Verenigde Staten

Westelijk Amerika: Natuur met een hoofdletter N

In het westen van Amerika wordt Natuurbeleving met een hoofdletter geschreven. De wildernis is er nog wat ze hoort te zijn: ruig, onvoorspelbaar en ongelooflijk mooi. In de afgelopen jaren heb ik de mooiste plekken met een camper herontdekt. donderdag, 9 november

Door Jonathan Vandevoorde
Foto's Van Jonathan Vandevoorde

Het cliché bestaat niet voor niets: alles in Amerika is gewoon big. Waar wij valleien hebben, zijn er in het Zuidwesten alleen maar canyons en vulkanen. Bergweiden? In de Rockies hebben ze uitgestrekte prairievlaktes tussen bergketens die 4000 meter hoog reiken. Als ik door Noord-Californië rijd vergaap ik me aan de hoogste bomen op aarde, de coastal redwoods die langs de weg staan. De dikste bomen ter wereld, de reuzensequoia’s, heb ik dan weer in de Californische Sierra Nevada gevonden, op haar beurt de hoogste bergketen van Amerika buiten Alaska. En die reuzen staan trouwens niet ver van de hoogste verticale granietwand van Noord-Amerika, El Capitan, in Yosemite National Park.

Geen mooiere manier om de grandeur van het Amerikaanse Westen te ontdekken dan met een camper. In een vorig leven, tijdens mijn carrière als reisleider voor groepsrondreizen, heb ik er vrijwel alles gezien en meegemaakt. Ik ben met name verliefd geworden op de grillige schoonheid van het Coloradoplateau en het trotse verhaal van de Indianen en de pioniers: de Southwest blijft voor mij de fascinerendste plek op deze planeet.

De afgelopen jaren ben ik de Southwest opnieuw gaan ontdekken, dit keer samen met mijn gezin. Hotelkamers en een huurauto hebben we verruild voor een camper, en de kinderen vinden het prachtig. ’s Ochtends vroeg de zon op je snoet, de frisse dennenlucht in en pootjebaden in een bergbeek.’s Avonds lekker al fresco dineren zonder Spotify om je heen, maar wel vreemde dierengeluiden en het ruisen van de beek... Uren kan ik daarna nog, achterover leunend in mijn stoel, naar die verpletterende sterrenhemel staren met een glas wijn in de hand. Hier kan geen motelparking tegenop. De volgende ochtend hoef je ook je tent niet op te vouwen of tassen in te pakken: we nemen gewoon ons hele huis mee.

Rijden in het Westen is gewoon anders. Elke state highway lijkt een zorgvuldig geregisseerde, over het land uitgerolde film die uren visueel spektakel garandeert. Draai daarbij een van Amerika’s 2000 country radiostations op 10 en het is puur genieten geblazen! Ik ken ook geen relaxter land om achter het stuur te zitten. Amerikanen rijden niet, ze cruisen. Langzaam. En ik cruise met hun mee. Zodat mijn geest alle ruimte heeft om die wisselende landschappen in zich op te nemen, want achter elke bocht krijg ik weer een nieuwe overdosis indrukken voor m’n kiezen.

De vrijheid die een camper geeft is een oergevoel dat mij uitermate goed bevalt. Maar enkele goede gewoontes van thuis komen altijd goed van pas. Is het in de camper ’s ochtends een rommeltje wanneer je de parkeerplaats afstuitert en de highway opdraait, dan duurt het maar een paar seconden en het interieur ziet eruit alsof er een tornado doorheen geraasd heeft. Vergeet dus hoofdstuk nummer één van het handboek over de camper-etiquette niet: opgeruimd staat netjes!