Vijf avonturen in de Dominicaanse Republiek

Voor nieuwsgierige reizigers heeft het Caraïbische eiland veel meer te bieden dan all-in-resorts.

Door Sandra MacGregor
Gepubliceerd 13 apr. 2018 15:54 CEST, Geüpdatet 5 nov. 2020 07:04 CET
Een ruiter kijkt uit over het strand van Las Terrenas op het schiereiland van Samaná. In ...
Een ruiter kijkt uit over het strand van Las Terrenas op het schiereiland van Samaná. In het walvisseizoen komen veel toeristen naar het naburige stadje Samaná, waar je in het Walvismuseum het complete skelet van een bultrug kunt bewonderen.
Foto van Pascal Sittler, REA/Redux

Met zijn helderblauwe zee en eindeloze zon is de Dominicaanse Republiek vooral populair bij vakantiegangers die op zoek zijn naar de belofte van zorgeloos, all-in-ontspannen. Maar buiten de resorts is een indrukwekkend scala van onbekende gebieden te vinden, waar reizigers onvergetelijke en fotogenieke plekken kunnen bezoeken.

Nationale Park Los Haitises

Dit natuurreservaat aan de noordoostkust van het land is zowel een archeologische vindplaats als een idyllisch paradijs van grillige kalksteenrotsen, verwrongen mangroven en een uitgestrekt doolhof van zinkgaten en grotten.

Bezoekers naderen het park op de boot en komen onderweg langs eilandjes waar vogels lawaaierig hun nesten in bomen en rotsspleten onderhouden. Fregatvogels behoren tot de meest opvallende bewoners: je hoeft geen ervaren vogelaar te zijn om te worden gefascineerd door de mannetjes met hun dieprode kroppen, die ze tot de grootte van een voetbal opblazen om indruk te maken op de kleurloze vrouwtjes.

Een toerboot glijdt door de mangrovebossen van het Nationale Park Los Haitises, dat vrijwel alleen over het water is te bereiken. Tussen het natuurpark en het schiereiland in het noorden ligt de Baai van Samaná.
Foto van Raul Touzon, National Geographic Creative

Verken de duistere grotten van het park, waar je onder de indruk zult raken van de grootste collectie rotstekeningen van het land, die door het inheemse Taíno-volk werden vervaardigd. De precolumbiaanse tekeningen van vogels, walvissen en goden getuigen zoals geen andere taal dat kan van de lange geschiedenis van het land.

Zweven in een heteluchtballon

In de Dominicaanse Republiek behoren boottochtjes tot de populairste activiteiten, maar waarom zou je de turkooisblauwe wateren niet verruilen voor hemelsblauwe luchten? In Punta Cana kun je op de enige gecertificeerde heteluchtballontour van het Caraïbisch gebied hoog boven het land zweven.

Ballonvaarder Luis Leonardo trakteert luchtreizigers op fascinerende verhalen en verbluft ze daarna op de grond met een magische show tijdens een ontbijt met champagne.

Wie de zon wil zien opgaan vanuit een luchtballon, moet om half vijf opstaan. Het is een onvergetelijke en soms adembenemende ervaring om hoog boven suikerrietvelden te zweven terwijl je de zon uit de oceaan ziet opduiken.

Snorkelen bij een verborgen strand

Waarom zou je verder kijken dan het hotelstrand met zijn fruitige cocktails en schone handdoeken en je naar minder geriefelijke plekken aan de kust begeven? Het antwoord is te vinden op de Playa Fronton.

Dit strand is alleen toegankelijk per boot of na een stevige wandeling en is een schoolvoorbeeld van het gevarieerde landschap dat in de Dominicaanse Republiek te vinden is. De afgelegen en smalle strook zand met palmbomen loopt langs een torenhoge rotswand en trekt daardoor niet alleen badgasten maar ook rotsklimmers aan.

Fronton is ook een heerlijke snorkelbestemming. Laat je niet afleiden door de verspreid voor de kust liggende koraalriffen: de mooiere en levendigere riffen liggen verder naar het noorden, waar de klippen de zee in steken. Daar vind je tussen sierlijk zeegras en kleurrijke vissen een verbazingwekkende verzameling rode, zwarte en paarse zee-egels. (Zorg er dus wel voor dat je waterschoenen draagt.)

Te paard naar de waterval El Limón

Ruk jezelf los van de kust en trek de binnenlanden in, naar El Limón, een waterval op het schiereiland van Samaná. Om deze afgelegen plek te bereiken rijd je te paard door ongerepte tropische landschappen terwijl een gids je wijst op hagedissen, bloeiende ‘paradijsbomen’ (Simarouba glauca) en ongrijpbare kolibries.

Het geruis van El Limón wordt gedempt door de dichte begroeiing en dus weet de waterval je te verrassen: wanneer je boven op de zoveelste heuvel aankomt, duikt hij plotseling op, alsof het bos een theaterdoek is dat wordt opengetrokken. Nadat je over een rotstrap naar beneden bent geklauterd en een beek bent overgestoken, kun je jezelf belonen met een duik in de vijver aan de voet van de waterval.

Met zijn veertig meter is El Limón de hoogste waterval van de regio.
Foto van Jane Sweeney, Robert Harding/National Geographic Creative

Het stadje Samaná

Ondanks de toenemende populariteit van dit schiereiland heeft het gelijknamige stadje Samaná zijn eigen karakter weten te behouden. De meeste bezoekers komen hier tussen januari en maart, wanneer hier migrerende bultruggen zijn te spotten. Maar in de rest van het jaar is dit ogenschijnlijk slaperige havenstadje een wonderbaarlijke plek om aan het dagelijks leven van de Dominicanen deel te nemen.

De onopvallende Dominicaanse Evangelische Kerk, opgetrokken uit bouwmateriaal dat in de late negentiende eeuw uit Engeland werd overgebracht, groeide uit tot dé kerk van bevrijde slaven en hun afstammelingen. In het westen van het stadje ligt de bruisende Mercado Samaná, die zelden door toeristen wordt bezocht. Hier vind je regionale producten en specerijen, terwijl kinderen tikkertje en mannen domino spelen.

’s Avonds is Samaná een plek om te dansen. Bars en clubs die overdag voorgoed gesloten leken te zijn, komen plotseling tot leven wanneer de plaatselijke bevolking uitgaat om de merengue te dansen.

Een lokale jongen doet een backflips van een boot in de zee bij de Samaná Peninsula.
Foto van Michael Hanson, National Geographic Creative
Lees meer