Fotograaf klimt voor zijn leven uit diepste grot op aarde

Toen een reuzengrot begon te overstromen, moesten fotograaf Robbie Shone en een team van Russische topspeleologen klimmen voor hun leven.

Wednesday, July 15, 2020,
Door Robbie Shone
Foto's Van Robbie Shone
Expeditieleider Pavel Demidov klimt uit de ‘eindput’, de vijver die het laagste punt van de Verjovkina-grot ...

Expeditieleider Pavel Demidov klimt uit de ‘eindput’, de vijver die het laagste punt van de Verjovkina-grot – de diepste op aarde – vormt. Shone nam deze foto kort voordat de speleologen de grot vanwege een stortvloed halsoverkop moesten verlaten.

Op 16 september 2018 waren we net aan het ontbijten toen er bericht over de radio binnenkwam. Een plotselinge vloedgolf zou de grot overstromen en ons binnen een halfuur bereiken.

Samen met Russische toponderzoekers van het speleologische team Perovo-Speleo, dat de grenzen van het grotonderzoek verlegt, kampeerden foto-assistent Jeff Wade en ik 2100 meter onder de grond in een van de diepste grotstelsels op aarde: het Verjovkina-systeem in Abchazië, een gebied in Georgië dat zichzelf tot republiek heeft uitgeroepen. We waren al elf dagen in de grot en een dag eerder had ik een foto genomen waarop is te zien hoe expeditieleider Pavel Demidov uit de ‘eindput’, het diepste punt van de grot, klautert. (Bekijk meer foto’s van deze expeditie.)

Plotselinge overstromingen, waarbij een grote hoeveelheid water zich een weg baant door alle openingen van het grotstelsel, komen vaak voor, dus waren we aanvankelijk niet bezorgd. (Later hoorden we dat het bovengronds een week had geregend.) We hadden onze achtpersoonstent opgezet in een zijgang, halverwege een diepe afgrond, waar we ons ruim buiten de onderaardse waterloop bevonden, zo dachten we. We gingen verder met ontbijten.

Cavers descend into a grotto at the lowest levels of the Veryovkina system. During the flood, water was up to the ceiling.

Ik zal dat geluid nooit vergeten: als van een vrachttrein die dwars door ons kamp zou denderen. Het werd steeds luider en iedereen keek met open mond naar boven, zich afvragend wat uit het duister zou opdoemen. Toen kolkte een enorme watermassa langs ons kamp en stortte zich in de afgrond. We besloten af te wachten hoe de situatie zich zou ontwikkelen. Soms zijn dit soort overstromingen van zeer korte duur.

Na een paar uur zag Petr Ljoebimov, een van de Russische grotklimmers, wat water opborrelen uit een diep gat aan de rand van het kamp, daar waar we onze tandpasta uitspuugden. Pavel en Andrej Sjoevalov gingen uitzoeken hoe het waterpeil zich dieper in het grotstelsel gedroeg. Kort daarna bekeek Petr het ‘tandpasta-gat’ opnieuw. Toen hij zich omkeerde, zei zijn lijkbleke gezicht genoeg: het gat stond vol water en het waterpeil steeg. We moesten snel zijn. In het kamp droegen we alleen een paar lagen basiskleding, jumpsuits van fleece om warm te blijven. Snel trokken we daaroverheen onze dry-suits van latex, Cordura-overalls, klimgordels en andere uitrusting aan. De anderen kenden deze uitrusting en handelden snel, maar in de paniek moesten Jeff en ik elkaar helpen om onze dry-suits af te sluiten. Mijn uitrusting lag overal verspreid en haastig pakte ik de geheugenkaartjes van mijn camera, deed ze in een afsluitbare zak en in mijn borstzak. De rest liet ik liggen.

Uit alle gaten rond het kamp borrelde water op. 

“We moeten nú gaan,” zei ik tegen Jeff. 

We haastten ons over een traverse boven een diepte van vijftien meter. Die afgrond was nu een meer geworden en wij liepen op slechts één meter boven het waterpeil. Ik riep: “Kom op, Petr, we moeten weg uit het kamp.” 

Maar hij wilde wachten totdat Pavel en Andrej terugkwamen. Ik dacht niet dat ik hem ooit nog zou zien.

Met behulp van stijgklemmen klauterden we naar boven, langs touwen die waren neergelaten in schachten die in woeste watervallen waren veranderd. Ik weet niet of ik banger was voor het stijgende water of voor de stortvloed die op ons neerstortte. Om te kunnen ademen, moesten we onze kin tegen de borstkas drukken, waardoor er onder onze helmkap wat ruimte met lucht ontstond. Elke centimeter voortgang kostte kracht – en we moesten nog 183 hoogtemeters overbruggen.

Ik klom voorop. Als ik op een obstakel zou stuiten, zou iedereen achter mij vastzitten, zonder uitweg en met een stijgend waterpeil. Ik raakte in paniek. Ik klom zó snel dat ik Jeff uit het oog verloor. Ik dacht oprecht dat iedereen dood was. Toen hoorde ik een woedende stem achter mij. Jeff schreeuwde dat ik langzamer moest klimmen. Ik was opgelucht zijn stem te horen. Eindelijk bereikten we het tijdelijke bivak in de zijpassage, waar we veilig waren voor het oprukkende water en de koude wind, en konden pauzeren.

De eerste van de andere klimmers dook op. We vroegen hem of hij de rest had gezien, maar hij was niemand tegengekomen. We gingen ervan uit dat de andere leden dood waren maar we zeiden niets. We trokken naar het volgende kamp en wachtten af.

Toen begonnen ook de andere grotklimmers te verschijnen. Ze waren erin geslaagd slaapzakken en een brander mee te grissen. Iedereen had het avontuur overleefd, zij het dat Petr zijn knie ernstig had verwond. 

We konden niet verder, want de volgende waterval kwam uit in een smalle horizontale passage die nu volledig onder water moest staan. We wachtten zestien uur, gevangen tussen het vloedwater onder ons en de onneembare waterval boven ons. 

De Russische grotklimmers voelden zich relatief veilig en lachten weer in hun tent. Jeff en ik ijsbeerden buiten op en neer en controleerden of het waterpeil niet opnieuw zou stijgen. We hielden onze klimgordels om en al onze kleding aan; we wilden voorbereid zijn als er iets zou gebeuren.

Maar uiteindelijk nam de stortvloed af. Jeff en ik begeleidden de gewonde Petr naar het volgende kamp en de anderen gingen terug om iets van de achtergelaten uitrusting te bergen. Ze keerden terug met mijn fototoestel en statief, maar zeiden dat een van mijn waterdichte containers vastzat in het plafond van de grot.

Het kostte ons vier dagen om naar de oppervlakte te klauteren. Los van elkaar bereikten we de uitgang. Wanneer ik na een speleologische trip uit een grot kom, staan mijn zintuigen meestal op scherp: ik ruik beter, de kleuren zijn levendiger en de geluiden helderder. Maar ditmaal nam ik alles op een vreemde, gedempte manier waar. Het voelde alsof ik als een geest het leven leefde van iemand die dit niet had meegemaakt. Maar ik heb me ook nog nooit zo opgelucht gevoeld. Ik herinner me hoe een bloedrode maan boven de Zwarte Zee achter de horizon verdween.

Een jaar later zochten Pavel en teamlid Kostja Zverev mij op in mijn huis in Innsbruck, Oostenrijk. Ze zetten twee flessen wodka in de vriezer en zeiden me dat ik m’n ogen dicht moest doen. Toen ik weer mocht kijken, lagen er verschillende spullen van de uitrusting die ik had moeten achterlaten op tafel.

Als twintig jaar fotografeert en onderzoekt Robbie Shone grotstelsels in de hele wereld. Zijn meest recente grote verhaal voor National Geographic, ‘Is This the Underground Everest?’, over het Dark Star-grotstelsel in Oezbekistan, verscheen in het maartnummer van 2017.

Dit artikel werd mede mogelijk gemaakt door de National Geographic Society, die ernaar streeft de bestaansmiddelen van de aarde te beschermen.

Dit artikel werd oorspronkelijk in het Engels gepubliceerd op NationalGeographic.com

Lees verder

De grotten van Mulu: afdaling in Borneo's uitgestrekte onderwereld

Onderzoekers ontrafelen de geheimen van de grootste grotten ter wereld. 

Een van de diepste grotten ter wereld blijkt nog dieper te zijn

Toen ze door een plotselinge overstroming vast kwamen te zitten in het Mexicaanse grottenstelsel Sistema Huautla, ontdekte een groep wetenschappers en grotklimmers nieuwe passages – en brachten ze de diepste grot van het westelijk halfrond verder in kaart.
Lees meer