Hoe praat je met je kinderen over het thema ras?

De recente protesten in de VS roepen bij kinderen vragen op. De eerste stap in het opvoeden van een antiracistisch kind is het aangaan van het gesprek.

Tuesday, June 9, 2020,
Door Heather Greenwood Davis
Foto van Photography by Yellow Dog Productions / Getty Images

Vorige week werd er in de hele wereld geprotesteerd tegen de dood van een zwarte man tijdens diens arrestatie door blanke politieagenten in Minneapolis. Hoezeer we onze kinderen ook willen afschermen voor dit soort schokkende beelden, ze zullen waarschijnlijk wel iets meekrijgen van onze gesprekken over ras, raciale ongelijkheid en racisme – en daar vragen over stellen. Volgens de experts kan de manier waarop je deze vragen beantwoordt, van grote invloed zijn op de gevoelens en ideeën over ras die jouw kinderen in de loop van hun leven ontwikkelen.

“Dit moment biedt mensen een kans,” zegt Candra Flanagan, directeur onderwijs en leren van het National Museum of African American History and Culture (NMAAHC) in Washington DC. “Volwassenen zouden misschien het liefst de tv uitzetten of het geluid omlaag draaien. Maar kinderen halen hun informatie en inzichten ook uit andere bronnen. Daarom is het des te belangrijker om deze gesprekken te voeren, zodat jouw kinderen geen boodschappen van buiten krijgen die niet overeenkomen met wat jij als ouders voor jouw kinderen wil.”

Voor sommige ouders zullen de protesten naar aanleiding van de dood van George Floyd ertoe leiden dat hun kinderen voor het eerst vragen beginnen te stellen over ras en racisme. Die eerste gesprekken kunnen lastig zijn, maar opvoedkundigen raden ouders aan om ze wél aan te gaan, zelfs als de kinderen nog heel jong zijn. Volgens Caryn Park, professor aan de Antioch University in Seattle, zou het een vergissing zijn te onderschatten in hoeverre kinderen kwesties rond rassenongelijkheid kunnen begrijpen. Park doet onderzoek naar inzichten van kinderen rond thema’s als ras en etnische afkomst.

“Kinderen van amper drie jaar oud zijn zich al bewust van ras en huidskleur, en ze zijn niet bang om daar vragen over te stellen,” zegt Park. “Hun identiteit is voor hen heel belangrijk en hun raciale identiteit maakt een aanzienlijk deel van hun identiteit als geheel uit. Ook beseffen ze hoe belangrijk het is om over rassen en racisme te praten en dat ze door het aansnijden van deze onderwerpen de aandacht van grotere kinderen en volwassenen krijgen.”

Het thema ras is relatief eenvoudig te behandelen wanneer een jong kind zich voor het eerst bewust wordt van huidskleur. Racisme is uiteraard lastiger om over te praten. Maar weinig ouders zullen zichzelf of hun kinderen als racistisch beschouwen, want het begrip duidt op doelbewust kwaadwillend of gemeen gedrag jegens groepen die anders zijn dan de eigen groep. Maar volgens Ibram X. Kendi, directeur van het Antiracist Research and Policy Center van de American University in Washington DC, wordt racisme niet altijd gekenmerkt door doelbewustheid. Kendi is de auteur van een binnenkort te verschijnen antiracistisch plaatjesboek voor jonge kinderen en schreef samen met Jason Reynolds de verhandeling Stamped: Racism, Antiracism and You.

Volgens Kendi zijn de meeste mensen niet doelbewust uit op het schaden van anderen, maar maken ze desalniettemin inschattingen op basis van ras. En volgens Maggie Beneke, assistent-professor opvoedkunde aan de University of Washington in Seattle, zijn die inschattingen vaak gebaseerd op onbewuste raciale vooroordelen die we ons via alledaagse contacten en sociale uitwisselingen eigen maken en die uitmonden in opvattingen waarvan we niet eens beseffen dat ze onbedoeld tot racistisch gedrag kunnen leiden. “Na het zien van films met vooral blanke prinsessen erin kan een kind bijvoorbeeld een opmerking maken als: ‘Ik houd alleen van prinsessen die er uitzien als Elsa en ik vind het bruine haar en de bruine kleur van Moana niet fijn,” zegt Beneke, die onderzoek doet naar opvoeding en gelijkheid.

Het doel is volgens Kendi om kinderen tot antiracistische volwassenen op te voeden. “Als ouders zouden we kinderen moeten opvoeden die ideeën van raciale gelijkheid kunnen verwoorden, raciale ongelijkheid als een probleem zien en hun eigen kleine bijdrage aan het grote probleem van het racisme kunnen leveren,” zegt hij. Dat betekent dat ouders racistische ideeën moeten herkennen die hun kinderen zich misschien – doelbewust of niet – eigen hebben gemaakt en ze in de richting van antiracistisch gedrag sturen.

Het ontwikkelen van empathie, mededogen en rechtvaardigheidsgevoel kan kinderen op jonge leeftijd helpen om op te groeien tot volwassenen die de wereld willen verbeteren. Voor ouders betekent dat vaak dat ze er eens goed voor moeten gaan zitten en die lastige gesprekken over ras en racisme moeten aangaan. “Los van de manier waarop zo’n gesprek begint, zouden ouders het signaal moeten afgeven dat het prima en belangrijk is dat erover wordt gepraat,” zegt Beneke. Hieronder volgen enkele tips van experts over het opvoeden van een antiracistisch kind.

Wees bereid om over gebeurtenissen te praten waarbij ras een rol speelt en over de gevoelens die ze losmaken

Als jouw kinderen naar aanleiding van de recente onlusten vragen stellen over ras en protest, kun je dat moment gebruiken voor een breder gesprek, zegt Flanagan. In een deel van die gesprekken zullen ouders ook zelf flink moeten nadenken.

“Het gaat niet alleen om het kind maar ook om het ‘huiswerk’ dat de ouders zouden moeten doen,” zegt Anna Hindley, directeur vroege opvoeding van het NMAAHC. Inzicht in de geschiedenis van rassenrelaties in de VS en de uiteenlopende manieren waarop er gedemonstreerd kan worden, zal het voor kinderen gemakkelijker maken om over dit soort onderwerpen te praten.

Zo is het NMAAHConlangs begonnen met het project Talking About Race, een webportaal dat ouders en leraren allerlei concrete handvatten aanreikt om met dit onderwerp om te gaan. Het portaal omschrijft het idee van onderdrukking “als een combinatie van vooroordelen en institutionele macht die tot een systeem leidt waarin sommige groepen geregeld en ernstig worden gediscrimineerd en andere groepen worden bevoordeeld.” Het is een goed uitgangspunt om kinderen te laten nadenken over de oorzaken achter deze wereldwijde protesten, die veel verder gaan dan de dood van één man: dat zwarte Amerikanen naar verhouding veel armer zijn dan andere groepen Amerikanen, dat deze bevolkingsgroep naar verhouding zwaarder wordt getroffen door COVID-19 als gevolg van gebrekkige toegang tot de gezondheidszorg en om andere redenen, en dat veel meer zwarte Amerikanen door politieagenten worden gedood (“pijn worden gedaan,” als je met jongere kinderen praat) dan blanke Amerikanen.

Zowel Hindley als Beneke vindt dat het vermogen van kinderen om kwesties rond ras en onderdrukking te verwerken wordt gefnuikt als ouders ze voor dit soort informatie afschermen. “We weten dat kinderen in staat zijn om deze zaken te begrijpen, maar daarbij hebben ze misschien wel wat hulp nodig, gezien de grote hoeveelheid berichten die zijzelf en anderen daarover ontvangen,” zegt Beneke.

Flanagan herinnert ouders eraan dat kinderen net als volwassenen ook emotioneel worden geraakt door gebeurtenissen als de dood van George Floyd en de daaropvolgende protesten. In gesprekken over deze thema’s moet rekening worden gehouden met die emoties. “We reageren emotioneel op allerlei misstanden die we in de loop der tijd en overal ter wereld voorbij zien komen,” zegt zij. “Geef kinderen de ruimte voor hun eigen emotionele reis en emotionele verwerking.”

Let op uitspraken waarin waardeoordelen met ras worden verbonden

Als jouw kind zegt: “Die mevrouw is bruin!” en ze is inderdaad bruin, dan kun je dat gewoon beamen. “Het is niet racistisch om iemands huidskleur aan te duiden,” zegt Park. “Als je zo’n observatie zou onderdrukken, zou je een verkeerd signaal aan jouw kind afgeven.”

Waar ouders wél op moeten letten, zijn momenten waarop kinderen het verschil met anderen onbewust met een waardeoordeel verbinden. In dat geval kun je ze liefdevol corrigeren. “Reageer met niet-oordelende, open vragen, zodat je kunt begrijpen waarom jouw kind in die veronderstelling verkeert,” zegt Beneke. “Eenvoudige vragen als ‘Waarom denk je dat?’ of ‘Waarom zeg je dat?’ kunnen helpen om een gesprek op gang te brengen.” Je kunt vervolgens uitleggen wat stereotypen zijn en dan samen met jouw kind voorbeelden bedenken die laten zien dat zulke stereotypen in werkelijkheid niet kloppen.

Help je kinderen in te zien dat racistische ideeën pijn kunnen doen

Als je jouw kind iets over een bepaalde groep hoort verkondigen terwijl hij of zij zich niet realiseert dat het om een vooroordeel gaat, kun je met het kind een gesprek aangaan dat past bij zijn of haar leeftijd. Voor jongere kinderen zou je je daarbij kunnen richten op het feit dat woorden pijn kunnen doen en mensen verdrietig kunnen maken. En hoewel de meeste oudere kinderen al voldoende zijn gesocialiseerd om geen onverbloemd racistische opmerkingen te maken, kunnen ze af en toe toch de kop opsteken.

Park raadt ouders aan om kinderen te laten stilstaan bij zowel de bedoeling als het onbedoelde gevolg van een opmerking. Als jouw kind bijvoorbeeld zegt dat “ook gekleurde mensen racistisch kunnen zijn,” is dat een uitnodiging om in gesprek te gaan. “Vraag het kind of er iets is gebeurd waardoor ze dat gevoel hebben en wat hij of zij voelde bij het maken van die opmerking,” zegt Park. “Wie wordt door zo’n opmerking bevoordeeld en wie benadeeld? Luister begripvol naar gekrenkte gevoelens, bijvoorbeeld als gevolg van afwijzing of buitensluiting, en denk na over het verzoenen van die gevoelens.”

Hoe ouder het kind, des te verder het gesprek kan gaan. “Maar we zouden er nooit voor moeten terugschrikken om onze kinderen te wijzen op racistische ideeën,” zegt Kendi. “En er ook nooit voor moeten terugschrikken om onze kinderen met behulp van antiracistische ideeën te beschermen.”

Actualiseer je thuisbibliotheek

Neem je boekenkast eens onder de loep en verken de boeken, films en tv-series waaraan je je kinderen blootstelt. Je zult waarschijnlijk een patroon herkennen in de wijze waarop bepaalde groepen vaker zijn vertegenwoordigd dan andere. Overweeg om je kinderen kennis te laten maken met media waarin begrippen als ‘held’, ‘buurman’ of ‘vriendje’ in een nieuwe gedaante optreden. “We weten dat het bij de meerderheid van de plaatjesboeken draait om blanke personages en dat zwarte en bruine personages nog minder vaak vertegenwoordigd zijn dan dieren en andere stripfiguren,” zegt Beneke. Ga op zoek naar boeken waarin zwarte, bruine en inheems-Amerikaanse personages in normale situaties voorkomen, niet alleen in situaties van slavernij of onrecht.

Ga op zoek naar boeken met illustraties en verhalen waarin diversiteit wordt gevierd en laat je kinderen kennismaken met verschillende perspectieven. Kom je iets tegen dat je heel goed vindt? Koop dan een extra exemplaar en doneer die aan de schoolbibliotheek.

Breng diversiteit in verschillende aspecten van je leven aan

Om kinderen vertrouwd te maken met antiracistische idealen, moeten ze worden blootgesteld aan mensen die anders zijn dan zij. Als hun vriendenclubje een beetje te homogeen is, is het misschien tijd om hun speelmomenten aan te vullen met een beetje diversiteit.

Dat kan voor ouders ook een gelegenheid zijn om meer diversiteit in hun eigen dagelijkse leven in te voeren. Manka Varghese, die als professor aan de University of Washington is gespecialiseerd in meertalige opvoeding, stelt voor om onze eigen sociale netwerk uit te breiden met mensen van andere rassen, genders, opleidingsniveaus en geloofsovertuigingen. Dit dient als model voor antiracistisch gedrag van jouw kinderen en biedt de gelegenheid om over de waarde van verschillen te praten. “Het beïnvloedt de kinderen ‘van bovenaf’, omdat je laat zien dat verschillen goed zijn,” zegt Park. “Het biedt kinderen toegang tot een hele reeks perspectieven, etenswaren, verhalen en gezichtspunten.”

Uiteraard is het niet de bedoeling om gewoon de deur uit te lopen en het eerste de beste ‘vriendje’ uit te kiezen omdat hij of zij een andere huidskleur heeft. In plaats daarvan kun je onderzoeken wat je misschien onbewust doet om de contacten van jouw gezin te beperken tot leden van een bepaalde groep. “Denk erover na waar je als ouder of gezin energie en tijd in steekt,” zegt Beneke. Overweeg buitenschoolse activiteiten in een voor jou onbekende wijk of bedenk uitstapjes die afwijken van de normale invulling van je weekend om op een natuurlijke wijze nieuwe relaties aan te knopen.

Verken ook activiteiten waarbij je kinderen aan andere perspectieven blootstelt. Probeer het hele jaar door projecten van je plaatselijke bibliotheek bij te wonen, tentoonstellingen over ras te bezichtigen of culturele evenementen van buurtcentra te bezoeken. Blootstelling aan deze evenementen kan bijdragen tot het verbreden van een gevoel voor inclusiviteit.

Beperk een gesprek over ras niet tot een eenmalige gebeurtenis

Je hoeft geen speciale tijd te kiezen om een verplicht ‘rassenpraatje’ te houden. Gesprekken komen vanzelf op gang als je aandacht besteedt aan de opmerkingen van je kinderen en als je blijft opletten dat ze zich geen onbewuste vooroordelen eigen maken.

Als jouw kind bijvoorbeeld ziet dat een tv-reclame weinig culturele diversiteit vertoont, kun je met hem of haar praten over de manier waarop die reclame inclusiever zou kunnen zijn. Als jouw kind zo tussen de tien en dertien jaar oud is en zich afvraagt waarom er geen zwarte mensen in de tv-serie Friends voorkomen, kun je met hem of haar bespreken hoe deze sitcom een betere afspiegeling van de samenleving zou kunnen zijn. “Moedig kritisch denken aan en nodig je kinderen uit om te vertellen wat hen is opgevallen,” zegt Park. Het gesprek zou kunnen leiden tot een “diversiteitsonderzoek” van de media die jouw gezin gebruiken. Daarbij zouden jullie kunnen kijken naar het aantal gekleurde mensen dat leidende en ondersteunende rollen, personages van gezag, helden en schurken speelt. Vergelijk jullie aantekeningen daarna met elkaar, waarna je op basis van de resultaten kunt besluiten om je media-gebruik aan te passen.

Je kunt je ook verdiepen in manieren waarop jij als ouder op natuurlijke wijze ongelijkheid aan de kaak kunt stellen. Als jouw kind opmerkt dat de meeste professionele basketbalspelers zwart zijn, is het goed om erop te wijzen dat de meeste teameigenaars blank zijn en jouw kind vragen wat dat volgens hem of haar betekent. Varghese stelt voor om de discussie aan te gaan door middel van vragen als: ‘Wat valt je hier op?’ ‘Waarom denk je dat dit zo is?’ ‘Wie wordt in deze situatie bevoordeeld?’ ‘Wat zouden wij daaraan kunnen doen?’ De antwoorden kunnen leiden tot een vruchtbare discussie over privilege, ras en ongelijkheid – en jouw kind helpen om antiracistische idealen te ontwikkelen.

Doe niet alsof je op alles een antwoord hebt

Bedenk vooral dat er geen ‘juiste’ manier is waarop je dit soort gesprekken voert. Net als bij andere belangrijke en ongemakkelijke gesprekken kun je achteraf het gevoel hebben dat je anders op een vraag had moeten reageren. Accepteer dat. “Oefening baart kunst,” zegt Beneke. “Bedenk dat ook jijzelf nog steeds over deze kwesties nadenkt, ook al ben je al volwassen. Laat je kinderen zien dat deze gesprekken lastig maar belangrijk zijn.”

Dit artikel is een aangepaste versie van een tekst die in februari 2020 is verschenen. Het artikel is aangepast om de recente gebeurtenissen te weerspiegelen.

Het werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com

lees verder

Family

NatGeo @ Home

Zit je thuis met de kinderen? En missen ze wat uitdaging? Wij helpen je!

Voorzie je een coronavirus-zomerdip? Boost het brein van je kinderen in de natuur.

Het is goed voor de cognitieve en emotionele vaardigheden van kinderen om een band met de natuur te hebben. Dit gebeurt er als ze buiten zijn.

Natuurwetenschappelijke trucs om de kids thuis te leren koken

Met deze smakelijke experimenten kunnen ouders hun kinderen niet alleen vermaken, maar ze ook iets bijbrengen over koken.
Lees meer