Mummie van gems in smeltende Oostenrijkse gletsjer gevonden

Nu gletsjers in de Alpen in recordtempo afsmelten, is de vondst van de kleine gems, een geitachtige bergbewoner, misschien een aankondiging van verdere en misschien spectaculaire ontdekkingen deze zomer – een nieuwe Ötzi de Iceman? 

Door Denise Hruby
Gepubliceerd 16 aug. 2022 13:05 CEST
chamois-in-glacier

In de buurt van de Italiaanse grens en de top van de Weißseespitze is een gemummificeerde gems (een jong vrouwtje) opgedoken uit het smeltende ijs van de Gepatschferner, de op één na grootste van Oostenrijk. Geschat wordt dat de gems vijfhonderd jaar oud is. 

Foto door Ciril Jazbec, National Geographic

Terwijl ze haar benen stevig op de gletsjer heeft geplant en scherfjes ijs haar in het gezicht vliegen, trekt Andrea Fischer met haar kettingzaag een cirkel door het ijs. In de cirkel ligt een gemummificeerde gems, een schattig ogende mix van een geit en een antilope die zich in de loop van zijn evolutie perfect aan een leven in het hooggebergte heeft aangepast. Dit exemplaar was een jong vrouwtje met een schofthoogte van niet meer dan zestig centimeter. 

‘We denken dat ze ongeveer vijfhonderd jaar oud is,’ zegt Fischer, alpien glaciologe aan het Institut für Interdisziplinäre Gebirgsforschung van de Österreichische Akademie der Wissenschaften in Innsbruck. 

De huid van het diertje is van de schedel afgegleden en heeft daarbij één hoorntje meegetrokken en haar diepe oogkassen blootgelegd. Maar over haar rugwervels en ribbenkast ligt het leerachtige vel nog strak gespannen. Plukjes walnootkleurige vacht die nog op haar sterke en lenige poten zijn te zien, wapperen in de harde wind. Met die poten moeten ze bij leven van rots naar rots zijn gesprongen, maar vlak vóór haar einde trok ze ze in. Ze moet zo’n twee jaar oud zijn geweest. 

Glaciologe en onderzoeksleidster Andrea Fischer legt de gems op een plastic zeil om de mummie naar het dal te kunnen vervoeren. 

Een close-up van de hals van de gems. Fischer heeft ook de plukjes haar die over het ijs lagen verspreid, meegenomen. 

Stukjes vacht zijn nog op de sterke en lenige poten van de gems te zien waarmee het dier tijdens haar korte leven in de hoge Alpen van rots naar rots gesprongen moet zijn. 

‘Het is ongelooflijk. En het is ongelooflijk dat ze precies op de plek ligt waar wij ons onderzoek doen en dat we hier toevallig langskwamen toen ze uit het ijs opdook,’ zegt Fischer, die al ruim twintig jaar onderzoek doet naar de smeltende gletsjers van Oostenrijk. Haar collega Martin Stocker-Waldhuber was op ruim 3300 meter hoogte op de Gepatschferner – een grote gletsjer in het grensgebied van Oostenrijk en Italië – bezig een weerstation te controleren toen hij de hoorntjes van de gems uit het smeltende ijs zag steken. 

De mummie werd niet ver van een weerstation van de onderzoekers ontdekt, op een relatief vlak gedeelte van de gletsjer. 

Foto door NGM Staff

In de hele Alpen zijn gletsjers deze zomer in een ongekend hoog tempo aan het afsmelten. Het magere sneeuwpak van de vorige winter is snel verdwenen, waardoor het onderliggende ijs niet langer wordt beschermd tegen de hittegolven die het continent de laatste tijd teisteren. Volgens Fischer zal tegen het einde van het seizoen misschien wel zeven meter ijs van de gletsjers in de oostelijke Alpen zijn afgesmolten – veel meer dan in voorgaande jaren. 

Hoe triest dit enorme verlies ook is, het zorgt ook voor een verwachtingsvolle spanning: welke andere, perfect bewaard gebleven overblijfselen uit het verleden zullen deze zomer uit het smeltende ijs opduiken? 

In de afgelopen jaren zijn in de Alpen de stoffelijke resten van bergwandelaars ontdekt die al tientallen jaren werden vermist, en ook de bevroren resten van soldaten die zijn gesneuveld bij gevechten in het hooggebergte, waar Oostenrijk en Italië in de Eerste Wereldoorlog verbitterde strijd hebben geleverd. Zo’n 150.000 manschappen kwamen om, van wie er velen door lawines werden begraven of in sneeuwstormen doodvroren. Sommige van deze soldaten zijn in gedeeltelijk gemummificeerde staat in het ijs teruggevonden. 

‘Nu de gletsjers smelten, zouden we meer van dergelijke vondsten moeten doen. Misschien duiken er nog andere mensen uit het ijs op,’ zegt Albert Zink, hoofd van het Institut für Mumienforschung van Eurac Research in het Italiaanse Bolzano. ‘Sterker nog, dat is zeer waarschijnlijk.’ 

Waar iedereen volgens hem op hoopt, is een bewoner uit de prehistorie, vergelijkbaar met de gemummificeerde man die hij al meer dan tien jaar bestudeert: Ötzi de Iceman, die in 1991 door puur toeval op een gletsjer werd ontdekt. Ötzi leefde vijfduizend jaar geleden en is daarmee tienmaal zo oud als de gems van Fischer – maar deze zomer zal in de Alpen duizenden jaren aan ijs wegsmelten. De gems is misschien nog maar het begin.  

Helikopter naar de gemzen  

Eerder waren fotograaf Ciril Jazbec en ik op 4 augustus uitgenodigd om Fischer en haar team op een helikoptervlucht naar de top van de Gepatschferner te vergezellen. Daar ben je op ooghoogte met de wolken. 

In werkelijkheid was het in de zomer van vorig jaar dat Stocker-Waldhuber de hoorntjes van de gems uit het ijs zag steken, maar toen lag de mummie nog te diep in de gletsjer om veilig te worden geborgen – waarna het dier opnieuw onder een laag wintersneeuw verdween. Nadat er in de zomer van dit jaar veel meer ijs was weggesmolten, maakten de onderzoekers gebruik van het korte tijdvenster waarin ze de gems konden bergen. ‘We hadden twee, misschien drie dagen de tijd,’ zei Fischer toen ze me over de vondst vertelde. 

De onderzoekers maken zich op om de gems in een helikopter te laden en terug naar het dal te vliegen, vanwaar ze over de weg naar Innsbruck zal worden vervoerd. 

Op ruim 3300 meter kan het weer in een oogwenk omslaan, waardoor helikoptervluchten te gevaarlijk worden. En als de mummie eenmaal geheel uit het ijs tevoorschijn is gekomen, zal hij snel vergaan – als hij al niet eerder door de gieren wordt verorberd die hoog boven de gletsjer in de lucht rondcirkelen. 

Daardoor heeft Fischer maar weinig tijd voor dit werk, dat met archeologische nauwgezetheid moet worden gedaan. Nadat ze de bevroren gems met haar kettingzaag en ijsbijl uit het ijs heeft bevrijd, tilt ze de mummie op en legt hem op een plastic zeil. Ze zegt dat de resten een doordringende geur afgeven, wikkelt ze in plastic en sluit ze hermetisch af met tape. 

Fischer is geboren en getogen in de Alpen en trekt al sinds haar tienerjaren over gletsjers. Veel van die ijsmassa’s zijn allang verdwenen, vertelt ze. De vierduizend gletsjers in de Alpen zijn allemaal al sinds halverwege de negentiende eeuw aan het slinken, maar de klimaatverandering die door menselijke activiteiten wordt veroorzaakt, heeft hun ondergang danig versneld. Volgens een speciaal rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change dat in 2019 is verschenen, zullen in het jaar 2100 de meeste gletsjers in de Alpen het overgrote deel van hun volume aan ijs zijn kwijtgeraakt en kleine ijsveldjes zijn die misschien niet meer de naam ‘gletsjer’ verdienen. 

Glaciologen als Fischer weten dat heel goed. Toch zegt ze dat ‘velen van ons zich niet hadden voorgesteld hoe dramatisch deze zomer zou verlopen.’ Op de Gepatschferner worden de geluiden van druipend water en splijtend ijs luider naarmate de zon hoger aan de hemel komt te staan – alsof de gletsjer zijn eigen requiem speelt. ’s Middags, lang voordat we weer in onze helikopter stappen voor de terugvlucht naar het dal, lopen we door poelen waarin het smeltwater tot de enkels reikt. 

Martin Stocker-Waldhuber vergaart gegevens en stelt een geautomatiseerd weerstation opnieuw in. Het was tijdens een bezoek aan zo’n weerstation, in 2021, dat hij per toeval de hoorntjes van de jonge gems uit het ijs zag steken. 

Onder de gems ligt nog ongeveer acht meter ijs, zegt Fischer, dat zo’n zesduizend jaar aan sneeuwval vertegenwoordigt. Ze schat dat er dit jaar op deze plek zo’n vierduizend jaar aan opgehoopt ijs zal verdwijnen. 

Zeldzame vondst  

Eerder deze zomer bezocht ik samen met Fischer een van haar andere onderzoeklocaties, de Jamtalgletscher op de grens tussen Oostenrijk en Zwitserland. Toen we door het smalle dal trokken, wees ze mij op een afbrokkelende en overwoekerde omheining van stenen, die door prehistorische mensen was gebouwd om hun koeien, schapen en geiten tegen beren en wolven te beschermen. Dit soort resten van lang verdwenen nederzettingen zijn overal in de Alpen te vinden. 

Rond zesduizend jaar geleden lag er in het grootste gedeelte van de oostelijke Alpen geen ‘eeuwig’ ijs. Omdat de valleien dicht beboste wetlands waren, woonden de mensen op de sneeuwvrije berghellingen. Maar zo’n vijfduizend jaar geleden, toen Ötzi op de Simulaungletscher – een paar kilometer ten zuidoosten van de Gepatschferner – door een pijl werd doorboord en doodbloedde, begon het ijs zich inmiddels weer op te hopen. 

Toen Ötzi 31 jaar geleden werd ontdekt, werd de Iceman aanvankelijk aangezien voor een twintigste-eeuwse bergwandelaar of skiër die bij een ongeluk was omgekomen. Een plaatselijke politieagent hakte met zijn ijsbijl in de heup van de mummie om hem uit het ijs te bevrijden. Om de resten gemakkelijker van de berg te kunnen halen, werd de houten boog van de Iceman in tweeën gebroken. Vervolgens brak de uitvaartondernemer van het dorp een arm van Ötzi, zodat de mummie beter in een doodskist zou passen. 

De amateuristische berging van deze archeologische schat komt zoveel jaar na dato belachelijk over, maar ook wetenschappers waren met stomheid geslagen toen ze beseften dat Ötzi zó oud was en zó goed bewaard was gebleven. Nog nooit was er een dusdanig intacte mummie op een gletsjer gevonden. En dat is ook logisch, zegt de Noorse glacio-archeoloog Lars Holger Pilø

Hoofdpreparateur Peter Morass van de afdeling taxidermie van het Ferdinandeum, het Tiroler Landesmuseum in Innsbruck, meet een van de hoorns van de gems.  

Hoewel er in de loop der millennia ongetwijfeld talloze mensen en dieren op gletsjers zijn gestorven, moeten we volgens Pilø niet denken dat we daar veel stoffelijke resten van zullen vinden, omdat deze ijsmassa’s voortdurend in beweging zijn. Een gletsjer is een rivier van ijs in slow-motion, die gestaag naar het dal stroomt en telkens van bovenaf door verse sneeuw wordt aangevuld. In de loop der eeuwen voert dat ijs mens en dier met zich mee. ‘Hun stoffelijke resten zouden door het bewegende ijs worden beschadigd en vermalen,’ zegt Pilø. 

Maar door de vondst van Ötzi beseften wetenschappers dat er uitzonderingen op die regel bestaan: in elke gletsjer zijn ook bewegingsloze stukken ijs te vinden, daar waar de onderliggende rotsbodem helemaal vlak en het ijs koud genoeg is om aan de bodem vast te vriezen en waar de ijslaag bovendien niet zo dik is dat hij onder zijn eigen gewicht begint te verschuiven. 

In een onderzoekscentrum van het Tiroler Landesmuseum is hoofdpreparateur Peter Morass aan het werk in zijn laboratorium.  

Glaciologe Andrea Fischer leidde het team dat de gems heeft geborgen.

Martin Stocker-Waldhuber is degene die de gems heeft ontdekt. 

 

Alleen al in zijn eigen land, in de Noorse gemeente Innlandet, heeft Pilø ruim zestig van zulke bewegingsloze stukken ijs geïdentificeerd. Het ontdekken van een prehistorische menselijke mummie is volgens hem ‘de Heilige Graal’ in zijn onderzoeksgebied. 

De volgende Ötzi 

Fischers gems ligt nu veilig en wel – en bij een temperatuur van –20ºC – opgeslagen in een depot van het Ferdinandeum, het Tiroler Landesmuseum in Innsbruck. Van het dier zullen binnenkort CT-scans worden gemaakt en ook de inhoud van zijn maag en darmen zal nader worden onderzocht. Door het onderzoek naar dit soort mummies, waaronder die van de vierhonderd jaar oude gems die in 2020 door het team van Zink werd geborgen, hopen wetenschappers meer te weten te komen over de nog amper bestudeerde natuurlijke geschiedenis van deze soort en er hopelijk achterkomen waarom deze dieren zich op gletsjers hebben gewaagd en daar zijn gestorven. 

‘Het meest bijzondere dier waaraan ik tot nu toe heb gewerkt, was een panda uit een dierentuin,’ zegt Peter Morass, hoofdpreparateur van de afdeling taxidermie van het Ferdinandeum. ‘Maar deze gems overtreft alles.’ In de toekomst zal de gems een speciaal plekje in het Landesmuseum krijgen. 

De gems wordt in een vriezer van het onderzoekcentrum van het Ferdinandeum, het Tiroler Landesmuseum, bewaard. Uiteindelijk zal het dier een plekje in het museum krijgen. 

Volgens Zink bieden de beide gemzen wetenschappers de kans om meer te weten te komen over het mummificatieproces dat ook de Iceman voor het verval heeft behoed. Ook hopen ze meer kennis te vergaren over de beste manier waarop gletsjermummies in de toekomst geborgen en bewaard kunnen worden. Zijn instituut heeft al speciale opslagkisten ontwikkeld waarin biologische exemplaren op een kostenbesparende manier in een hermetisch afgesloten en stabiele omgeving bewaard kunnen worden. ‘Dus als er meer resten zouden opduiken, zijn we voorbereid,’ zegt Zink. 

Het was nooit de bedoeling van Fischer om een mummie te vinden. Als glaciologe was ze om een andere reden geïnteresseerd in bewegingsloze stukken ijs in gletsjers: het zijn plekken waar ze aan de hand van uitgeboorde ijskernen kan vaststellen hoe het klimaat in de Alpen in het verleden is opgewarmd en weer afgekoeld.

Andrea Fischer verzamelt de plukjes haar die in de directe omgeving van de gems op het gletsjerijs lagen. Ze heeft daar ook enkele oeroude stukjes hout en leer gevonden. 

Maar nu het klimaat snel warmer wordt, beseft ze dat ze door haar werk in de ideale gelegenheid verkeert om de volgende Ötzi te vinden. 

Later deze zomer, wanneer de gletsjers de piek van hun afsmelttempo zullen bereiken, is ze van plan over de ongeveer tien bewegingsloze plekken te vliegen die ze in de Oostenrijkse Alpen heeft gevonden. Ze zal het ijs afspeuren op tekenen dat er iets vreemds uit opduikt – misschien een nieuwe Iceman of Icewoman. ‘Áls zoiets gebeurt, dan zal het deze zomer gebeuren,’ zegt ze. 

Nadat ze jarenlang vanuit Azië had bericht, keerde de Oostenrijkse journaliste Denise Hruby terug naar haar vaderland om te schrijven over de milieukwesties waarmee Europa worstelt. Voor een artikel van Hruby in het maartnummer van 2022 fotografeerde de Sloveen Ciril Jazbec de urgente pogingen om de winter in de Alpen te redden
Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op nationalgeographic.com.

 

Lees meer

Dit vindt u misschien ook interessant

Milieu
Skioorden in de Alpen vechten tegen de klimaatverandering
Milieu
Hoogste gletsjer op Everest verloor in 30 jaar tijd 2000 jaar aan ijs
Milieu
Waarom de winter moet worden gered in de Alpen
Milieu
Een vijftig jaar durend onderzoek naar het afsmelten van gletsjers
Milieu
Mogelijk passeert het ijs van Antarctica deze griezelige grens over 40 jaar

Ontdek Nat Geo

  • Dieren
  • Milieu
  • Geschiedenis en Cultuur
  • Wetenschap
  • Reizen
  • Fotografie
  • Ruimte
  • Video

Over ons

Abonnement

  • Abonneren
  • Schrijf je in
  • Shop
  • Disney+

Volg ons

Copyright © 1996-2015 National Geographic Society. Copyright © 2015-2021 National Geographic Partners, LLC. Alle rechten voorbehouden.