Bestemmingen

De eerste beklimming van de Mount Everest door sir Edmund Hillary en Tenzing Norgay

National Geographic herdenkt de beklimming van de Mount Everest in 1953, toen twee mannen voor het eerst het ‘dak van de wereld’ bereikten.

Door Redactie

3 maart 2013

Uit ‘50 Years on Everest’ door National Geographic-redacteur David Roberts, in National Geographic Adventure, april 2003

Naar de maatstaven van tegenwoordig was de Britse expeditie van 1953, onder de militair aandoende leiding van sir John Hunt, een enorme en ouderwets grondige onderneming: 350 dragers, 20 sherpa’s en tonnen aan voorraden, ter ondersteuning van een voorhoede van slechts tien klimmers. "Onze alpinisten waren allemaal gekozen als mensen die de top zouden moeten halen,” herinnert de 73-jarige George Band zich, die deel uitmaakte van de groep. Vijftig jaar later zijn Bands herinneringen nog altijd gedetailleerd. "Het basisplan was om twee aanvallen op de top te doen, elk door een tweetal klimmers, met zo nodig een derde poging. Op zulke expedities is het meestal de leider die de klimparen aanwijst, op grond van hoe iedereen eraan toe is.” De aandacht die werd besteed aan de vraag welk team uiteindelijk de aanval op de top zou uitvoeren, zou sindsdien en gedurende tientallen jaren een belangrijk kenmerk van grote expedities naar de Everest zijn. Maar de inzet zou nooit meer zo hoog zijn als in 1953.

In het voorjaar van 1953 leek de bedwinging van de hoogste berg ter wereld nog maar een kwestie van tijd te zijn. Sinds de eerste Britse poging, in 1921, had de Everest minstens tien grote expedities en twee krankzinnige solopogingen weten af te slaan. Met de ontdekking in 1950 van een Zuidroute naar de top, door het pas ontsloten Nepal, en de eerste succesvolle beklimming van de verraderlijke Khumbu-ijsval, in het jaar daarop, was de gunstigste weg naar de top vastgesteld – een route die in de jaren negentig van de vorige eeuw de ‘yellow brick road’ zou worden genoemd.

Het leek erop dat de Zwitsers met de hoofdprijs aan de haal zouden gaan. In 1952 had een sterk Zwitsers team, met onder anderen de legendarische alpinist Raymond Lambert, de nieuwe Zuidroute over de steile Lhotse-flank verkend en had de Zuidcol bereikt. Vanaf die hoge en brede zadelpas wisten Lambert en de sherpa Tenzing Norgay naar de 8598 meter hoge Zuidoostgraat door te stoten, waarna ze terugkeerden; waarschijnlijk had niemand op een hogere plek op aarde gestaan dan deze twee mannen.

Lees meer