Wanneer een walvis sterft en naar de zeebodem zinkt, begint vaak een nieuw leven. Zo’n karkas vormt in de voedselarme diepzee een tijdelijke oase waar talloze dieren op afkomen. Wetenschappers spreken van een walvisval: een compleet ecosysteem dat ontstaat rond één dode walvis.
Des te opmerkelijker is een ontdekking die onderzoekers onlangs deden ten westen van Australië. Op de bodem van de Indische Oceaan troffen zij niet één walvisval aan, maar de resten van mogelijk honderden walvissen. Sommige botten blijken meer dan vijf miljoen jaar oud te zijn. Hun bevindingen zijn deze week gepubliceerd in het vakblad Nature.
De grootste verzameling fossiele walvisresten ooit gevonden
‘Dit is de grootste verzameling fossiele walvisresten in de diepzee waarvan ik op de hoogte ben,’ zegt Craig Smith, een zeebioloog aan de University of Hawaï (VS) die niet bij het nieuwe onderzoek betrokken was.
De duizelingwekkende dieptes van de vindplaatsen maken deze vondsten ‘werkelijk buitengewoon’, zegt hij. Sommige exemplaren liggen meer dan zes kilometer onder het wateroppervlak. Dat is bijna twee keer zo diep als bij elke andere bekende walvisval.
Dit nieuw ontdekte walviskerkhof wemelt van de diepzeedieren, waaronder veel soorten die nog niet eerder zijn beschreven. De botten zelf lijken afkomstig van zowel moderne als oude walvissen, waaronder één nieuwe soort: de prehistorische walvis Pterocetus diamantinae, die 5,3 miljoen jaar geleden leefde.
Een onverwachte vondst op zeven kilometer diepte
Tussen februari en maart 2023 trok een team onder leiding van Xiaotong Peng, onderzoeker aan het Chinese Academy of Sciences’ Institute of Deep-Sea Science and Engineering, naar de Diamantina-breukzone, een strook zeebodem van bijna 1200 kilometer in het zuidoosten van de Indische Oceaan die wordt doorkruist door geulen en ruggen.
Voor de verkenning van het gebied maakte het onderzoeksteam gebruik van een bemande onderzeeër die uitgerust was met videocamera's, mechanische armen en apparatuur om monsters te verzamelen. Ongeveer zeven kilometer onder het wateroppervlak stuitte de duikboot op een aantal oude walvisbotten die op de zeebodem lagen.
Tijdens meer dan dertig duiken heeft het team 485 afzonderlijke vindplaatsen met walvisbotten in kaart gebracht. Om de ouderdom van de botten te bepalen, analyseerde het team de chemische samenstelling van het fossiele materiaal. De oudste exemplaren bleken bijna 5,3 miljoen jaar oud.
Een walviskerkhof dat nog steeds groter wordt
Wat deze plek extra bijzonder maakt, is dat er niet alleen fossiele resten liggen. Tussen de miljoenen jaren oude botten vonden onderzoekers ook meerdere relatief recente walvisskeletten.
‘De fossielrijkste locaties zijn al miljoenen jaren geleden gestopt met groeien,’ zegt paleontoloog Stephen Godfrey van het Calvert Marine Museum in Maryland (VS). ‘Maar in deze diepe trog worden nog altijd nieuwe walvisbotten toegevoegd.’ Daardoor vormt het gebied een zeldzame combinatie van een fossielenarchief én een actief ecosysteem.
Duizenden dieren op één karkas
De vijf moderne walviskarkassen krioelden van de organismen. Eén karkas besloeg een oppervlakte van ongeveer één vierkante meter en bevatte 2840 afzonderlijke diepzeedieren.
In totaal observeerde het team 35 verschillende soorten dieren die zich tegoed deden aan de dode walvissen. Daaronder waren onder meer kwallen en diepzeeschelpen die symbiotische bacteriën bevatten die energie halen uit zwavelverbindingen die vrijkomen uit het walviskarkas.
Wil je niets missen? Volg National Geographic op Google Discover en voeg toe als voorkeursbron om onze verhalen vaker te zien in je Google-feed!
Ook werden er veel bot-etende wormen waargenomen. Deze wormen produceren een zuur dat het walvisbot oplost in organisch materiaal. Hun eigen symbiotische bacteriën zetten dat vervolgens om in voedsel.
De grote diversiteit aan organismen verbaast Smith niet, die in 2015 een overzichtsartikel publiceerde waarin hij aantoonde dat zowel oude als moderne walvisresten de evolutie in de diepzee stimuleren. Maar ‘deze gemeenschappen op de diepte van de trog verschillen duidelijk van die bij walvisresten in ondiepere gebieden,’ zegt hij.
Waarom liggen hier zo veel walvissen?
De wetenschappers denken dat het grote aantal walvisresten in de Diamantina-zone te danken is aan de ligging en de diepte van het gebied. Dit deel van de Indische Oceaan ligt op de migratieroutes van verschillende soorten walvissen, en de inktvissen en vissen in de diepe wateren trekken ook spitssnuitdolfijnen aan.
Sommige van deze dieren zijn waarschijnlijk gestorven tijdens hun jachttochten in de troggen van het gebied. Mogelijk bezweken sommige dieren aan uitputting of decompressieziekte, waarna hun skeletten zonken en gedurende miljoenen jaren in de V-vormige troggen werden meegevoerd.
Het team vermoedt dat soortgelijke ophopingen van oude botten waarschijnlijk ook bestaan in andere gebieden, waaronder in de diepe oceanen voor de kust van Zuid-Afrika en het Iberisch Schiereiland.
Godfrey denkt dat deze ontdekking anderen zal inspireren om in deze diepten te zoeken naar meer walvisvallen. ‘Er is geen reden waarom er in andere troggen geen soortgelijke walviskerkhoven zouden kunnen zijn,’ zegt hij.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!
Willeke van Doorn studeerde journalistiek, reisde een tijdje de wereld rond en kwam uiteindelijk via de Verenigde Staten, Australië en Nieuw-Zeeland bij de redacties van Quest en National Geographic. Ze is nieuwsgierig naar de wereld, gaat het liefst elke maand even op reis en neemt dan ook altijd haar hardloopschoenen mee.












