Ik glijd over het ijs in het Groenlandse poolgebied en adem de frisse aprillucht in op het ritme van de hijgende sledehonden. Van achter op de slee maak ik foto’s van Inughuitjager Qumangaapik Qvist, bijgenaamd Quma, en zijn honden. (Die met de camera hierboven ben ik.) Ik onderneem zo’n typische National Geographic-expeditie: met een hondenslee over het zee-ijs op jacht naar de narwal, de eenhoorn van de zee.

IJskoud water

Al weken zoeken we in het Inglefieldfjord naar de grens tussen het ijs en het water. Pas na vijf weken vinden we eindelijk een klein stuk open water. Om te zien hoe sterk het ijs is, port Quma erin met een zware paal. De bovenste laag blijkt prut, maar eronder ligt betrouwbaar ijs – dat moet ook wel, want anders komen we hier niet levend weg.

Ik besluit als eerste het koude water te trotseren, in een van de kajaks die we achter onze sleeën hadden gebonden. Quma en een andere jager, Ilannguaq Qaerngaq, kijken elkaar bezorgd aan, maar duwen mijn kajak op hoop van zegen toch maar af. Nerveus zien ze toe hoe ik even met mijn camera zit te hannesen. Maar daarna ga ik er als een speer vandoor en glijd ik over het heldere water. Pas als ik met mijn peddel een perfecte bocht maak, rem ik af. Op de kant zie ik de jagers grijnzen. Voordat ik als fotograaf aan de slag ging, heb ik jarenlang traditionele kajaks gebouwd en er veel mee gevaren. Dat wisten ze wel, maar nu krijgen ze bewijs voorgeschoteld.

Jacht op de narwal

Als de Inughuit ook in hun kajak zijn gestapt, kan onze narwaljacht beginnen. De hele middag speuren we langs de randen van het ijs naar de dieren. Tevergeefs: het dunne, brosse ijs bedekt nog altijd een flink stuk zee buiten het fjord, waardoor narwallen hier niet kunnen komen om heilbot te vangen of jongen te baren, omdat ze onderweg geen lucht kunnen happen.

Halverwege juni komt er een einde aan mijn reis. Het dunne ijs ligt er nog, twee maanden later dan normaal, waardoor de narwallen nog steeds niet naar hun vertrouwde kraamplek kunnen zwemmen. Als mijn vliegtuig opstijgt voor de vlucht naar het zuiden, kijk ik naar het zee-ijs in de diepte en zie ik de hondenteams door het dorp draven.

Ideaal vervoermiddel

Noord-Groenland, waar de inheemse Inughuit leven, is een van de weinige plekken ter wereld waar de hondenslee het grootste deel van het jaar het ideale vervoermiddel is. Dat klinkt misschien gek, want het is bepaald niet het snelste voertuig. Bovendien hebben de honden voedsel en verzorging nodig, en ook de bestuurders moeten fit en goed getraind zijn.

kiliii yüyan in groenland
Inughuitoudste Pullaq Ulloriaq vangt een kleine alk met een traditioneel net op de rotsen bij Siorapaluk, het noordelijkste Inuitdorp van Groenland. Aan het eind van de zomer trekt deze alk met miljoenen tegelijk naar paaigronden in Noord-Groenland, waar de zeevogel al eeuwen een duurzame voedselbron vormt voor de Inughuit.
Kiliii Yüyan

Toch is en blijft de hondenslee populair in het dorp Qaanaaq. De slee is weliswaar langzaam en je moet voortdurend het ijs en de omgeving in de gaten houden, maar anders dan een sneeuwscooter houdt een slee er nooit zomaar mee op. En mocht de nood aan de man komen, wat hier nog weleens wil gebeuren, dan kun je een scooter niet opeten.

Een met de natuur

Er staat nogal wat op het spel op onze planeet. Vooral qua klimaatverandering en natuurverlies staan we er niet goed voor. Toch kennen mijn vrienden mij als een optimist. Want ik zie ook oplossingen, en die worden nu zelfs al in praktijk gebracht.

Tachtig procent van de biodiversiteit op het land is te vinden in leefgebieden van inheemse volken, hoewel deze maar vijf procent van de wereldbevolking vertegenwoordigen. In bijna al die gebieden leven de mensen in harmonie met de natuur.

Dáárin schuilt mijn hoop. Inheemse gemeenschappen zijn uitstekende landbeheerders en hebben allerlei sociale structuren ontwikkeld om onze destructieve impulsen, zoals egoïsme en hebzucht, te beteugelen.

kiliii yüyan in groenland
De nichten Berthe Simigaq en Nellie Simigaq duwen hun kinderwagen over het zee-ijs op weg naar de hondensleerennen in Qaanaaq, Groenland. De wedstrijden gelden als het evenement van het jaar. Ze zijn een symbool van de innige band tussen de Inughuit, Noord-Groenlandse Inuit, en hun hondenteams, waarop ze een groot deel van het jaar zijn aangewezen voor hun vervoer.
Kiliii Yüyan

Inheemse volken bezitten geen magische krachten, maar ze zijn buitengewoon divers. Stuk voor stuk hebben ze manieren bedacht om op een eerbiedwaardige wijze met hun omgeving om te gaan. Bovendien hebben ze duizenden jaren de tijd gehad om hun aanpak te vervolmaken, waardoor de oplossingen die zij ons bieden ruimschoots beproefd zijn. Het is lastig overleven als je de wereld om je heen om zeep helpt.

Wanneer ik verdrink in zulke gedachten, denk ik graag terug aan die lentemiddag op het ijs, toen ik helemaal tot rust kwam. Onderweg pauzeerden de Groenlanders en ik om een zeehond te vangen, de honden het vet te voeren en zelf de gestoofde ribben te eten als avondmaal. Die dag legden we vijftig kilometer af op zeehondenbrandstof. Dat is niet alleen een recept voor een puike reportage, maar ook voor een goed leven.