergaande zon.
Onder deze locaties geldt 42nd Street als een van de populairste plekken. Hier zorgt de combinatie van brede straatassen en de omliggende skyline voor een bijzonder dramatisch effect. Terwijl de zon langzaam richting de horizon zakt, kleuren de gevels van de wolkenkrabbers goud en oranje.
Zoals bij elk astronomisch verschijnsel blijft het weer een onvoorspelbare factor. Een perfecte uitlijning garandeert nog geen perfect zicht. Een laaghangend wolkendek kan het spektakel volledig aan het oog onttrekken.
Niet alleen New York kent een ‘henge’
Hoewel Manhattanhenge wereldberoemd is geworden, is New York niet de enige stad waar de zon op spectaculaire wijze uitlijnt met de gebouwde omgeving. In steden met een strak rechthoekig stratenpatroon, zoals Chicago, Toronto, Montreal en Baltimore, ontstaan vergelijkbare effecten wanneer de stand van de zon precies overeenkomt met de oriëntatie van de straten.
Ook dichter bij huis zijn voorbeelden te vinden. In het Franse Straatsburg spreken liefhebbers soms van een ‘Straatsburghenge’. Rond oktober komt de opgaande zon, gezien vanaf de snelweg M351, vrijwel exact uit achter de torenspits van de beroemde kathedraal van de stad. Het laat zien dat dergelijke uitlijningen overal kunnen ontstaan waar architectuur en astronomie elkaar toevallig ontmoeten.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!
Myrthe werkt al jaren als editor voor National Geographic. Ze schreef reisverhalen voor Traveler, was verslaggever voor de PZC en interviewde tal van onderzoekers voor National Geographic Magazine. Naast haar werk als editor schrijft ze poëzie en proza, leert ze nieuwe talen en helpt ze haar team ontsnappen uit escape rooms.














