Weinig ontmoetingen met wilde dieren zijn zo indrukwekkend als oog in oog staan met een walvis. Voor veel mensen staat het op hun bucketlist om de grootste zoogdieren op aarde een keer met eigen ogen in het wild te zien. In Europa zijn de lente en de zomer de beste seizoenen om de indrukwekkende dieren te spotten. Daarbij is het natuurlijk belangrijk om tour-operators te kiezen die dierenwelzijn hoog in het vaandel hebben.
1. Húsavík, IJsland – walvissen onder de middernachtzon
Aan de noordkust van IJsland ligt Húsavík, een van de bekendste walvisbestemmingen van Europa. Tussen juni en september maak je hier grote kans op het zien van dwergvinvissen, bultruggen, orka’s, dolfijnen en zelfs blauwe vinvissen.
De combinatie van voedselrijke wateren en extreem lange zomerdagen maakt dit een ideale plek voor wildlife-observatie. In de baai wemelt het van het krill en de vis, waardoor walvissen dicht onder de kust komen jagen.
Vanuit de haven vertrekken dagelijks excursies. Die zijn goed te combineren met wandelingen langs vulkanische landschappen, watervallen en lavavelden. Wel blijft walvisvangst in IJsland, zij het beperkt, een gevoelig onderwerp.
2. Mull, Schotland – walvissen langs ruige Hebridenkusten
Rond het Schotse eiland Mull leeft een kleine, vaste populatie dwergvinvissen. In de zomer krijgt die gezelschap van migrerende soortgenoten, maar ook van orka’s, grienden, dolfijnen en tuimelaars.
Leestip: Waarom wandelaars het liefst in mei naar de Schotse Hooglanden trekken
Van mei tot september vertrekken vanaf Mull begeleide boottochten langs de grillige Hebridenkust, waar de kans op ontmoetingen groot is.
Wie liever met beide benen op het land blijft, kan de Hebridean Whale Trail volgen: een netwerk van uitkijkpunten langs de kust waar regelmatig walvisachtigen worden gespot.
3. Ligurische Zee, Italië – mee met wetenschappers de Middellandse Zee op
Tussen de Franse en Italiaanse Rivièra ligt het Pelagos-reservaat, een beschermd zeegebied van ongeveer 88.000 vierkante kilometer waar opvallend veel walvisachtigen voorkomen.
Het Tethys Research Institute speelt hier al decennia een belangrijke rol in onderzoek naar zeezoogdieren. Sinds de jaren negentig organiseert het instituut bijzondere burgerwetenschappelijke expedities.
Leestip: Een walvis met een volle buik zingt meer, blijkt uit onderzoek
Tijdens meerdaagse tochten varen kleine groepen vrijwilligers mee met onderzoekers aan boord van een motorzeilboot. Onderweg helpen zij bij het verzamelen van gegevens over walvissen en dolfijnen, terwijl ze tegelijk de dieren van dichtbij observeren in open zee.
4. Pico, Azoren – misschien wel Europa’s beste walvisplek
Vrijwel nergens in Europa is de kans op walvissen zo groot als op de Azoren. Naar schatting trekt bijna een derde van alle bekende walvis- en dolfijnsoorten langs deze Portugese eilandengroep.
Hoewel veel reizigers eilandhoppen, geldt Pico als een van de beste vertrekpunten voor walvisexcursies. Tours worden hier streng gereguleerd volgens Portugese richtlijnen voor natuurtoerisme.
5. La Palma, Canarische Eilanden – walvissen in een biosfeerreservaat
Volgens de Internationale Walvisvaartcommissie behoren de Canarische Eilanden tot de beste plekken ter wereld om walvissen te spotten. In de diepe Atlantische wateren rond de archipel leven onder meer potvissen, grienden en bultruggen. In het voorjaar trekken soms ook blauwe vinvissen en dwergvinvissen langs. Dolfijnen, waaronder tuimelaars, zijn hier vrijwel het hele jaar zichtbaar.
Tenerife en La Gomera zijn populaire uitvalsbasissen, maar voor natuurliefhebbers springt vooral La Palma eruit. Het eiland is door Unesco erkend als biosfeerreservaat en combineert walvisexcursies met vulkanische landschappen, vogelspotten en bijzondere insectensoorten.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!















