Aruba’s woestijnachtige parel

Grotten vol vleermuizen en indianentekeningen van duizenden jaren oud, heuvels vol cactussen, wilde geiten, ruige stranden en ruïnes van de tijd dat er nog goud gewonnen werd: dit is Arikok!Thursday, November 9, 2017

Door Veerle Witte
Het dorre landschap van Arikok na een lange periode van droogte.

Waarschijnlijk niet de eerste plek die bij je opkomt wanneer je aan Aruba denkt. Toch neemt dit nationaal park – het enige van Aruba - maar liefst 20 procent van het eiland in beslag: Arikok. Slingerende wandelpaden leiden me over woestijnachtige heuvels bezaaid met reuzencactussen vanwaar ik uitkijk over heel Aruba. Samen met Julio Beaujon, die hier al 40 jaar als parkranger werkt, trotseer ik de hitte en ga ik op avontuur!

Parkwachter Julio Beaujon.

‘Dit is Mira la Mar,’ wijst Beaujon. ‘Zie de zee. Omdat je de zee aan beide kanten ziet liggen.’ We hiken over droge heuvels met ontelbaar veel cactussen, sommige zeker vier keer zo groot als ik. Vroeger werd hier goud gewonnen: begin 20ste eeuw was dit de belangrijkste industrie van het eiland. ‘Geologisch gezien is dit het oudste gedeelte van Aruba,’ verklaart Beaujon. ‘Binnen de aders van het kwarts, een van de gesteentes die hier omhoog kwam, zit veel goud. Er ligt nog steeds veel kwarts in Arikok, maar dat zit in zulk hard basaltsteen, dat het economisch gezien niet interessant is om er nog te mijnen.’

Het landschap van Arikok wordt getekend door enorme cactussen.

We dalen af en lopen een droge rivierbedding in: Rooi Prins. ‘Dit is mijn tweede favoriete rivierbedding,’ zegt Beaujon. ‘De mooiste van Arikok is Rooi Fluit.’ Het is erg droog in Arikok op het moment. ‘Het heeft al bijna drie jaar niet meer echt goed geregend in Aruba,’ vervolgt hij. ‘Maar áls het regent, wordt het hier prachtig groen. Soms blijft het water maandenlang stromen.’ We lopen langs hoge kalkstenen kliffen. ‘Zo’n 25 tot 30 duizend jaar geleden kwam de zee tot daar,’ wijst Julio naar de rand van de plateaus. ‘Het eiland wordt per eeuw nog steeds zo'n 1,5 cm omhoog geduwd.’

Een strand in Arikok: Boca Prins.

Wanneer we na enkele kilometers de rivierbedding uitlopen zijn we bij de ruige noordkust aangekomen. De zee slaat hier hard tegen de rotsen en rolt lang uit naar witte baaitjes, zoals Boca Prins. Weer een totaal andere omgeving. We wandelen verder door de hitte richting een enorm grottencomplex nabij de kust. ‘Kom mee,’ zegt Julio. ‘Dit wil je zien.’ Hij neemt ons een stukje de grot in en wijst op indianentekeningen van duizenden jaren oud op het plafond. ‘Uit de tekeningen is af te leiden dat deze grot religieus belangrijk voor ze was.’ Niet alle tekeningen zijn thuis te brengen, maar er is in elk geval een schildpad, een kever en een handafdruk van een kind te herkennen.

Een van de indianentekeningen in de Fonteingrot.

‘De grot is wel 800 meter diep, maar ik neem mensen nooit zo ver,’ zegt Beaujon. ‘Dieper in de grot leeft namelijk een grote vleermuiskolonie en die willen we graag beschermen.’ Eerder al legde Beaujon het belang van de vleermuizen uit. Zij bestuiven de cactusbloemen, die voor 90 procent ’s avonds bloeien. Daardoor komen de vruchten uit, die de vogels eten, waarna ze de zaden weer uitpoepen en er nieuwe cactussen groeien. Zonder de vleermuizen, zouden de cactussen op Aruba verdwijnen. Waarom Arikok zo belangrijk is voor Beaujon? ‘Toen ik opgroeide was Aruba zo,’ zegt de besnorde parkranger terwijl hij met zijn arm over Arikok zwaait. ‘Geen hotels, onbebouwd. Dit is eigenlijk Aruba, zeg ik altijd.’ 

De grotten waar de indianentekeningen in zijn gevonden.

Volg mijn avonturen in Aruba live via Twitter, waar ik dagelijks foto’s en updates plaats!

Lees meer