Het is 16 februari 1923. De Britse archeoloog Howard Carter opent voorzichtig de muur van pleisterwerk. De achterliggende grafkamer is muf en donker. Als het stof neerdaalt kan Carter aan de randen van de kamer langzaam hiërogliefen en objecten onderscheiden. In het midden van de ruimte staat een grote stenen grafkist. Carter weet het op dit moment nog niet, maar hij heeft de laatste rustplaats van Toetanchamon gevonden. De jonge farao zou, drieduizend jaar na zijn overlijden, uitgroeien tot de bekendste farao ooit.
Van tekenaar tot grafzoeker
De zeventienjarige Howard Carter vertrekt in 1892 als tekenaar naar Egypte om Egyptische grafvondsten vast te leggen. Al snel ontwikkelt hij zich tot volwaardig archeoloog, en treedt in dienst bij de Egyptische Oudheidkundige dienst (EAD). Voor zijn nieuwe werkgever doorkruist Carter Egypte, op zoek naar verborgen graftombes uit het oude Egypte.
Maar na een conflict vertrekt Carter in 1905 bij de EAD, en gaat hij zelfstandig op expeditie. Zijn opgravingen worden voortaan gefinancierd door George Herbert, de Britse graaf van Carnarvon, een groot liefhebber van Egyptische kunst.
Een verborgen traptrede
In 1922 wil Carnarvon, teleurgesteld door het uitblijven van grote ontdekkingen, de financiering van het archeologisch onderzoek stopzetten. Carter weet Carnarvon echter te overtuigen om nog één jaar onderzoek te financieren. Die keuze betaalt zich uit: op 4 november 1922 stuit een medewerker van Carter in de Vallei der Koningen plotseling op een begraven traptrede.
Carter is overtuigd dat hij iets bijzonders heeft gevonden en laat direct Carnarvon overkomen. Op 26 november 1922 maakt Carter een klein gaatje in de hoek van de deur. Als de ongeduldige graaf hem vraagt of hij iets ziet, antwoordt Carter: ‘Ja, fantastische dingen.’ In het kaarslicht ziet hij honderden gouden, houten en ivoren voorwerpen, én een afgesloten deur.
Een graf vol schatten
Op 29 november opent Carter in het bijzijn van Egyptische hoogwaardigheidsbekleders de tombe, al gaan er naderhand geruchten rond dat Carter en Carnarvon in de dagen voor de opening de tombe al heimelijk hebben betreden.
Wil je niets missen van onze verhalen? Volg National Geographic op Google Discover en zie onze verhalen vaker terug in je Google-feed!
Hoewel de inbraak van Carter en Carnarvon nooit bewezen kan worden, zijn er wél sporen die de indruk wekken dat de tombe duizenden jaren eerder al is geopend. Desondanks staat de voorkamer van de tombe nog vol met grafgiften. Er worden ruim vijfduizend voorwerpen geteld, waaronder strijdwagens, meubels, beelden en sieraden.
Alle grafgiften worden uitgebreid bestudeerd en gefotografeerd, waarna ze heel voorzichtig uit de tombe worden verwijderd. Dit is een moeilijk en delicaat proces, omdat de voorwerpen in en op elkaar gestapeld zijn én vaak in slechte staat verkeren. Door eerdere overstromingen is er vocht in de graftombe gesijpeld, waardoor houten voorwerpen vervormd zijn en linnen en leren doeken deels zijn weggerot.
Op last van de EAD worden de grafgiften naar Egyptische musea en laboratoria overgebracht. Het categoriseren van alle 5398 objecten zal nog tien jaar in beslag nemen. Carter richt zijn aandacht ondertussen nu op de afgesloten deur. Wat zit daarachter?
De mummie van Toetanchamon
De deur blijkt naar de grafkamer van Toetanchamon te leiden. Hier vindt men wederom allerlei voorwerpen, waaronder de canopenkist met de ingewanden van de farao en een grote stenen grafkist, geflankeerd door houten beelden met de beeltenis van de farao.
Leestip: Nieuwe vondst laat zien hoe de orde werd gehandhaafd in het oude Egypte
Onder de grafkist blijken nog drie verschillende grafkisten te zitten. De tweede en derde grafkist zijn met hun oorspronkelijke zegel gesloten, wat betekent dat het graf van de farao zowel de grafrovers als de eeuwen ongeschonden heeft doorstaan.
Onder de vijfde kist verschijnen drie sarcofagen. De buitenste twee bestaan uit verguld hout met zilveren accenten en ze zijn versierd met de gelaatstrekken van de farao. In de binnenste sarcofaag – bestaande uit zuiver goud – vindt men, onder een gouden dodenmasker, de in linnen doeken gewikkelde mummie van Toetanchamon. De mummie blijkt in goede staat, al zijn de overblijfselen van de farao door de grote hoeveelheid gebruikte balsemzalf aan de sarcofaag vastgeplakt.
Toetanchamon wordt wereldnieuws
Door de ontdekking van de vrijwel onaangetaste tombe en zijn goed bewaard gebleven mummie wordt Toetanchamon al snel wereldnieuws. Maar Toetanchamon wordt ook bekend door de verhalen over de ‘vloek van de farao’. Zo overlijden Carnavon (1923), Carter (1939) en diens assistent Callender (1937) allemaal relatief snel na het ontdekken van de tombe.
De meeste voorwerpen uit de tombe van Toetanchamon zijn tegenwoordig in het Groot Egyptisch Museum (GEM) te bezichtigen. Toetanchamon rust, door zijn breekbare staat, echter nog steeds in zijn oorspronkelijke graf in de Vallei der Koningen.
Meer ontdekken? Krijg onbeperkt toegang tot National Geographic Premium en steun onze missie. Word vandaag nog lid!






