Hoe het is om te leven in het Everest-basiskamp

Elk jaar verrijst een pop-updorp aan de voet van ’s werelds grootste berg.

Tuesday, June 30, 2020,
Door Freddie Wilkinson
Het Everest-basiskamp aan de voet van de Khumbugletsjer wordt omgeven door enkele van de meest iconische ...

Het Everest-basiskamp aan de voet van de Khumbugletsjer wordt omgeven door enkele van de meest iconische pieken op aarde. Elk jaar lopen duizenden trekkers naar het Everest-basiskamp en over andere routes in Nepal, zonder de toppen te beklimmen.

Foto van Freddie Wilkinson, National Geographic

BASISKAMP VAN DE MOUNT EVEREST, NEPAL – Honderden internationale bergbeklimmers reizen elk voorjaar naar de Mount Everest om een beklimming naar de hoogste piek in de wereld te wagen. Het grootste deel van hun tijd besteden ze echter niet aan het beklimmen van de bergflank. Ze brengen daarentegen veel tijd door in de twee belangrijkste basiskampen van de berg om te rusten, te acclimatiseren en zich voor te bereiden. Het ene kamp staat aan de Nepalese kant van de berg en het andere aan de tegenoverliggende zijde in Tibet. Het leven in het basiskamp is een vreemde combinatie van huiselijkheid, logistieke uitdagingen en incidentele leven-of-dooddrama’s.

Sinds het begin van de commerciële klimreizen op de Mount Everest in de jaren 1990, is het toerisme op de piek flink toegenomen. Hierdoor is aan de voet van de Khumbugletsjer in Nepal op 5334 kilometer hoogte een bruisend dorp ontstaan. Op deze kaart staan enkele interessante plekken van de tijdelijke metropolis in de ijle lucht aangegeven. Helikopterdek, zuid: zieke of gewonde klimmers worden voor verzorging met helikopters naar Kathmandu gevlogen. De afgelopen jaren is het gebruik van helikopters enorm toegenomen in Nepal. Kamp van National Geographic: in het klimseizoen van 2019 voerde een team van National Geographic Society wetenschappelijk onderzoek uit. Everest Link: klimmers kunnen met de rest van de wereld contact houden via prepaidkaarten voor high-speed breedbandinternet. Het Nepalese bedrijf Everest Link verkoopt de kaarten aan bezoekers en aan de lokale bevolking. Tent van Everest ER: ‘Everest ER’ van de Himalayan Rescue Association houdt inloopspreekuren voor eenvoudige aandoeningen. Bij ernstige problemen worden patiënten met de helikopter naar Kathmandu geëvacueerd. Naarmate de klimmers hoger de berg opgaan, lopen hun lichamen meer risico op allerlei kwalen, zoals longoedeem, hersenoedeem en embolieën. Grote koepeltent: de gidsendienst Climbing the Seven Summits heeft een enorme koepeltent midden in het kamp. Het uitzicht dat de doorzichtige panelen op de omliggende bergtoppen biedt, is adembenemend. Kamp van het Sagarmatha Pollution Control Committee: deze NGO is in 1991 opgericht door mensen uit de regio Khumbu en ziet erop toe dat vast afval van het kamp en langs de looproutes wordt verwijderd. Helikopterdek, noord: helikopterdiensten zijn big business in Nepal, waar aspirant-klimmers een week moeten lopen om het basiskamp te bereiken. Wie de hoge tarieven wil betalen, kan een helikopter huren om de reistijd tussen de dorpen te verkorten.

De geschiedenis van twee kampen

Er lopen twee hoofdroutes naar de top van de Everest. Aan beide ligt een basiskamp met een unieke verblijfervaring. De North Ridge aan de Tibetaanse zijde van de berg is beter toegankelijk: het basiskamp is met voertuigen te bereiken. Veel expedities aan de noordzijde vertrekken vanuit Kathmandu in Nepal en rijden de grens met China over om bij de berg te komen.

De route over de South Col loopt daarentegen via Nepal en de wandeltocht naar de voet van de berg neemt gewoonlijk een week in beslag. Al kan de betrekkelijk grote afstand tegenwoordig voor een groot deel met helikopters worden afgelegd.

Beide kampen zijn opgezet in enorme gletsjerdalen. Het Tibetaanse basiskamp aan de noordzijde staat bij de eindmorene van de Rongbukgletsjer. Het Nepalese basiskamp aan de zuidzijde staat boven op de rotsige Khumbugletsjer.

Kamperen op de grenzen van wat fysiologisch mogelijk is

Beide kampen zijn op 5334 kilometer hoogte opgezet. En dat heeft een goede reden. Ergens tussen een hoogte van 5400 en 5800 kilometer treedt namelijk verval van het lichaam op en nog hoger is permanent leven niet mogelijk. Wetenschappelijk en eenvoudig gezegd: je wilt niet op een nog grotere hoogte proberen te leven.

Een goed bevoorraad basiskamp is een thuisbasis voor bergbeklimmers van waaruit ze drie tot vijf dagen achtereen de berg op kunnen gaan. Daarna keren ze terug om te herstellen in de enigszins zuurstofrijkere lucht.

De gidsendienst Climbing the Seven Summits heeft haar koepeltent midden in het pop-updorp van het Everest-basiskamp opgezet.

Foto van Freddie Wilkinson, National Geographic

Door de transparante zijkant biedt de tent van Climbing the Seven Summits een spectaculaire aanblik op het Himalayagebergte. Als je een begeleide tocht maakt, breng je de meeste tijd in het basiskamp op 5334 kilometer hoogte door om te rusten en acclimatiseren. Maar ook om je voor te bereiden op een klim in ijle lucht naar een plek waar het menselijk lichaam niet lang achtereen kan overleven.

Foto van Mike Hamill

Een verzorgde beleving

Volgens de populaire Everest-blogger Alan Arnette heeft het Nepalese ministerie van Toerisme 375 vergunningen voor beklimming van de Everest afgegeven voor het voorjaar van 2019. Aan de noordzijde zijn naar verluid 144 buitenlandse klimmers. Het is verboden om zomaar met een klimvergunning naar een basiskamp te gaan, je tent op te zetten en de berg proberen te beklimmen. Alle buitenlanders moeten een bevoegd lokaal logistiek bedrijf in de arm nemen dat de accommodaties, maaltijden en sanitaire basisvoorzieningen in het basiskamp verzorgt.

Voor elke buitenlandse klimmer zijn er ook drie tot vier lokale werknemers in het basiskamp aanwezig. Dat zijn onder andere sherpa’s die ook de berg opgaan of personeel, zoals koks, afwassers, serveerders en teammanagers die allemaal de klanten verzorgen.

Dit legertje aan dienstverleners bestaat overwegend uit Nepalezen, hoewel ze niet allemaal etnische sherpa’s zijn. Zij laten de motor van het basiskamp draaien.

Wat staat er op het menu?

Het gezegde luidt dat een leger op zijn maag vecht. Op de Everest is dat niet anders. Expedities laten niets ongemoeid om hun klanten het beste voedsel te kunnen bieden. De meeste commerciële expedities streven ernaar drie maaltijden per dag voor te zetten met eiwitten, koolhydraten en fruit of groenten. Het overgrote deel van de ingrediënten bestaat uit basisvoedsel zoals rijst, pasta, eieren, fruit en groente in blik en flatbread (chapati genoemd). Maar een creatieve chef vindt altijd een manier om het eten interessant te houden. Het helpt enorm dat er regelmatig verse producten via yak, helikopter of jeep worden geleverd.

Tussen de maaltijden door zijn er voldoende snacks in de vorm van warme drankjes, gedroogd fruit, snoeprepen en de alomtegenwoordige bus Pringles-chips.

In een aparte kombuistent wordt Nepalees eten voor de lokale werknemers geserveerd (hoofdzakelijk thee en dal bhat, een traditionele Nepalese stoofpot van gekookte rijst en linzen).

De keuken is een magische plek voor chef-kok Subash Magyar. Rijst, pasta, eieren, fruit en groente in blik en flatbread (chapati genoemd) zijn de belangrijkste ingrediënten van de drie maaltijden per dag.

Foto van Freddie Wilkinson, National Geographic

Stadsproblemen

Voor de expeditiecampings geldt in het algemeen wie het eerst komt, het eerst maalt. Sommige geslepen organisatoren sturen zelfs maanden van tevoren lokale vertegenwoordigers om het beste vastgoed te claimen. Doordat er honderden mensen op enkele vierkante meters kamperen, staan de organisatoren voor problemen waar stedenbouwkundigen in kleine plaatsen ook mee te maken hebben.

In het Nepalese basiskamp op de Khumbugletsjer waarborgt het Sagarmatha Pollution Control Committee dat de hygiëneregels in acht worden genomen. Dezelfde taak hebben Chinese ambtenaren in het basiskamp bij de Rongbukgletsjer. Sanitaire tenten worden zo opgezet dat afvalstoffen in vuilniszakken in kunststof vaten worden opgevangen en naar lager gelegen delen kunnen worden afgevoerd. Afval wordt op dezelfde manier verzameld en verwijderd. Hoewel moderne kampen hierdoor weliswaar relatief schoon blijven, zul je grote bergen afval tegenkomen als je van het pad afwijkt. Dit zijn de overblijfselen van expedities uit vroegere, minder verlichte tijden. Aan de Nepalese zijde is men geleidelijk begonnen met het verwijderen van al dit afval. In een poging de hoeveelheid afval terug te dringen, beperkten Chinese ambtenaren dit jaar de toegang van klimexpedities tot het Tibetaanse kamp. Toeristen mochten er helemaal niet komen.

De tocht te voet naar het Everest-basiskamp in Nepal alleen al duurt een week. Eenmaal aangekomen kunnen bezoekers met de rest van de wereld contact houden via prepaid internetkaarten van Everest Link, een Nepalees bedrijf. Hoe zwaar de klimmers het hebben, hangt af van de gidsendienst die ze hebben gekozen. Wie voor het beste is gegaan, geniet veel van de gemakken van thuis, waaronder een warme douche, een yogatent en films na het eten.

Foto van Freddie Wilkinson, National Geographic

Glamping op grote hoogte

Net als in steden zijn er enkel ‘buurten’ die beter zijn dan andere. Dat betekent dat niet alle Everest-teams dezelfde accommodaties hebben. Wat onderscheidt een luxe kamp van budgetaccommodaties? Leveranciers van de chicste uitrustingen bieden nu inlooptenten aan met bedden, onbeperkte elektriciteit dankzij benzinegeneratoren, warme douches, sterke en betrouwbare wifi, projectoren voor films na het eten en zelfs speciale tenten voor yoga en rekoefeningen. Dergelijke gemakken zijn echter niet goedkoop. De meest luxueuze exploitanten rekenen meer dan honderdduizend dollar, terwijl goedkopere uitrustingen tussen de 25.000 en 40.000 dollar kosten.

Maar verwacht in het Everest-basiskamp geen discoballen en legendarische feesten. De meeste teams zonderen zich redelijk af en gaan vroeg naar bed. In ieder geval tot ze de top hebben bereikt.

Aan het einde van het seizoen haasten de meeste gidsen zich naar huis, maar voor het personeel van het basiskamp is er nog voor weken werk. Zo moeten ze alles afbreken en erop toezien dat het naar de opslag in de vallei wordt vervoerd. Veel exploitanten huren opslagruimte in naburige dorpen om de lange reis terug naar Kathmandu te vermijden.

112 in het basiskamp

Veel grote expedities hebben hun eigen artsen in de teams. Georganiseerde medische zorg is aan beide zijden van de berg beperkt aanwezig. Heb je een ernstig medisch probleem, dan moet je het basiskamp zo snel mogelijk verlaten en naar een lagere hoogte afdalen.

In het basiskamp op de Khumbugletsjer houdt de ‘Everest ER’ van de Himalayan Rescue Association inloopspreekuren. Patiënten met ernstige problemen worden zo snel mogelijk met een helikopter naar Kathmandu geëvacueerd. Wie ziek wordt in het basiskamp bij de Rongbukgletsjer kan voor eerstelijnszorg in Tingrit terecht, op vier uur rijden met een voertuig met vierwielaandrijving.

Je houdt ervan of je haat het

Voor sommigen is het basiskamp een soort vagevuur, een tijdelijke opvang waar je vier of vijf weken moet verblijven in ruil voor de kans om de Everest te beklimmen. Anderen zien dit als het ultieme zomerkamp, ​​een ongekende plek en gemeenschap. Voor wie naar het hoogste punt op aarde wil klimmen, zijn dit hoe dan ook de twee startpunten. 

Noot van de redactie: journalist Freddie Wilkinson bericht momenteel vanuit het Everest-basiskamp in Nepal en de omgeving ervan. Bekijk nog meer van zijn reportages over het klimseizoen van 2019. Dit artikel kwam mede tot stand met steun van de National Geographic Society, een organisatie zonder winstoogmerk.
Dit artikel werd oorspronkelijk op 16 mei 2019 in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com
Lees meer