Er zijn maar weinig plekken op aarde zo mysterieus als de diepzee. Af en toe geeft die verborgen wereld een glimp van haar geheimen prijs, bijvoorbeeld wanneer wetenschappers een nieuwe diersoort ontdekken. Dat gebeurde in 2015 bij de Galapagoseilanden, waar onderzoekers op bijna 1800 meter diepte een piepkleine blauwe octopus aantroffen. Het dier bleek zo afwijkend dat het uiteindelijk een nieuwe naam kreeg: Microeledone galapagensis. De ontdekking werd deze week beschreven in het vakblad Zootaxa.

Een onverwachte vondst in de diepzee

De kleine octopus werd ontdekt nabij Darwineiland, een van de noordwestelijke Galapagoseilanden. Een onderwaterrobot haalde het dier omhoog vanaf een diepte van 1773 meter. In het laboratorium van de Charles Darwin Foundation werd het exemplaar door onderzoekers bestudeerd.

Geen van de wetenschappers wist echter precies waar ze naar keken. Daarom namen ze contact op met octopusexpert Janet Voight van het Field Museum of Natural History in Chicago (VS). Ze stuurden haar een paar foto’s met de vraag of zij hen kon helpen het octopusje te identificeren.

‘Ik wist direct dat het om iets bijzonders ging,’ zegt Voight, die als hoofdauteur bij het onderzoek betrokken is. ‘Ik had nog nooit zoiets gezien.’

Een octopus zonder inktzak

De kleine blauwe octopus bleek sterk af te wijken van bekende soorten. Het dier heeft slechts enkele zuignappen en mist bovendien een inktzak. Dat is een opvallend kenmerk, aangezien veel octopussen die gebruiken om roofdieren te ontwijken.

Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!

Om het exemplaar te bewaren, werd het lichaam geconserveerd in een mengsel van alcohol en formaldehyde en vervolgens naar Chicago gestuurd. Daar bevestigde Voight haar vermoeden: het ging daadwerkelijk om een nog onbekende soort. Er was een probleem: er bestond slechts één exemplaar, en dat bemoeilijkte het onderzoek.

Een zeldzaam dier digitaal ‘openmaken’

Normaal gesproken moeten biologen een octopus opensnijden om belangrijke kenmerken, zoals de mond en tanden, te bestuderen. Dat wilde Voight koste wat kost vermijden. ‘We hadden er maar één, dus ik wilde hem niet uit elkaar halen,’ zegt ze.

De oplossing kwam uit het micro-CT-lab van het museum. Met deze techniek kunnen onderzoekers uiterst gedetailleerde dwarsdoorsneden maken en die digitaal samenvoegen tot een driedimensionaal model – zonder het dier te beschadigen.

Leestip: Deze inktvis gooit schelpen naar andere dieren

‘Een CT-scan is niet-destructief, wat juist bij zulke zeldzame specimens enorm belangrijk is,’ zegt manager van het lab en mede-auteur Stephanie Smith. ‘Soms krijg ik monsters te zien die nog nooit door iemand anders zijn onderzocht. Dat blijft bijzonder.’

In het geval van de kleine, blauwe octopus konden de onderzoekers de fijne details van de interne organen zien, waaronder zijn mond. Dankzij deze informatie kon de octopus worden geclassificeerd als een nieuwe soort en zijn plek in de stamboom tussen andere Octopoda worden bepaald.

De diepzee zit nog vol onbekende soorten

‘Deze kleine octopussen die in de diepzee leven zijn zo zeldzaam en bijna niemand op aarde heeft ze ooit gezien. Ik voel me bevoorrecht dat ik met ze heb kunnen werken,’ zegt Voight. ‘Als je al het land op aarde zou samenvoegen, dan zou je nog de Stille Oceaan niet bedekken. De oceanen zijn zo groot en er is nog zoveel om te ontdekken.’

Leestip: Octopus vindt partner met ‘geslachtsarm’ – nieuw onderzoek laat zien hoe

Dat sentiment leeft ook bij Salome Buglass, een marien wetenschapper van de University of California of Los Angeles (VS), die ook meeschreef aan het onderzoek. ‘Ontdekkingen als deze herinneren ons eraan hoeveel van de diepzee rondom de Galapagoseilanden nog onontdekt is. Iedere nieuwe soort helpt ons deze verborgen ecosystemen beter te begrijpen, en waarom het belangrijk is dat we ze beschermen.’

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!

Headshot of Roeliene Bos

Roeliene werkt als editor voor National Geographic. Daarnaast levert ze als wetenschapsjournalist bijdragen aan onder meer Quest en KIJK Magazine. Ze is dol op reizen, godsdienstgeschiedenis en een stevige wandeling.