Al eeuwenlang zijn mensen erdoor gefascineerd: dieren die zich bewapenen met hoorns, geweien en slagtanden. Een van de oudste kunstwerken ooit gevonden is een tekening van de hoorns van een waterbuffel en de slagtanden van een zwijn, die zo’n 45.000 jaar geleden op de wanden van een grot werd gekalkt. Ook toen al moet de prehistorische mens hebben gedacht: die rijk gedecoreerde koppen, die maken hier de dienst uit.

Maar dat niet alle evolutionaire ontwikkeling zich aan de buitenkant manifesteert, bewijst een artikel dat werd gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Behavioral Ecology and Sociobiology. De auteurs van het artikel stellen dat, als mannelijke zoogdieren van een bepaalde soort grotere hoorns of geweien ontwikkelen, de vrouwtjes die evolutionaire groeispurt in de hersenen doormaken.

‘Ik denk dat vrouwtjes in de biologie vaak over het hoofd worden gezien,’ zegt hoofdauteur Nicole Lopez van de University of Montana. ‘Mensen vinden ze er saai of oninteressant uitzien, maar hun rol mag niet worden onderschat.’

Een complex sociaal systeem

Goed nieuws voor de bodybuilders onder ons: een sterk lichaam gaat niet per definitie gepaard met een laag IQ. Al halen de gehoornde mannetjes het wat hun intellect betreft niet bij hun vrouwelijke soortgenoten.

‘We vermoeden dat de mannetjes in hun hoorns en geweien investeren om zo een signaal af te kunnen geven aan de vrouwtjes,’ zegt gedragsecoloog Ted Stankowich. ‘En hoe belangrijker die signalen, hoe complexer het sociale systeem. Misschien dat de vrouwtjes op hun beurt dan weer grotere hersenen nodig hebben om die signalen op de juiste manier te kunnen interpreteren: met wie moeten ze paren, en met wie juist niet.’

Maken vrouwtjes de dienst uit?

Evolutionair bioloog Ummat Somjee van de University of Texas zet echter zo zijn vraagtekens bij die beredenering. Grote hersenen zouden niet per definitie wijzen op een hogere intelligentie, en bovendien zouden de auteurs te weinig verschillende diersoorten hebben onderzocht, stelt Somjee. Desondanks vindt de evolutionair bioloog het onderzoek interessant.

Dat mensen al eeuwenlang geïntrigeerd zijn door dierenwapens, verbaast Somjee niet: aandacht trekken is tenslotte precies waar deze structuren voor gemaakt zijn. ‘Ze boeien ons en misleiden ons,’ aldus Somjee.

Daarover kan Lopez meepraten. Om de partnerselectie van zoogdieren te begrijpen, heeft de wetenschappelijke literatuur zich lange tijd op de onderlinge strijd tussen mannetjes geconcentreerd, stelt de auteur. De grootste, sterkste en zwaarst bewapende exemplaren zouden het voor het zeggen hebben in het dierenrijk, zo luidt de heersende opvatting.

‘Maar misschien hebben we er al die tijd op de verkeerde manier naar gekeken,’ zegt Lopez. ‘Dat het besluitvormingsproces van de vrouwtjes uiteindelijk bepalend is, lijkt nu iets waarschijnlijker.’