In de zeventiende eeuw is Korea voor Europeanen nauwelijks meer dan een naam op de kaart. Dat verandert wanneer boekhouder Hendrick Hamel na een schipbreuk dertien jaar in het afgesloten koninkrijk Joseon verblijft. Zijn verslag wordt het eerste ooggetuigenbericht van een westerling over Korea en geeft Europa voor het eerst een beeld van het land.
De reis van Hamel naar Japan
Hendrick Hamels reis begint in de zomer van 1653. Hamel, opgegroeid in Gorinchem, is dan 23 jaar oud en sluit zich aan bij de VOC. Op een reis naar Zuidoost-Azië, met als eindbestemming de Japanse handelspost Dejima, gaat Hamel mee als boekhouder aan boord van het jacht De Sperwer.
Leestip: Hoe de hoogbejaarde haenyeo-duiksters minutenlang onder water blijven zonder zuurstofflessen
De route naar Zuidoost-Azië is dan al een gebruikelijke zeeroute voor Nederlandse zeelieden. Maar op 17 augustus, voor de kust van het eiland Jeju, slaat het noodlot toe. De Sperwer komt terecht in een storm en slaat stuk. Van de 64 bemanningsleden weten uiteindelijk 36 levend aan land te komen, onder wie Hamel.
Schipbreuk in een afgesloten koninkrijk
Op dat moment hebben de overlevenden nog geen benul van de locatie waar ze schipbreuk hebben geleden. Het Koreaanse schiereiland, evenals het zuidelijk gelegen eiland Jeju, is voor de westerse wereld nog onbekend gebied.
De Joseondynastie, de heersende dynastie van Korea in de zeventiende eeuw, voert een strikt isolationistisch beleid: contact met het buitenland is sterk beperkt en de grenzen van het koninkrijk zijn nagenoeg gesloten. De westerse wereld kent het schiereiland vooral van kaarten. Kennis over de cultuur en samenleving van Joseon bereikt Europa slechts sporadisch via andere Aziatische landen.
Leestip: In Zuid-Korea zijn werk en gezin lastig te combineren – en dat heeft invloed op het geboortecijfer
Aanvankelijk denken Hamel en de rest van de bemanning dat ze op een onbewoond eiland terecht zijn gekomen, maar al snel wordt de groep omringd door soldaten die de ondergang van het schip hebben opgemerkt. De Nederlanders proberen duidelijk te maken dat ze op weg waren naar Japan, maar worden niet begrepen. Hamel en zijn bemanning worden gevangengehouden, wat het begin markeert van hun dertien jaar lange verblijf in Joseon.
Een onverwachte ontmoeting
In de eerste maanden van hun gevangenschap is het voor de Nederlandse bemanning onmogelijk om te communiceren met de lokale autoriteiten. Hamel heeft geen idee wat hem te wachten staat, en de rest van de bemanning tast evengoed in het duister.
Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!
Pas na verloop van tijd grijpt de gouverneur in en laat hij vanaf het vasteland een tolk overbrengen naar Jeju. Tot ieders verbazing krijgen ze bezoek van een man die vloeiend Nederlands spreekt: Jan Jansz Weltevree, een Nederlandse zeeman die jaren eerder óók schipbreuk heeft geleden voor de kust.
Eindelijk hebben Hamel en zijn bemanning een mogelijkheid om met de autoriteiten te onderhandelen, en misschien zelfs hun vrijheid te bepleiten. Weltevree laat deze hoop echter snel omslaan: hij vertelt dat hij al 26 jaar tegen zijn wil wordt vastgehouden. Ontsnappen, legt hij uit, is vrijwel onmogelijk. Hamel en zijn mannen kunnen hun lot het best accepteren.
Leven en werk in Joseon
Een jaar later worden Hamel en zijn bemanning van Jeju overgebracht naar Hanseong, het huidige Seoel. Daar verschijnen ze voor koning Hyojong. Met hulp van Weltevree proberen ze toestemming te krijgen om terug te keren naar Nederland, maar die wordt geweigerd. De aanwezigheid van de Nederlanders wordt gedoogd, maar vertrek is uitgesloten.
Leestip: Hoe ziet het dagelijks leven in Noord-Korea eruit? Dit weten we over het gesloten land
In Seoel krijgen de mannen een vaste rol toegewezen. Ze worden ingezet in de koninklijke garde en ondergebracht bij lokale huishoudens, waar ze naast hun taken ook kluswerk verrichten. In de jaren die volgen raken Hamel en zijn mannen steeds meer geïntegreerd in de samenleving van de Joseondynastie, maar het plan om te ontsnappen geven ze niet op.
De ontsnapping na dertien jaar
Na jaren van wachten dient zich uiteindelijk een kans aan. Door een hongersnood worden de Nederlanders verspreid over verschillende delen van het land, waaronder een kustgebied in het zuiden. Voor Hamel en een klein deel van de groep betekent dit toegang tot de zee. In het geheim verzamelen ze voorraden en weten ze een vissersboot te bemachtigen.
In september 1666 wagen acht mannen de oversteek. Ze vertrekken in het donker en laten Joseon achter zich. Vier dagen later worden ze opgepikt door Japanse schepen. Via de eilandengroep bij Nagasaki bereiken ze de Nederlandse handelspost op Dejima.
Eenmaal in veiligheid zet Hamel zijn ervaringen op papier. In zijn verslag beschrijft hij niet alleen hun gevangenschap en ontsnapping, maar ook het dagelijks leven in Joseon. Het boek verschijnt in 1668 in Nederland en wordt het eerste ooggetuigenbericht van een westerling over Korea.
Vandaag de dag wordt Hamel nog altijd herdacht in Nederland en Zuid-Korea. In de havenstad Yeosu staat een klein museum dat zijn verhaal vertelt. Bezoekers vinden er tentoonstellingen over zijn leven, de eerste contacten tussen Nederland en Korea en zelfs een kopie van zijn oorspronkelijke dagboek.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!












