Genieten in Vorarlberg

Op grote hoogte in het Pitztal

Het tragische ongeval is het gesprek van de dag. Op zo’n 175 kilometer van het dorp in Tirol waar ik met mijn gezin de voorjaarsvakantie doorbreng, werd prins Friso twee weken eerder bedolven door een lawine. donderdag, 9 november

Door Paul Römer

Het tragische ongeval is het gesprek van de dag. Op zo’n 175 kilometer van het dorp in Tirol waar ik met mijn gezin de voorjaarsvakantie doorbreng, werd prins Friso twee weken eerder bedolven door een lawine. Ik prijs me voor de verandering gelukkig dat ik geen uitmuntend skiër ben en het dus uit mijn hoofd zal laten de pistes te verlaten voor een riskante afdaling.

Er is hier – in het skigebied Pitztaler Gletscher & Rifflsee, gelegen in het Pitztal in de Ötztaler Alpen – ook geen enkele reden de gebaande skipaden te verlaten. Uitdagingen genoeg op deze prachtig geprepareerde brede pistes, met de nadruk op rode (gemiddelde) afdalingen. Mijn niveau, da’s mooi.

Het Pitztal is een skigebied van superlatieven. Want de Pitztaler Gletscher waarop we nu skiën, te bereiken met de Gletscher Express die dwars door de bergen priemt en de skiërs zo aan de voet van de gletsjer afzet, is de hoogstgelegen gletsjer van Oostenrijk, met sneeuwzekerheid van eind september tot en met begin mei. Bovendien staat de Pitztaler Gletscher in verbinding met de Rifflsee, het grootste meer in de Ötztaler Alpen. Al met al 68 kilometer aan pistes met 12 skiliften – en een daarvan is de hoogstgelegen skilift van Oostenrijk (3440m) met een magnifiek uitzicht op de Wildspitze (3774m), de hoogste berg van Tirol. Gaat het al duizelen?

Even buiten het dal ligt dan het skigebied Hochzeiger, met 54 kilometer aan pistes en talloze voorzieningen voor kinderen (zoals kinderopvang, een rodelbaan en een sneeuwpark) een walhalla voor skiënde gezinnen.

Ondanks al die argumenten vóór een skivakantie in het Pitztal gaat het hier om een relatief onbekend gebied onder Nederlandse wintersportfanaten. Het Pitztal is duidelijk minder massaal dan elders in Oostenrijk, zoals Ischgl en het Ötztal, waar toeristen in grote hotels verblijven en après-ski vaak minstens zo belangrijk achten als de sneeuwcondities. Lallende twintigers tref je er niet, de Pitztal-dorpjes maken ’s avonds een verlaten indruk. Wij verblijven zelf in Hotel Sonnblick in Sankt Leonhard, een pittoresk gehucht met zo'n 2000 inwoners. Net als de andere plaatsen in het dal maakt het een rustige, authentieke indruk. En dat is voor ouders wel zo aangenaam.

Als wij er zijn, in de laatste week van februari, schijnt de zon volop. Dat is op de gletsjer verrukkelijk: de hoogte zorgt voor lagere temperaturen, er is door het gebrek aan bomen geen enkele beschutting, en dan is de zon in je gezicht uiterst welkom. Maar in Hochzeiger, waar de zon de hele dag op de pistes beukt, resulteert die warmte in de loop van de dag in papsneeuw. Voor de gezelligheid en de kinderen (en de lunch in het op 2000 meter hoogte gelegen restaurant Zeiger met indrukwekkend panorama) is Hochzeiger zeker een aanrader, maar voor het pure skiën raad ik de Pitztaler Gletscher aan. De breedte van de meeste pistes biedt er alle ruimte voor een heerlijk stille afdaling.

Reisinformatie
Het Pitztal is eenvoudig te bereiken per vliegtuig. Transavia vliegt in het skiseizoen dagelijks op Innsbruck, vanuit zowel Amsterdam als Rotterdam. De rit van Innsbruck naar het Pitztal duurt circa 80 minuten.