In dit land wordt een autocratisch verleden op sociale media herschreven

De Filipijnen kennen enkele van de meest actieve gebruikers van sociale media ter wereld. Voorafgaand aan de presidentsverkiezingen zijn sociale platforms ingezet als wapens om de zoon van ex-dictator Marcos aan het presidentschap te helpen.

Door CORINNE REDFERN
Gepubliceerd 11 mei 2022 10:11 CEST
MM9900_220402_04863

Op een groot scherm is een video te zien van aanhangers van de Filipijnse presidentskandidaat Ferdinand ‘Bongbong’ Marcos jr., de zoon van ex-dictator Ferdinand Marcos, tijdens een campagnebijeenkomst in Tarlac op de Filipijnen. Volgens factcheck-organisaties en politieke analisten profiteert Marcos jr. meer dan enige andere kandidaat tijdens de presidentsverkiezingen van desinformatiecampagnes die op sociale media worden gevoerd.

Foto door Hannah Reyes Morales, National Geographic

May Rodriguez had nooit gedacht dat de Filipino’s in staat zouden zijn om een vijftien jaar durende dictatuur te verwerken door simpelweg te ontkennen dat die periode ooit heeft bestaan. Per slot van rekening zijn de bewijzen voor het wijdverbreide geweld en de corruptie onder het voormalige bewind van Ferdinand Marcos overal op het internet te vinden (als mensen er maar op zouden klikken), hoewel de herinneringen aan die dagen wel beginnen te vervagen.

Rodriguez, nu 68 jaar oud, herinnert zich als de dag van gisteren hoe het leven er in Manilla tussen 1972 en 1986 uitzag. In dat laatste jaar riep Marcos de noodtoestand uit, zeven jaar nadat hij tot president was verkozen. ‘Als we ’s ochtends van huis gingen, wisten onze ouders niet of we die middag weer veilig thuis zouden komen,’ zegt zij. ‘Het was een nachtmerrie waarnaar ik niet wil terugkeren.’

Een wirwar van elektriciteits-, telefoon- en netwerkkabels hangt boven de straten van Manilla. De gebrekkige infrastructuur van de Filipijnen heeft tot een samenleving geleid waarin onjuiste informatie op digitale platforms kan floreren. Critici noemen het land inmiddels de ‘patient zero’ in de wereldwijde ‘oorlog tegen de waarheid’.

May Rodriguez (rechts), een Filipijnse activiste en overlevende van het Marcos-bewind, is aan het werk in het archief Bantayog ng mga Bayani in Quezon City, waar ze meehelpt om krantenknipsels en historische documenten over de dictatuur van Marcos uit de jaren zeventig en tachtig in te scannen en online te zetten. Terwijl Marcos’ zoon, Ferdinand ‘Bongbong’ Marcos jr., dezer dagen campagne voert om tot president te worden verkozen, is Rodriguez volgens eigen zeggen bang dat haar land zal terugkeren naar een autocratisch verleden. ‘Ik weet dat ik aan de goede kant van de geschiedenis en de waarheid sta, maar het is eng.’

Knipsels uit kranten en tijdschriften uit de laatste vijftig jaar worden tijdens een ‘scanfeestje’ in het archief Bantayog ng mga Bayani in Quezon City ingescand. De artikelen gaan over de misstanden en martelingen waarvan duizenden Filipino’s onder het bewind van Ferdinand Marcos het slachtoffer werden.

In de afgelopen jaren is ze begonnen een digitaal archief op te zetten van nieuwsberichten die een periode van bijna vijf decennia beslaan. Nauwgezet heeft ze oude krantenknipsels gescand waarin wordt bericht over de lijdensweg van tienduizenden Filipino’s, van wie velen goede vrienden van Rodriguez, en heeft ze online gezet.

Maar als ze tegenwoordig uit haar archief uitlogt en naar haar Facebook-pagina gaat, ontdekt Rodriguez een opvallend andere versie van die periode: een tijd waarover kennissen van haar beweren dat er onder Marcos helemaal geen sprake was van corruptie en machtsmisbruik en waarover vreemden vervalste nieuwsberichten fabriceren waarin wordt gezegd dat Rodriguez’ eigen levenservaringen een leugen zijn. ‘Het is zo moeilijk te begrijpen,’ zegt zij over de verrassende populariteit van de ex-dictator. ‘Ik bedoel, waar komt dit allemaal vandaan? Hoe kunnen mensen dit geloven? En ik maak me zorgen, want we hebben er geen antwoord op.’

Het doel van dit historische revisionisme is overduidelijk: 34 jaar nadat twee miljoen demonstranten in Manilla de straat opgingen om het vertrek van Marcos te eisen, wordt de familie-Marcos met behulp van een miljoenen dollar kostende desinformatiecampagne op de kaart gezet als redder van het vaderland. Daarbij wordt de geschiedenis van het land herschreven om de zoon van de ex-dictator, de 64-jarige Ferdinand ‘Bongbong’ Marcos jr., aan het presidentschap te helpen.

Tot ontsteltenis van zijn tegenstanders lijkt deze strategie te werken. Op 9 mei gaan de Filipino’s naar de stembus en Marcos jr. leidt in alle opiniepeilingen, gedragen door een agressieve campagne waarin alle bewijzen voor de wandaden van zijn familie worden ontkend terwijl de boodschap van rivalen, onder wie zittend vicepresident Leni Robredo, stelselmatig wordt ondermijnd met online-aanvallen en onjuiste informatie, zoals een gemanipuleerde seksvideo die gericht is op haar oudste dochter.

Met behulp van deze internet-automaat in een wijk in Manilla kunnen Filipino’s met een laag inkomen voor één peso (zo’n anderhalve eurocent) een paar minuten toegang krijgen tot het internet.

President Rodrigo Duterte houdt een toespraak op de televisie terwijl een leerling haar huiswerk op een tablet doet. Toen scholen hun lessen tijdens de COVID-19-pandemie online begonnen te geven, brachten Filipijnse jongeren steeds meer tijd op het internet door. Daardoor konden ze niet alleen hun scholing voortzetten, maar werden ze ook blootgesteld aan ongereguleerde en onjuiste content.

Kinderen spelen videospelletjes op een internet-automaat in Manilla. Een derde van de 67 miljoen kiesgerechtigde Filipino’s waren nog niet geboren toen Ferdinand Marcos aan de macht was.

Het wordt steeds duidelijker dat desinformatie op de Filipijnen werkt. Onder verstrengelde bundels telefoonkabels en in zanderige internetcafeetjes op het strand brengen de Filipino’s gemiddeld elf uur per dag op het internet door, wat ze tot de meest actieve gebruikers van sociale media ter wereld maakt. Volgens gegevens van Facebook heeft iedere inwoner van de Filipijnen die ouder is dan dertien jaar een Facebook-account (hoewel niet duidelijk is hoeveel daarvan fake of duplicaten zijn). Met zijn meer dan zevenduizend eilanden en eilandjes en met ruim tien miljoen Filipino’s die in het buitenland werken, hebben sociale media een archipel verenigd die zucht onder een aftandse infrastructuur en hebben ze tegelijkertijd een platform gecreëerd waarop iedereen van zich kan laten horen.

Maar dezelfde technologie heeft politici ook in staat gesteld om – zonder al te veel repercussies – kiezers te manipuleren en reëel geweld uit te lokken. In 2016, minder dan een jaar nadat Facebook voor het eerst zijn ‘Free Basics’-programma invoerde, een stunt waarmee iedere Filipino met een smartphone een gratis internetabonnement kreeg aangeboden, manipuleerde een politieke buitenstaander genaamd Rodrigo Duterte dit platform ten behoeve van zijn verkiezingscampagne door een heel leger van trollen in te huren en iedereen aan te vallen en te mobben die tegen hem was. Deze vorm van geweld sijpelde al snel door in het echte leven: in de afgelopen zes jaar zijn er tijdens Duterte’s zogenaamde ‘oorlog tegen drugs’ meer dan 12.000 burgers, onder wie 122 kinderen, zonder juridische rechtvaardiging gedood. Duterte’s aanvallen op het vrije woord hebben tot een golf van moorden op activisten en critici geleid die stilzwijgend door de regering werden gedoogd. Terwijl journalisten, onder wie Nobelprijswinnares Maria Ressa, plotseling werden geconfronteerd met rechtszaken omdat ze over de feiten berichtten, begonnen Filipijnse nieuwsmedia hun land te beschouwen als de ‘patient zero’ in een oorlog tegen de waarheid.

ABS-CBN is het grootste medianetwerk op de Filipijnen en een van de weinige nieuwe zenders die zijn diensten gratis aanbiedt. Maar nadat het netwerk door Duterte onterecht werd beschuldigd van belastingontduiking, moest de zender in mei 2020 zijn uitzendingen op last van de regering staken. Miljoenen Filipino’s met lage inkomens werden daardoor afgesneden van tv- en radioprogramma’s die hun belangrijkste bron van feitelijk informatie waren. Het netwerk zendt veel van zijn programma’s sindsdien online uit.

In roze gehulde aanhangers juichen presidentskandidaat (en zittend vicepresident) Leni Robredo toe tijdens een verkiezingsbijeenkomst in Pasig City. Tijdens haar campagne heeft Robredo opgeroepen om de verspreiding van onjuiste informatie via digitale platforms aan banden te leggen. Uit onderzoek blijkt dat er meer onjuiste berichten gericht zijn tegen Robredo dan tegen enige andere kandidaat.

‘9 mei 2016 is de dag dat ik de nadelen van het internet begon in te zien. Dat was de dag waarop Duterte werd gekozen,’ zegt Katie Harbath, voormalig directrice publieksbeleid van Facebook en tot vorig jaar verantwoordelijk voor het coördineren van het beleid van het platform met betrekking tot verkiezingen in alle delen van de wereld. Ze geeft nu toe dat de ernst van de situatie destijds niet tot haar doordrong. Noch drong het tot haar door hoe wijdverbreid het geweld was dat met de desinformatiecampagne van Duterte gepaard ging. ‘Dit is ook in andere delen van de wereld opgepikt, maar het was onder meer op de Filipijnen waar je voor het eerst zag hoe sociale media op die manier als wapen werd ingezet.’

Nu Duterte’s dochter Sara samen met Marcos jr. campagne voert, als ‘running mate’ van de presidentskandidaat, is Facebook (dat onlangs werd hernoemd tot Meta) beter voorbereid: het bedrijf heeft maanden van tevoren een speciale ‘war room’ voor de Filipijnse verkiezingen opgezet, van waaruit honderden Facebook-pagina’s en accounts worden geblokkeerd waarop politieke desinformatie wordt verspreid. Facebook werkt ook samen met Filipijnse factcheckers om de verspreiding van onjuiste informatie tegen te gaan. ‘We kunnen niet honderd procent waterdicht zijn,’ zegt Harbath. ‘Ik denk dat ze zo goed mogelijk voorbereid zijn, maar we moeten nog zien hoe het in de praktijk uitpakt.’

Factcheckers van Vera Files, een van de organisaties waarmee Facebook samenwerkt, zijn aan het werk in hun kantoor in Manilla. De leden van de organisatie beschouwen zichzelf als strijders in een oorlog tegen desinformatie, maar ze geven toe dat ze de hoeveelheid onjuiste berichtgeving amper kunnen bijhouden. ‘Leugens verspreiden zich sneller dan waarheden,’ zegt Chin Samson (links).

De invloed van sociale media

Zij die op de Filipijnen tegengas bieden aan de verspreiding van onjuiste informatie, begrijpen wel waarom miljoenen gebruikers van sociale media zich laten misleiden door deze nieuwste golf van politieke propaganda. Ondanks herhaalde beloften om het schoolsysteem van de Filipijnen te hervormen, blijven investeringen in het onderwijs uit – een beslissing die volgens velen doelbewust is en bijdraagt aan de verspreiding van desinformatie. ‘De politici in ons land schakelen het belang van onderwijs doelbewust uit, omdat ze niet willen dat we goed opgeleid zijn,’ zegt Danilo Acosta Lumabas, docent sociale vakken in Manilla die vorig jaar zijn eigen YouTube-kanaal opzette om tegenwicht te bieden aan al het ‘fake news’ dat hij zijn leerlingen op het internet zag delen. ‘Ze zijn bang voor Filipino’s met een opleiding.’

Intussen zijn de verkiezingscampagnes van dit jaar vernuftiger en moderner dan ooit. De lege profielen, bots en ‘trollenfamilies’ van anonieme Duterte-aanhangers die in 2016 hun kandidaat aan de overwinning hielpen, lijken aan populariteit te hebben ingeboet – ze zijn een te gemakkelijk doelwit voor critici en worden relatief snel door sociale mediaplatforms geblokkeerd. In plaats daarvan zijn er nu gemeenschappen van ‘micro-influencers’ in het leven geroepen – reële en identificeerbare personen die overal in het land zijn ingehuurd en betaald worden om boodschappen van zichzelf te posten. Naast de welbekende Facebook-posts worden daarbij ook TikTok-dansjes en popsongs ingezet, terwijl pr-experts uit de miljarden dollars zware Filipijnse reclamesector bijverdienen als politieke strategen. Zij zijn het die de YouTube-vlogs coördineren en die oorspronkelijke content creëren die specifiek is bedoeld om door gebruikers te worden gedeeld.

Ondanks de alsmaar groeiende populariteit van sociale media is de radio op de Filipijnen nog altijd een van de voornaamste nieuwsbronnen. Veel Filipino’s vertrouwen op de berichtgeving van regionale zenders, die uitzendingen in het plaatselijke dialect verzorgen. Enkele van deze stations hebben eveneens bijgedragen aan de verspreiding van desinformatie, vooral tijdens de verkiezingscampagne.

Een van de vele gedenktekens voor de 27-jarige Chad Booc, een leraar-vrijwilliger die de afgelopen zeven jaar pleitte voor gratis onderwijs aan inheemse kinderen. Booc was al langere tijd het doelwit van onjuiste berichtgeving en lastercampagnes op sociale media geweest en werd op 23 februari vermoord, samen met vier anderen die met hem reisden. Na de moorden postten de Armed Forces of the Philippines (AFP) een verklaring online waarin werd beweerd dat de vijf leden waren van een plaatselijke communistische terreurgroep. ‘Ik wil dat mensen Chad herinneren als muzikant, danser, leraar, goede vriend en goede zoon,’ zegt zijn vriendin en collega Micah. ‘Hij was geen terrorist.’

‘Ze brengen hun boodschap uiterst efficiënt over,’ zegt Ellen Tordesillas, journaliste en medeoprichtster van de factcheck-groep Vera Files. De groep behoort tot een hele reeks Filipijnse nieuwsmedia die momenteel samenwerken met Filipijnen in het buitenland, striptekenaars en katholieke priesters om kiezers ertoe aan te zetten nog eens goed na te denken voordat ze een bericht online gaan delen of retweeten. Toch verspreidt ook onjuiste berichtgeving zich vanuit meerdere politieke kampen heel snel, en de factcheckers kunnen de hoeveelheid onjuiste beweringen amper bijhouden. Zelfs een terloopse opmerking, zoals een commentaar waarin Marcos jr. tijdens een radio-interview beweerde dat een bepaalde vissoort heel eenvoudig was te kweken, kan het team van Tordesillas dagen kosten om te weerleggen. Intussen verspreiden de aanhangers van Marcos jr. voortdurend nieuwe desinformatie en presenteren wilde geruchten als geheide waarheden.

‘Als mensen bereid zijn deze leugens zonder enig bewijs te geloven, wat kun je daar dan tegen doen?’ vraagt May Rodriguez zich af. ‘Als je dat bij één iemand tegenkomt, oké. Die is gewoon gestoord. Maar als je het overal tegenkomt, dan is het beangstigend.’

Een zendmast voor mobiele telefonie in de buurt van Manilla. Internationaal gezien is het internet op de Filipijnen uitzonderlijk traag en duur, maar dat weerhoudt de Filipino’s er niet van tot de meest actieve gebruikers van sociale media ter wereld te behoren.

Van virtueel naar reëel geweld

Rodriguez heeft alle reden om bang te zijn. De recente golf van desinformatie is misschien niet uniek voor de Filipijnen, maar volgens mensenrechtenactivisten zijn enkele van de meest gewelddadige consequenties ervan inmiddels duidelijk geworden. Dreigingen die online worden geuit, blijven zelden zonder gevolgen in de reële wereld, zoals mag blijken uit de bloemen op de graven van tientallen Filipijnse activisten en journalisten. Vaak werd de dood van deze slachtoffers voorafgegaan door een periode van ‘red-tagging’, een term die verwijst naar een aloude praktijk van overheidsfunctionarissen die hun critici openlijk als communisten of terroristen afspiegelen en oproepen om deze mensen een lesje te leren – online en offline.

Het was onder het Marcos-regime dat ‘red-tagging’ in 1969 werd ingevoerd, maar volgens mensenrechtenactivisten en critici van de regering was het Duterte die de praktijk een nieuwe inhoud gaf. Nu de families Duterte en Marcos in de verkiezingscampagne samenwerken, vrezen velen dat deze methode via sociale media een nieuwe vlucht zal nemen en dat het aantal slachtoffers ervan sterk zal toenemen. In de afgelopen zes jaar zijn al meer dan 421 Filipijnse activisten vermoord omdat ze zich uitspraken tegen de regering-Duterte; honderden anderen zijn ternauwernood ontsnapt aan aanslagen op hun leven. En omdat de reputatie van de slachtoffers online is bezoedeld, worden veel van de moorden amper onderzocht en de daders zelden opgespoord en bestraft.

Een van de meest recente slachtoffers van deze desinformatiemachine was Chad Booc. Als leraar-vrijwilliger die in de afgelopen zeven jaar had opgeroepen tot gratis onderwijs voor de inheemse kinderen van de Filipijnen, was Booc al langere tijd het doelwit van onjuiste berichtgeving op Facebook en lastercampagnes van de regering die online werden gevoerd. In december 2021 waarschuwde hij zijn vrienden dat hij bang was in de maanden daarna te worden gearresteerd en berichtte instructies aan zijn vertrouwelingen over wat ze in dat geval zouden moeten doen.

Maar geen van zijn vrienden was voorbereid op wat er zou gebeuren. Op 23 februari werd Booc kort na half tien ’s avonds vermoord toen hij terugkeerde uit Davao City op het zuidelijke Filipijnse eiland Mindanao, waar hij een afgelegen dorpje in een naburige provincie had bezocht. Uit de sectie op zijn lichaam bleek dat hij door meerdere kogels was geraakt. Vier anderen die samen met Booc reisden, werden eveneens gedood. Volgens mensenrechtengroepen vertoonden tenminste twee van hun lichamen mogelijke sporen van marteling. Na de moorden postten de Armed Forces of the Philippines (AFP) een verklaring op Facebook waarin werd beweerd dat alle vijf lid waren van een plaatselijke communistische terreurgroep – een bewering die zelfs de Communistische Partij van de Filipijnen leek te ontkennen.

Kennissen van Booc waren zó gewend om online onjuiste informatie over hem te lezen dat ze aanvankelijk geloofden dat ook het bericht over zijn dood ‘fake news’ was. De moord op Booc heeft leraren en activisten in heel het land angstig gemaakt. ‘Toen we besloten om leraar te worden, wisten we dat deze keuze ons het leven zou kunnen kosten,’ zegt de 23-jarige Micah, een van Boocs beste vriendinnen en collega’s. Zijzelf werd ooit gewapenderhand door de AFP gearresteerd en ze ontvangt geregeld doodsbedreigingen op Twitter en Facebook. Uit vrees voor represailles vroeg ze mij om niet met haar volledige naam geïdentificeerd te worden.

De berichten in haar inbox zijn zó gewelddadig – en dusdanig gedetailleerd in hun beschrijving van de aangekondigde aanvallen – dat Micah is gediagnosticeerd met post-traumatische stress en geregeld onder paniekaanvallen lijdt. ‘Er zijn perioden waarin ik niet alleen de straat op durf, omdat ik door mensen word gevolgd,’ zegt zij. ‘Het is echt eng.’

Micah’s pogingen om de bedreigingen te melden aan de mediaplatforms hebben geen resultaat opgeleverd. De accounts van de verzenders blijven vrijwel altijd actief. ‘Mensen zeggen dat ik dit aan de autoriteiten moet melden, maar hoe kan ik het melden aan autoriteiten die dezelfde mensen zijn die me aanvallen?’ zegt zij. ‘Op de Filipijnen heerst momenteel een cultuur van straffeloosheid.’

Met haar berichtgeving vanuit Manilla heeft Geela Garcia aan dit artikel bijgedragen.

Hannah Reyes Morales is een Filipijnse fotografe en National Geographic-onderzoekster die in haar werk onderzoekt hoe het dagelijks leven wordt vormgegeven door het historisch besef en door nieuwsberichten. 


Corinne Redfern is een onderzoeksjournaliste uit Italië die bericht over mensenrechten en genderkwesties in Europa en Azië.


Geela Garcia is een multimediajournaliste uit Manilla die bericht over vrouwen, voedselzekerheid en het milieu.

Het Nobel Peace Center heeft aanvullende ondersteuning voor de fotografie bij dit artikel geboden.

Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op nationalgeographic.com

Lees meer

Dit vindt u misschien ook interessant

Geschiedenis en Cultuur
Slaap, kindje, slaap: slaapliedjes van over de hele wereld
Geschiedenis en Cultuur
Een intact grafschip van Vikingen bevatte grote rijkdommen – en een verrassend mysterie
Geschiedenis en Cultuur
Welke mysterieuze boodschap stond op de windselen van deze mummie?
Geschiedenis en Cultuur
Poging om DNA-monsters in laatste Amerikaanse slavenschip te vinden
Geschiedenis en Cultuur
Volg de inmiddels 30 jaar durende strijd om onafhankelijkheid van Oekraïne aan de hand van deze visuele tijdlijn

Ontdek Nat Geo

  • Dieren
  • Milieu
  • Geschiedenis en Cultuur
  • Wetenschap
  • Reizen
  • Fotografie
  • Ruimte
  • Video

Over ons

Abonnement

  • Abonneren
  • Schrijf je in
  • Shop
  • Disney+

Volg ons

Copyright © 1996-2015 National Geographic Society. Copyright © 2015-2021 National Geographic Partners, LLC. Alle rechten voorbehouden.