Het is veertig jaar geleden dat de kernreactor van Tsjernobyl ontplofte. In de vervreemdingszone wint de natuur terrein: dieren keren terug en ecosystemen herstellen zich. Voor mensen blijft het gebied echter verboden terrein. Hoe reëel is een terugkeer naar de vervreemdingszone? Kunnen er ooit weer mensen wonen in Tsjernobyl en de nabijgelegen spookstad Pripjat?

De grootste kernramp ooit

In de nacht van 26 april 1986 leidde een mislukte veiligheidstest bij de kerncentrale van Tsjernobyl tot de grootste kernramp uit de geschiedenis. De explosie en de daaropvolgende brand in reactor 4 stootten grote hoeveelheden radioactieve isotopen uit over de omgeving.

In totaal raakte meer dan 200.000 vierkante kilometer land in Oekraïne, Wit-Rusland en Rusland besmet met radioactieve stoffen. Daags na de explosie verspreidde zich een radioactieve wolk over grote delen van Europa. Ook in Nederland werd verhoogde radioactiviteit gemeten: groenten als spinazie werden uit de schappen gehaald en melkkoeien moesten op stal.

Er vielen duizenden slachtoffers

Bij de explosie zelf kwamen 31 mensen om het leven, maar het werkelijke aantal slachtoffers loopt in de duizenden. Sommigen stierven vlak na de ramp door acute stralingsziekte, anderen pas jaren later aan stralingsgerelateerde kankers.

Het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) schatte in 2005 dat er ongeveer vierduizend mensen overleden door blootstelling aan straling, maar ook veel hogere aantallen worden genoemd.

In een grondige literatuurstudie van Artsen voor Vrede en de Gesellschaft für Strahlenschutz uit 2006 wordt gesproken over 65.000 tot 174.000 doden als gevolg van de ramp. Deze hogere cijfers zijn gebaseerd op bredere datasets en epidemiologische modellen.

Leven in de vervreemdingszone

Na de ramp werd in een straal van dertig kilometer rond de reactor een zogenoemde vervreemdingszone ingesteld. Meer dan 335.000 mensen werden geëvacueerd, onder wie de 55.000 inwoners van de stad Pripjat. De vervreemdingszone omvat het gebied dat het zwaarst getroffen werd en niet langer geschikt is voor permanente bewoning.

Leestip: 40 jaar na Tsjernobyl: fotograaf Gerd Ludwig ging naar binnen in de ontplofte reactor 4

De grond is er sterk vervuild met radioactieve isotopen, zoals jodium-131, cesium-137 en plutonium-239 – de laatstgenoemde heeft duizenden jaren nodig om te vervallen.

Toch zijn er mensen die vrijwillig terugkeerden, de zogeheten self-settlers. Ze vestigden zich in gebieden met relatief lage stralingsniveaus. Zij liepen vooral in de eerste jaren na de ramp veel straling op, later daalde de blootstelling geleidelijk. Uit een onderzoek uit 2021 bleek dat zij tekenen van atypische veroudering vertoonden. Een verhoogd risico op kanker werd bij deze groep echter niet vastgesteld.

Van verboden terrein naar natuurreservaat

Tsjernobyl mag dan risico’s met zich meebrengen voor bewoning, de natuur lijkt zich er verrassend goed te herstellen. Sterker nog: de vervreemdingszone wordt inmiddels beschouwd als een van de grootste aaneengesloten natuurgebieden van Europa.

Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!

Sommige onderzoekers rapporteerden duidelijke negatieve effecten op de fauna, zoals genetische mutaties, een kleiner hersenvolume, verminderde vruchtbaarheid en lagere aantallen in gebieden met hogere stralingsniveaus.

Leestip: Op bezoek in Doel, het Belgische spookdorp dat geen spookdorp is

Andere studies tonen juist aan dat veel diersoorten in aantal toenemen. Tijdens een onderzoek uit 2015 in het Wit-Russische deel van de vervreemdingszone werden evenveel elanden, reeën, edelherten en wilde zwijnen geteld als in andere natuurreservaten in Wit-Rusland. De wolfpopulatie was er zelfs meer dan zeven keer zo groot.

Is terugkeer naar Tsjernobyl mogelijk?

De vraag of mensen veilig kunnen terugkeren naar het gebied rond Tsjernobyl blijft complex en wetenschappelijk omstreden. Uit een publicatie in New Scientist (2024) blijkt dat sommige landbouwgronden inmiddels kunnen worden gebruikt voor het verbouwen van voedsel.

Het herstel van het gebied verloopt echter zeer ongelijkmatig. Bepaalde zones zullen nog duizenden jaren onveilig blijven, met name waar plutonium-239 in de bodem is doorgedrongen. Voormalig Tsjernobyl-directeur Ihor Gramotkin stelde in een interview met Time Magazine dat het gebied pas ‘over 20.000 jaar’ weer veilig bewoonbaar zou zijn.

Ondanks deze sombere voorspelling zijn er ook tekenen van hoop: bepaalde plantensoorten lijken bij te dragen aan een versnelde natuurlijke sanering van bepaalde gebieden.

Aanzienlijke gezondheidsrisico’s

Een snelle terugkeer naar Tsjernobyl is daarmee allesbehalve vanzelfsprekend. Hoewel dierenpopulaties zich lijken aan te passen, betekent dit niet dat het gebied ook veilig is voor menselijke bewoning.

In grote delen van de vervreemdingszone bestaan nog steeds aanzienlijke gezondheidsrisico’s, waardoor permanente terugkeer van mensen nog vele jaren, zo niet millennia, onmogelijk zal blijven.

Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!