Buitenlandse bezoekers weten Japan na de pandemie goed te vinden, iets té goed zelfs. Het Aziatische land ontvangt ontzettend veel toeristen – in maart waren dat er voor het eerst meer dan drie miljoen. Een van de populairste plekken is vulkaan Fuji, in de regio Yamanashi. Maar het aantal mensen dat deze berg wil beklimmen, is meer dan het gebied aankan. Daarom zijn er maatregelen getroffen.
Toegangshek op Fuji
In 2023 beklommen ruim tweehonderdduizend mensen de berg tijdens het klimseizoen, dat loopt van juli tot halverwege september. Vooral in augustus was het druk: die maand stonden ruim honderdduizend mensen op Fuji. Om te voorkomen dat het aantal klimmers dit jaar nog hoger uitvalt, is op het vijfde station een toegangspoort neergezet. Dat staat halverwege de berg; in totaal zijn er tien stations.
Er mogen maximaal vierduizend bezoekers per dag naar binnen. Aangezien het klimseizoen 72 dagen telt (van 1 juli t/m 10 september), komt dat neer op totaal 288.000 bezoekers. Ook kom je tussen 16.00 en 03.00 uur alleen binnen als je een overnachting in een hut langs het Yoshida-pad hebt geboekt.
Met deze regels hoopt de regering het gebied veiliger maken voor klimmers. Sommigen proberen de berg in sneltreinvaart te beklimmen, zonder voldoende uit te rusten en zich goed voor te bereiden. Ook het afval dat door toeristen wordt achtergelaten vormt een groot probleem.
Toeristenprobleem in Japan
Het is overigens niet de eerste keer dat toeristen worden geweerd. In het plaatsje Fujikawaguchiko heb je een goed uitzicht op de beroemde kegelberg. Veel toeristen komen daarnaartoe voor een kiekje. Dat was de lokale bevolking zo zat, dat er afgelopen april een zwart scherm van twintig meter lang en 2,5 meter hoog is neergezet om toeristen het uitzicht te ontnemen.
De tocht naar de top van Fuji maakt overigens ook deel uit van een pelgrimsroute. Je vindt er shinto-altaren, wat heilige plekken zijn volgens het shintoïsme. Fotograaf David Gutterfeld legde zo’n pelgrimstocht vast. Bekijk hieronder de beelden.












