Wie het Zuid-Koreaanse eiland Jeju bezoekt, kan een bijzonder tafereel tegenkomen. Groepen vrouwen, sommigen ouder dan tachtig, duiken de ijskoude zee in en komen boven met speren en netten vol zeedieren. Nog opmerkelijker: het zijn allemaal vrijduikers, die met één enkele teug lucht onder water gaan. Hoe slagen deze haenyeo erin zulke prestaties te leveren?
De oorsprong van de haenyeo
Haenyeo betekent in het Koreaans ‘vrouwen van de zee’, en verwijst naar een traditie die al eeuwen teruggaat. Aanvankelijk waren de duikers op Jeju vooral mannen, maar vanaf de zeventiende eeuw kwam het beroep steeds meer in handen van vrouwen.
Leestip: Deze vrouwelijke uitvinders maakten ons leven een stuk aangenamer
Een belangrijke oorzaak daarvoor was het hoge sterftecijfer onder mannen in die periode. Veel vissers kwamen om op zee, terwijl ook talloze militairen niet terugkeerden van oorlog. Vanaf het begin van de achttiende eeuw raakte vrouwelijke duikers, inmiddels bekend als haenyeo, in de meerderheid.
Langzaam groeide de haenyeo uit tot de belangrijkste kostwinners van het gezin. Ook in de twintigste eeuw bleef die positie sterk: in de jaren zestig was zo’n zestig procent van de visserijopbrengsten afkomstig van haenyeo, terwijl ongeveer veertig procent van hun echtgenoten werkloos was. Zo ontstond een semi-matriarchale samenleving op Jeju, waarin vrouwen vaak aan het hoofd van het huishouden stonden.
Zwaar werk onder extreme omstandigheden
Haenyeo duiken naar zeedieren als abalone (zeeoor), zee-egels, inktvis en verschillende schelpdieren en zeewier. Met eenvoudige hulpmiddelen – een mes, een net en een drijvende boei – halen ze hun vangst direct van de zeebodem. Wat ze meenemen verschilt per seizoen, maar ervaren duikers weten precies waar en wanneer ze moeten zoeken.
Leestip: Zijn ’s werelds mooiste koraalriffen bij de Filipijnen nog te redden?
Het is zwaar werk, en vraagt het uiterste van de duikers. Ze beschikken over een uitzonderlijk uithoudingsvermogen, een sterke ademhalingscontrole en een diepgaande kennis van de zee en de zeebodem.
Jarenlange training en een unieke ademhalingstechniek
Met elke diepe ademteug duiken haenyeo tot ongeveer twintig meter diepte en houden ze hun adem meestal enkele minuten in. Daarbij maken ze gebruik van een speciale ademhalingstechniek, genaamd sumbisori. Zodra een duiker de oppervlakte bereikt, ademt ze krachtig uit om de opgehoopte kooldioxide direct af te voeren. Dit zorgt voor een hoog, fluitend geluid waar de duiksters om bekend zijn komen te staan.
Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!
Naast deze ademhalingstechniek speelt hun intensieve training ook een belangrijke rol. Haenyeo beginnen vaak al op jonge leeftijd met duiken. Door jarenlange oefening past hun lichaam zich aan: tijdens een duik daalt hun hartslag sterk, waardoor ze zuiniger omgaan met zuurstof. Uit onderzoek blijkt bovendien dat een deel van de haenyeo genetisch beter bestand is tegen kou; eigenschappen die op het Koreaanse vasteland veel minder vaak voorkomen.
Hoewel tegenwoordig een wetsuit, duikmasker en vinnen tot de standaarduitrusting behoren, droegen haenyeo vroeger niets anders dan katoenen badkleding. Door het ijskoude water konden ze in de winter maximaal een uur in het water blijven, waarna ze zich gezamenlijk bij het vuur opwarmden.
Een traditie in gevaar
De eeuwenlange duiktraditie heeft van de haenyeo een unieke gemeenschap gemaakt, maar net als veel andere traditionele beroepen staat deze met de komst van industrialisatie steeds meer onder druk.
Leestip: Hoe Noord-Korea 1000 auto’s buitmaakte op Zweden en de grootste autoroof ooit pleegde
Vanaf de jaren zestig werd Jeju door de Zuid-Koreaanse overheid ontwikkeld tot exporteur van mandarijnen, omdat het niet geschikt was voor grootschalige industrie. Ook het toerisme kreeg de afgelopen decennia een enorme impuls en groeide uit tot de belangrijkste sector van het eiland. Deze veranderingen boden jonge vrouwen meer mogelijkheden buiten het zware duikwerk.
Door deze ontwikkelingen is het aantal haenyeo sterk afgenomen: tussen 1965 en 1970 daalde het van ruim 23.000 naar 14.000, en die trend zet tot vandaag door. Waar in 1970 nog veel duikers onder de dertig waren, zijn tegenwoordig vrijwel alle haenyeo ouder dan zestig. Deze vrouwen blijven echter hard werken om de traditie voort te zetten. Ook vandaag duiken zij ieder seizoen nog onder water en geven ze presentaties over hun werk, in de hoop hun erfgoed in leven te houden.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!










